Vroege moderne mens werd niet ouder dan neanderthaler

Een neanderthaler.
UNKNOWN Een neanderthaler.
Het uitsterven van de neanderthalers laat zich vermoedelijk niet verklaren door een geringere levensverwachting. Ook de vroege moderne mensen, die vanuit Afrika komend snel uitzwermden over de continenten, werden niet bijzonder oud, zo blijkt uit een onderzoek van de Amerikaanse antropoloog Erik Trinkaus, gepubliceerd in het vakblad Proceedings van de Amerikaans Academie voor Wetenschappen.

Trinkaus vergeleek de leeftijd bij overlijden van twee zogenaamde archaïsche mensen, vooral neanderthalers, met dat van twee groepen van vroege moderne mensen. Hij keek hoeveel twintig- tot veertigjarigen er waren, en hoeveel er volwassenen van meer dan veertig jaar waren. In alle drie de groepen waren er zeer weinig oude mensen.
 
Waarschijnlijk hebben rondtrekkende groepen oudere mensen omwille van ouderdomsverschijnselen of die niet meer mobiel genoeg waren, achtergelaten en zijn ze in bepaalde omstandigheden door wilde dieren opgegeten, zo luidt een mogelijke verklaring. Zo zijn hun overblijfselen niet meer te vinden in paleontologische data. Het is ook denkbaar dat de resten van oudere individuen over duizenden jaren heen minder goed bewaard bleven dan die van jonge mensen of dat de ouderdomsschatting op de skeletresten niet betrouwbaar genoeg is.
 
Als er een demografisch voordeel voor de moderne mens zou zijn, zou dit het gevolg kunnen zijn van hogere vruchtbaarheid of lagere kindersterfte. (belga/vsv)