Nieuwe theorie: "Titanic zonk niet door ijsberg"

afp
Dé bootramp van de vorige eeuw? Dat moet wel de Titanic geweest zijn. Het 'onzinkbare' schip gaf leven aan talloze documentaires, boeken en een Hollywoodfilm, maar over het algemeen was iedereen het erover eens dat een ijsberg het schip fataal werd. Tot nu, want een nieuwe theorie stelt dat die ijsberg niet de grootste boosdoener was.

In 10 april 1912 vertrok het grootste passagiersschip ter wereld (toen toch) vanuit Southampton richting New York. Het was de eerste reis van de Titanic, en er werd luid verkondigd dat het ijzeren gevaarte onzinkbaar was. Amper vier dagen later ging het schip ten onder ergens in de Atlantische Oceaan. 1522 opvarenden kwamen om het leven.

De vraag 'hoe kon dit in godsnaam gebeuren' hield iedereen de komende decennia in de ban. Er werd geconcludeerd dat het schip met een te grote snelheid op een enorme ijsberg was gebotst en zo te veel schade had opgelopen om te blijven drijven. Maar waarom het zogezegd onzinkbare schip het zo snel begaf, daarnaar bleef het gissen. Heel wat theorieën deden al de ronde, waaronder het gebruik van staal van mindere kwaliteit bij de bouw van het schip.

Een computerprojectie van de Titanic, naast een ijsberg in de buurt van Groenland
EPA Een computerprojectie van de Titanic, naast een ijsberg in de buurt van Groenland

Brand in de kolenkamers
En nu is er een nieuwe theorie, afkomstig van journalist Senan Molony, die de ramp al 30 jaar onderzoekt. De man bestudeerde ook oude foto's die genomen werden door de elektrische ingenieurs bij de bouw van het schip, op de scheepswerf van Belfast. Op die beelden kon hij nu lange, zwarte vlekken opmerken, ongeveer op dezelfde plek waar later ook de ijsberg het schip raakte. "Het ziet ernaar uit dat het schip al schade of verzwakkingen opliep voor het nog maar de scheepswerf uit was", meldt hij.

Hij vermoedt dat de vlekken eigenlijk brandsporen zijn, die ontstonden toen de kolenkamers vuur vatten. "Experts vertellen ons dat het staal tot wel 75 procent van zijn sterkte verliest als het langdurig wordt blootgesteld aan de temperaturen van de brand." De brand zou echter in de doofpot gestopt zijn door rederij White Star Line, die het schip dringend nodig had om stand te houden tegen de moordende concurrentie. Het schip zou zelfs achterwaarts de baai van Southampton binnengetrokken zijn, zodat het volk om de kaai de schade niet zou zien. Toen de Titanic dan vier dagen later de ijsberg raakte, maakte het verzwakte staal geen schijn van kans.

Gelijkaardige theorie
De hypothese van Molony komt trouwens gedeeltelijk overeen met die van ingenieur Robert Essenhigh van de Ohio State University. Die vermoedde in 2004 al dat een brand de structuur van het schip verzwakt had. Hij concludeerde dat uit archieven van de havenbrandweer van Southampton, die volgens hem meldden dat er een kruipvuur ontstaan was in de kolenbunker net voor het vertrek. Die brand zou doorheen de reis niet volledig gedoofd zijn. Dat zou volgens hem ook de reden geweest zijn van het erg hoge tempo van de Titanic, die niet gebouwd was om snel te zijn: hoe meer kolen er verbrand werden, hoe sneller de onderliggende brand gedoofd kon worden.