2012, Jaar van Grote Dooi?

De lijn toont tot waar het ijs in de zomer nog kwam, gemiddeld in de periode 1979-2000
De lijn toont tot waar het ijs in de zomer nog kwam, gemiddeld in de periode 1979-2000
Hoe gaat 2012 in de geschiedenisboeken komen te staan, en dan zeker die van enkele generaties na ons? Sinds gisteren, het officiële einde van het dooiseizoen in het noordpoolgebied, hebben we een vermoeden. 2012 zou wel eens The Year of the Great Melt kunnen worden. Het ijs aan de noordpool smolt aan een hallucinante snelheid; ook aan het eind van het dooiseizoen. Sinds eind augustus: 103599.5 km² per dag. Dat is meer dan drie keer de oppervlakte van ons land, elke dag. In totaal smolt deze zomer 11.700.000 km² poolijs. Wie de noordpool nog eens wil zien, mag er werk van beginnen maken: tegen 2030 is hij tijdens de zomermaanden wellicht helemaal verdwenen. De dooi van dit jaar verraste zelfs pessimistische klimaatwetenschappers.

De Grote Dooi is nog omvangrijker dan de cijfers hierboven, want we weten sinds deze week dat satellieten te weinig meten, dat hebben researchschepen ter plaatse vastgesteld. Volgens de satellietfoto's zaten die nog temidden het pakijs, terwijl ze in realiteit gewoon konden doorvaren.

Volgens de satellieten is het overigens al meer dan erg genoeg. Deze zomer smolt 600.000 km² meer poolijs dan bij het vorige record. Op dit eigenste moment is de ijskaap 3.490.000 km² groot. 11,7 miljoen km² is verdwenen sinds het inzetten van de dooi dit jaar. Het betekent dat de ijskap 22 procent sneller aan het smelten is dan de meest sombere voorspellingen van ondermeer het klimaatpanel van de VN. In 1970 was het arctische ijspak in de zomer meer dan twee keer groter dan die nu is.

En, zeggen metereologen, in 2007, het vorige recordjaar, waren de weersomstandigheden de hele arctische zomer quasi perfect voor de dooi, maar in 2012 was dat niet eens het geval. "We zijn wellicht op het punt gekomen dat het er niet eens meer toe doet hoe het weer is, maar dat het ijs sowieso gaat smelten in de zomer", zegt  Julienne Stroeve van het NSIDC.

Het heeft te maken met de dikte en de dichtheid van het ijs. Die wordt elk jaar kleiner omdat er elk jaar minder ijs is. Want hou ouder het ijs, hoe dikker, hoe minder snel het smelt. En zo kan je er al vanuit gaan dat het ijs dat nu weer gaat beginnen vormen, volgend jaar sowieso smelt. Voeg daar nog een albedo-effect aan toe (donkere oppervlakken warmen sneller op).

20 jaar aan CO²-uitstoot
Als dit doorgaat is de noordpool binnen 20 jaar ijsvrij in de zomer. De impact van ijsvrije poolzomers staat gelijk met het bijvoegen van 20 jaar aan wereldwijde CO²-uitstoot.

Hoe slecht is dit nieuws? Misschien denkt u nog simpelweg dat het niet uitmaakt, want het volume van de zee verandert uiteindelijk niet, we hebben al bij al een aardige tweede zomerhelft gehad, en het is ooit allemaal wel eerder gebeurd, en zie: we zijn hier toch maar.

Dat laatste klopt, maar verdient een paar nuances. Het is alvast zeker langer dan 700.000 jaar geleden dat de noordpool nog helemaal ijsvrij was in de zomer, en toen had de mens (neanderthalers) er niks mee te maken, terwijl we het deze keer wel zelf veroorzaken. Er zijn mensen die dat niet geloven, zoals er nog altijd mensen zijn die geloven dat Adam en Eva 6.000 jaar geleden op dino's door het paradijs reden.

Regelaar
De noordpool zoals we hem kennen - met ijs dus - speelt een immense rol als regelaar van ons globale klimaat. Veranderingen in de temperatuur van het water (en daardoor ook van de lucht) in die regio, hebben dan ook een impact op ons hele systeem. Om het simpel te houden: minder zee-ijs, betekent een nog snellere opwarming van ons klimaat. Het betekent ook dat de gletsjers van Groenland sneller gaan smelten, waardoor het zeeniveau wél gaat stijgen, dat de permafrost vol methaan gaat dooien, waardoor er nog meer broeikasgassen in de atmosfeer komen en de klimaatsopwarming nog sneller zal gaan.

Het meest perverse is misschien nog de vaststelling dat de mensheid het gegeven van deze dramatische dooi in de praktijk niet interpreteert als een schrikbarende waarschuwing, maar als een opportuniteit om het hele proces nog wat te gaan versnellen. Het gaat immers makkelijk worden om naar olie en andere fossiele brandstoffen te gaan boren in het arctisch gebied. De race om putten te slaan is al volop aan de gang.