Exclusief voor abonnees

Doorbreken als tiener bij Club, een loodzware opgave: "Goed is niet goed genoeg. Ze moeten de beste zijn"

Openda en Baiye op training.
Florian Van Eenoo photonews Openda en Baiye op training.
Als tiener doorbreken in de hoofdmacht van een Belgische topclub, het wordt steeds lastiger. Ook bij Club Brugge zijn de jonkies die daar de jongste tien jaar in geslaagd zijn op één hand te tellen. Al is er na het debuut van Brandon Baiye (17) en Loïs Openda (18) opnieuw hoop op Olympia.

Terwijl Club Brugge speurt naar een diepe spits en een controlerende middenvelder, liet Ivan Leko de voorbije weken een eigen opgeleide nummer 9 en nummer 6 debuteren. Zonder twijfelen gooide hij Brandon Baiye en Loïs Openda voor de leeuwen - twee tieners die sinds de start van de voorbereiding deel uitmaken van de A-kern. Tot groot jolijt van de supporters, die de blauw-zwarte traditie van zelf opgeleide spelers steeds meer zien afbrokkelen. Sinds de gouden generatie rond de eeuwwisseling - Geraerts, Maertens, Cornelis en Smolders - hebben eigen jongeren quasi geen rol van betekenis gespeeld in de A-ploeg. Adrie Koster gaf tevergeefs kansen aan Van Acker, Deschilder, De Jonghe en Vansteenkiste. Onder Garrido braken Mechele en Engels door, maar moesten Dierckx, Bolingoli en Verstraete afzwaaien. Oulare was onder Preud'homme een twijfelgeval, maar ook Storm, Coopman en Vlietinck konden het niet waarmaken. De generatie van Vandelanoitte en Verbauwhede kwam gemiddeld ook niet verder dan een twintigtal wedstrijden.

Dit artikel is exclusief
voor abonnees.

Word ook abonnee en lees onbeperkt alle artikels. Meer dan 200.000 mensen gingen je voor.

  • Krijg onbeperkt toegangLees alle artikels via de site en app
  • Lees 2 weken gratisNadien slechts €6,95 per 4 weken
  • Stop wanneer je wilOok tijdens jouw proefperiode
Lees 2 weken gratis