Ga naar de mobiele website
^ Top

Onze reporters in Somaliland, waar hongersnood bevolking extra hard treft: "Wereld lijkt ons vergeten"

Benoit De Freine
"Water en voedsel asjeblieft. Vandaag nog, want morgen is het te laat." De schreeuw om hulp in de landen die kreunen onder de hongersnood is nooit groter geweest dan vandaag. 20 miljoen mensen in de Hoorn van Afrika hebben geen eten en geen drinken. Hun vee sterft en de overblijvende dieren vreten aan de kadavers. De situatie is schrijnend, stellen onze reporters ter plaatse vast.

In Zuid-Soedan, Jemen, Somalië en Nigeria dreigt de grootste humanitaire crisis sinds 1945, zeggen de Verenigde Naties vandaag. Maar eigenlijk is er al lang geen sprake meer van een dreiging. De crisis is er gewoon en is de ergste die we ooit gezien hebben.

We trokken naar Somaliland, een land met vier miljoen inwoners. Lang geleden afgescheurd van Somalië en door de internationale gemeenschap nooit erkend. En dus laat internationale hulp er ook langer op zich wachten. Lang niet alle grote ngo's zijn er actief. Maar net als in in de omringende landen heerst hier hongersnood. Er sterven mensen. Meer dan de helft van de inwoners, dik 2,5 miljoen, heeft honger. Elke dag. Al lang.

De grond waar we over stappen, is kurkdroog. Drie jaar op rij zijn de regens uitgebleven. De veestapel in Somaliland is bijna gehalveerd, van 18 miljoen stuks naar minder dan 10 miljoen. En dat is erg om verschillende redenen. Vee is het belangrijkste en misschien wel enige exportproduct van Somaliland. Maar vandaag is er niks meer. De kadavers van de beesten liggen verspreid. En de dieren die nog leven, vreten wat aan de kadavers van hun dode soortgenoten. Het land staat op de rand van de afgrond.

Gratis soldaat
In hoofdstad Hargeisa ontmoeten fotograaf Benoit en ik Ilhan M'hamad Jama van het Drought Committee, het 'droogtecomité'. Anderhalf jaar geleden opgericht toen er voor het tweede jaar op rij haast geen druppel regen uit de hemel was gevallen. De overheid vond dat er iets moest gebeuren. Een taks heffen en zo geld bij de mensen vragen, vond ze maar niks. Dus werd het een comité - eentje dat sméékt om geld. "In deze tijd halen we wekelijks 100.000 dollar op om water en voedsel te kopen en te transporteren", zegt Ilhan. "Maar het is te weinig. Véél te weinig." Ilhan belt en regelt voortdurend voedseltransporten naar uithoeken van het land. "We hebben net voor 20.000 gezinnen voedselpakketten gekregen uit buurlanden Ethiopië en Djibouti", zegt ze. "En dankzij giften van Somalilanders hebben we dat kunnen verdubbelen." Veertigduizend pakketten, dus. Onmiddellijk te verdelen. Onder pakweg een half miljoen gezinnen van vijf personen. "Druppels op hete platen", zucht Ilhan. "Maar het is alles wat we hebben. De internationale gemeenschap lijkt ons een beetje vergeten te zijn. Jammer."

Een hoop van die pakketten moet dringend naar Wajaale, een plek op de grens met Ethiopië. De droogte heeft duizenden Somalilanders met heel hun hebben en houden doen vluchten. Richting een beter leven. Klimaatvluchtelingen als het ware. Veel van hen zijn gestrand rond Wajaale, waar het, als we heel eerlijk mogen zijn, niet veel beter is.

We arrangeren een tolk en een chauffeur met een terreinwagen. Dure, gewapende veiligheidsmensen die ons aangeboden worden - "ons land is wel veilig, maar je maar weet nooit" - laten we in samenspraak met onze tolk liefst achter in Hadeisa. Niet nodig. We voelen ons geen seconde onveilig. Somaliland is niet het land van piraten, terroristen en extremisten. En we kopen van dat geld dus liever wat water om onderweg uit te delen.

Het blijkt niet de allerbeste keuze, want wanneer we na een urenlange hobbelige rit eindelijk Wajaale bereiken, stuurt de lokale burgemeester ons eerst gewoon terug naar huis. "Geen veiligheidsmensen? Geen toegang tot mijn dorp. Hongerige mensen kunnen extreem vreemd uit de hoek komen", zegt hij. Maar na wat gediscussieer mogen we toch verder. Onder begeleiding van één van zijn beste soldaten. Gratis. Of toch bijna. Hij kan gewoon in de terreinwagen blijven zitten, want de vluchtelingen die we ontmoeten, zijn naast hongerig alleen maar extreem radeloos.

