VUB-wetenschapper ontwikkelt robots die zichzelf kunnen herstellen

Beeld ter illustratie.
Getty Images/iStockphoto Beeld ter illustratie.
Seppe Terryn, een wetenschapper aan de Vrije Universiteit Brussel, heeft speciale polymeren ontwikkeld die zelfherstellend zijn. Die polymeren zorgen ervoor dat robots zichzelf repareren na schade. Dat heeft de VUB vandaag bekendgemaakt. 

De polymeren zijn specifiek bedoeld voor 'soft robots': robots uit zachte en flexibele materialen. Die worden steeds vaker ingezet, en hebben het voordeel dat ze veiliger zijn om mee samen te werken voor mensen. Nadeel is dat ze erg kwetsbaar zijn voor schade door scherpe voorwerpen of overmatige druk. Een herstelling is erg duur.

Herstellen door opwarming

Voor zijn doctoraat aan de VUB ontwikkelde Seppe Terryn zelfherstellende polymeren voor robots. Polymeren zijn verbindingen van dezelfde reeks moleculen. Het gaat om materiaal dat op microscopisch niveau te vergelijken is met een 3D spinnenweb. Als de robot zichzelf snijdt, breekt het web. "We kunnen het herstellen door het polymeer op te warmen tot 80 graden. Bij die temperatuur komen er knooppunten in het spinnenweb los en verhoogt de mobiliteit van het polymeer, waardoor de snee zich vult. Wanneer het materiaal terug afkoelt, vormt het spinnenweb zich opnieuw en is de kwetsuur verdwenen", legt Terryn uit. 

De polymeren herstellen sneller dan mensenhuid. Na 40 minuten is een breuk gedicht, na een nacht is de robot zo goed als nieuw. "Dankzij deze oplossing is een kapotte robot geen ramp meer, wat vandaag door ingewikkelde reparaties nog wel het geval is", legt Terryn uit. 

Einddoel van het onderzoek - samen met andere universiteiten - is een robot bouwen die zelf via sensoren of software schade aanvoelt en zichzelf dan gaat herstellen.