Primeur: lichtflits wanneer spermacel eicel raakt

Kijk eens naar het vogeltje: zonder het te weten, is dat het eerste wat we deden. Want wanneer een zaadcel van de man in contact komt met een eicel bij de vrouw, dan flitst de eicel. Dat fenomeen is al eerder geobserveerd bij dieren, maar nog nooit bij de menselijke voortplanting. Tot nu.

Wetenschappers van de Northwestern universiteit van Chicago hebben de lichtflits van eicellen vastgelegd. Opmerkelijk is dat de helderheid van de flits iets zegt over de gezondheid van het kind-in-wording. Een felle flits is een indicatie dat de eicel tot een gezonde embryo gaat ontwikkelen.

Twee uur vuurwerk
De flits wordt veroorzaakt doordat piepkleine zinkdeeltjes exploderen. Wanneer een eicel doorboord wordt door een spermacel, worden miljarden zinkatomen losgelaten. Een nieuwe sensor volgt de beweging van zink in levende cellen. Het vuurwerk van zink begint kort na de bevruchting en duurt ongeveer twee uur.

In een nieuwe video is de zinkflits te zien. "Het is fascinerend", zegt onderzoekster Teresa Woodruff. "Het is duidelijk zichtbaar dat de eicellen zink uitstralen. Bijzonder, omdat we dit fenomeen pas vijf jaar geleden hebben ontdekt in muizen".

Hoop voor IVF-behandelingen
Het onderzoek biedt hoop voor koppels die IVF-behandelingen ondergaan. Ongeveer de helft van de bevruchte eitjes ontwikkelen zich niet goed. "We kunnen een makkelijke en niet-invasieve methode ontwikkelen om de gezondheid van een eicel - en uiteindelijk van een te plaatsen embryo - te meten", zegt onderzoeker Eve Feinberg. "Op dit moment kunnen artsen niets zeggen over de kwaliteit van een eicel".

Selectie eicellen
"Als je naar de zinkflits op het moment van de bevruchting kan kijken, weet je meteen welke eicellen geschikt zijn om een IVF-behandeling mee te starten. Het is een manier om de eicelkwaliteit te beoordelen, wat we voordien niet konden. Alle biologie begint op het moment van de bevruchting, maar we weten haast niets over wat er op dat ogenblik in het menselijk lichaam gebeurt", aldus nog Eve Feinberg, die meewerkte aan de studie.