Uw reporters in Somaliland. Journalist Kurt Wertelaers en fotograaf Benoit De Freine.
rv Uw reporters in Somaliland. Journalist Kurt Wertelaers en fotograaf Benoit De Freine.

Altijd te weinig

"Vijf maanden geleden al zijn we gevlucht voor de droogte", zeggen Noor, Hayde en Mona Yousef, drie vrouwen. Twee van hen zijn weduwe. Samen hebben ze vijf kinderen, tussen de 9 maanden en 9 jaar. Van waar komen ze, vragen we. Ze wijzen richting oosten, waar Somaliland nog erger getroffen is door de droogte. "Na wat rondzwerven hebben we ons hier uiteindelijk geïnstalleerd", zeggen ze. 'Hier' is een plekje in de dorre vlakte op een kwartiertje rijden van Wajaale. Hun 'thuis' zijn drie kleine hutjes tussen hun twintig geiten. "Het grootste deel van onze veestapel heeft het niet overleefd en is onderweg gestorven."

Op het terrein tussen de hutjes lopen de resterende, magere geiten rond. "Dat is onze rijkdom nog", zeggen ze. "Het is niet veel meer. Het is alles wat we hebben." De lokale burgemeester liet hen een tijd geleden zakken voedsel brengen. "Maar dat is al maanden geleden", zeggen ze. "Sindsdien hebben we niets meer gehad." Maar daar komt dus verandering in. Het droogtecomité is onderweg met de tonnen voedsel. Het konvooi komt wellicht morgen, dinsdag, toe.

"Dan wordt het verzamelen geblazen aan een politiepost buiten de stad", zegt burgemeester Adan Elmi met enige trots. Hij is de gezagsdrager die alles in goede banen moet leiden. "Kom gerust kijken", zegt hij "We verwachten een stuk of acht vrachtwagens vol zakken met voedsel. Rijst, bloem, suiker en olie. Maar we weten nu al dat het te weinig gaat zijn."

De voorbije dagen waren er elders in Somaliland gelijkaardige voedselbedelingen. Pakketten voor pakweg 100 families leveren op een plek waar vijfhonderd uitgehongerde gezinnen zitten. "Ik moet u er geen tekening bij maken dat het soms uit de hand kan lopen."

Na een dag zijn we zwaar onder de indruk van de ellende die heerst in het land. En dit is dan nog maar Wajaale, een verwaarloosbaar klein plekje waar er officieel niet eens sprake is van hongersnood. In het oosten van Somaliland, waar de vrouwen en de kinderen vandaan kwamen, moet de situatie nog veel en veel erger zijn.

Fotograaf Benoit en ik willen zo snel mogelijk die richting uit trekken. Maar we hebben burgemeester Elmi beloofd dat we eerst bij zijn voedselbedeling aanwezig zullen zijn. Het eerste voedsel dat ze in maanden krijgen.

Consortium 1212 is op zoek naar giften om de honger in de Hoorn van Afrika te bestrijden. Rekeningnummer: BE19 0000 0000 1212.

Benoit De Freine
Meer over



21 reacties

Je naam en voornaam verschijnen bij je reactie
Door het plaatsten van een reactie, ga je akkoord met de gedragsregels


  • N A

    Dat ze al is beginnen met geen kinderen te maken, dat zou al veel zijn ! Eigenlijk is dat kindermishandeling, kinderen maken en weten dat je dat geen eten kunt geven , walgelijk eigenlijk!

  • Verduyckt Kim

    Betreft kinderen: Vergeet niet ginder de kinderen voor de ouders moeten zorgen. Hoe meer kinderen hoe veiliger je oude dag is. Daar hebbe ze geen ocmw, ouderenzorg of pensioen hé

  • Dirk de Grave

    Zo lang herkolonisatie onbespreekbaar is zal de miserie daar blijven duren.

  • Carine De ware

    Heel erg allemaal maar waarom hebben ze ginds nog nooit van een condoom of de pil gehoord? Als er geen eten is,waarom zo heel vaak die vrouwen zwanger maken?

  • V?ronique Delvaux

    Dit is al jaar en dag aan de gang! Wat is er met geld van al die jaren gebeurd??? Toen vroeg men ook al om te steunen!!Niks verbetering te zien!! Voor de hoge pieten zeker!! Schandalig!!

Gesponsord

Meld een bug