Deze architect maakte ingrijpende keuze: “Wie wil er nu absolute privacy?”

Architect Bruno Vanbesien weigert met zijn bureau nog woningen te bouwen in nieuwe verkavelingen of straten met lintbebouwing.
Bruno Vanbesien Architect Bruno Vanbesien weigert met zijn bureau nog woningen te bouwen in nieuwe verkavelingen of straten met lintbebouwing.
Architect Bruno Vanbesien weigert met zijn bureau nog nieuwe huizen te bouwen in nieuwe verkavelingen of straten met lintbebouwing. In een opiniestuk voor de bouwsite Livios legt hij uit dat kleiner en dichter bij elkaar wonen absoluut geen aanslag hoeft te betekenen op je privacy. Lees hier zijn tips!

+++Bruno Vanbesien heeft een architectenbureau in Brussel. Hij gelooft in het opwaarderen van bestaande stads- en dorpskernen en weigert woningen te bouwen in nieuwe verkavelingen of straten met lintbebouwing.+++

Privacy, of althans het gevoel van privacy, staat los van of je nu in de stad of op de buiten woont. Boven in een woontoren ervaar je waarschijnlijk veel meer privacy dan in een viergevelwoning in een kleine verkaveling.
Eigenlijk is absolute privacy niet eens gewenst. Veiligheid is vandaag gespreksonderwerp nummer één. Willen we echt wonen in een buurt vol afgesloten burchten zonder enige vorm van sociaal contact? Veiligheid krijg je net door sociale controle. Zonder een mix tussen publiek en privé kan je die controle wel vergeten.

Slim in de stad

In het geval van grote percelen en dito woningen zijn ontwerpfouten minder problematisch. Wie kleiner gaat wonen, moet extra goed nadenken over het concept van zijn woning. In Scandinavië of in Japan, waar deze woontrend al lang ingeburgerd is, zijn ze al veel langer bezig met privacy en denken ze gericht na over kwalitatief samenwonen.

Nog te veel appartementsgebouwen ontbreekt het aan visie en inspiratie, terwijl een goed ontwerp écht wel het verschil maakt. Dezelfde tendens zien we helaas bij stadswoningen. Ze worden te dom verbouwd. Een goed uitgekiende stadswoning of appartement heeft qua levenskwaliteit en wooncomfort nochtans kilometers voorsprong op een vrijstaande cataloguswoning op een banaal perceel.

Oriëntatie doet wonderen

Veel mensen vragen mij om een open woning te ontwerpen met heel veel lichtinval én absolute privacy. Dat kan natuurlijk niet. Een goede tip: denk na in functie van je verschillende ruimtes. Ruimtes waar je maximale privacy wenst – de badkamer bijvoorbeeld – moet je niet hetzelfde aanpakken als ruimtes waar je meestal privacy wil, zoals de slaapkamers en de leefruimtes.

Alleen al de oriëntatie kan wonderen doen. In typische oude rijwoningen zitten de keuken en de traphal meestal achteraan. Draai dit om – keuken vooraan, leefruimte achteraan – en je hebt vaak een betere situatie.

Beter hoge, smalle ramen

Licht binnentrekken of nieuwe ramen maken, is misschien moeilijker in een rijwoning dan in een vrijstaande woning. Maar je kan je afvragen wat mensen in een modale verkaveling uiteindelijk doen met dit voordeel. Vaak zie je alleen maar een paar kleine ramen aan de voorkant van de woning. En daar hangen dan nog eens gordijnen voor. Aan de zijkanten bevinden zich meestal de keuken en de garage met opnieuw een minimum aan ramen, om dan achteraan alles volledig open te gooien. Kan je dan niet even goed in een rijwoning in de stad wonen met alle bijkomende voordelen van dien?

Als je staat op je privacy, neem je misschien beter hogere, maar smallere ramen. Hoe hoger ramen in je gevel zitten, hoe meer licht ze binnenbrengen. Vanaf een bepaalde hoogte krijg je ook geen binnenkijk meer. Hoge plafonds in combinatie met hoge ramen doen wonderen.

Ten slotte zijn er een aantal specifieke oplossingen, zoals vides, binnentuinen, daklichten, ramen met diepe stijlen of claustra-metselwerk (met extra ruimte tussen twee bakstenen, zodat licht gemakkelijk binnen kan, red.). Maar deze moet je project per project evalueren. Gordijnen alleen volstaan meestal niet.

Akoestische privacy

Hoe dichter je op je buren woont, hoe belangrijker technische oplossingen. Het probleem is dat veel mensen in oude appartementen wonen. In blokken uit de jaren 50, gebouwd zonder enige visie of kwaliteit. De akoestische privacy is er ondermaats. Al is er doorheen de jaren veel vooruitgang geboekt.

Akoestiek is en blijft iets zeer technisch. Elke architect, aannemer of andere bouwpartner moet hier voldoende aandacht aan besteden en mee zijn met de laatste ontwikkelingen. Zelfbouwers weten hier weinig vanaf. Degelijk advies en opvolging zijn noodzakelijk.

Lees ook:

Aannemer experimenteert met miniflats voor 100.000 euro
Bereken de kostprijs van je nieuwbouw
Binnenkijken in een mini-appartement
Roadtrippen in een minivilla
“Moeten vechten voor elke vierkante centimeter”
De 6 puzzelstukken van een kleine badkamer





11 reacties

Je naam en voornaam verschijnen bij je reactie
Door het plaatsten van een reactie, ga je akkoord met de gedragsregels


  • Emi De graeve

    Mag ik met mijn kleine voetafdruk nog wat gerust als filosofische kluizenaar leven ? Ik wil niet in een huis met een visaquarium gevoel of waar ik de soep van mijn buren ruik en moet luisteren naar hun muziek.

  • Robert Tijsmans

    De nieuwe dictators willen iedereen dwingen om in de stad te wonen want mensen op het platteland hebben teveel gezond verstand en zijn niet zo makkelijk te indoctrineren met politiek correcte onzin.

  • karin verwimp

    Net die kwakkel zijn naam genoteerd voor de toekomst. Als ik ooit het geld heb voor een eigen huisje ga ik dat zeker nooit door die gast laten ontwerpen. En zal het ook geen hokje in een duivenkot worden zoals Laetitia dat wil. Maar een klein ecologisch huisje met de dichtsbijzijnde buur op vijf min rijden. Met de auto...

  • Juliette Francois

    Ga maar lekker in groep wonen, Laetitia. Maar ook niet te groen worden ,(milieu of toch jaloezie?) ,omdat mensen ervoor kiezen om hard te werken voor hun grond en hun woonst om in alle rust te kunnen leven ...

  • vandekempen bart

    ik bouwde hoe en waar ik wil. weg van de regressieve geseggregeerde en agressieve stadscultuur. ben daar nog elke dag blij om.