Vlaming legt laatste uren van mannetjesleeuw vast voor hij werd afgemaakt

AP
Enkele uren voor de populaire mannetjesleeuw Cecil in Zimbabwe ten prooi viel aan een Amerikaanse jager kon Vlaming Robert Mucha het dier nog uitgebreid fotograferen en filmen.

Een maand geleden schoot de rijke tandarts Walter Palmer (55) het pronkstuk van het Hwange National Park in Zimbabwe dood. De 13-jarige Cecil de leeuw werd 's nachts door Palmer en twee begeleiders uit het park gelokt met lokaas en eerst verwond met een pijl uit een kruisboog. 's Anderendaags volgden de stropers het bloedspoor en gaven ze Cecil het genadeschot, na een lijdensweg van 40 uren.

"Het ging duidelijk om een daad van stroperij", zegt Robert Mucha uit Deurne, die safaritoeristen begeleidt in Zimbabwe en Cecil goed kende. "Het dier werd opzettelijk tot buiten het park gelokt. Ik ben er bovendien zeker van dat er ook parkwachters bij het complot betrokken waren. Zij hebben zich laten omkopen. Dat is er schering en inslag. Maar wat wil je? Eén leeuwentand brengt meer op dan wat zij aan loon verdienen in een jaar tijd."

Het had trouwens niet veel gescheeld of Palmer had daarnaast ook nog een olifant afgemaakt. Volgens The Telegraph vroeg hij na het doden van Cecil aan zijn gids of die hem een olifant kon vinden waarvan de slagtanden meer dan 63 pond wogen. Toen die antwoordde dat dieren van dergelijke grootte niet in de omgeving te vinden zijn, gaf Palmer die zoektocht op. De gids beweert daarnaast dat ze niet wisten dat Cecil beschermd was, omdat ze hem neerschoten toen het donker was. "We zagen zijn halsband niet", klinkt het. Hij ontkent daarmee dat ze het dier buiten het reservaat lokten.


LEES ER MEER OVER VANDAAG IN HET LAATSTE NIEUWS, OOK VERKRIJGBAAR IN DIGITALE VERSIE.

Filmpje

Dit zijn de videobeelden die Mucha nog maakte van Cecil, luttele uren voor diens dood.

Je cookie instellingen zorgen ervoor dat deze inhoud niet getoond wordt.
Pas je cookie instellingen aan.


Hoewel de wereld op zijn kop staat om de dood van Cecil, laten vele natuurbeschermingsinstanties weten dat het probleem in Zimbabwe veel groter is dan we denken. Sinds Mugabe in 2000 heel wat eigendommen herverdeelde - voornamelijk onder vooraanstaanden en ministers - heerst er armoede in het land. De handel in bedreigde diersoorten en stropen mag dan illegaal zijn, er valt ook veel geld mee te verdienen.

Zo sneuvelden in 2013 alleen al 49 leeuwen. De Public Libarary of Science schat dat er tussen '96 en '06 bijna honderd leeuwen per jaar afgemaakt werden, en sindsdien zo'n 43 per jaar. En niet alleen leeuwen lopen gevaar: tussen 2003 en 2005 werd naar schatting 60 procent van de neushoorns gedood in het land. En ook olifanten lopen gevaar, aangezien een set slagtanden algauw meer dan 16.000 dollar kan opleveren op de zwarte markt. In 2013 kwamen 300 dieren om toen stropers het drinkwater vergiftigden met cyanide.