Renners geven aan: "Klassieker kan je winnen zonder doping"

Greg Van Avermaet aan het werk in de Ronde van Qatar.
BELGA Greg Van Avermaet aan het werk in de Ronde van Qatar.
Uit een enquête van Sporza bij de Vlaamse profwielrenners blijkt dat de Vlaamse profrenner houdt van zijn job, maar de wielerwereld wel een harde wereld vindt en meer psychologische begeleiding noodzakelijk is. Sporza-wielerjournalist Christophe Vandegoor schreef deze winter 90 renners aan en 54 van hen (=60%) vulde de enquête in.

De Vlaamse profrenner houdt van zijn job. 92% zegt dat hij zeer gelukkig is als prof. Het merendeel stelt dat hij zijn fiets heel graag ziet en gewoon heel graag fietst en dat daarin zijn simpele verklaring ligt waarom hij dit vak met plezier beoefent. Ook houden renners van de vrijheid die het fietsbestaan met zich meebrengt en van het feit dat hij min of meer zijn eigen baas kan zijn als profrenner. Dat antwoord wordt in 70% van de gevallen gegeven. Ook het op pad zijn met kameraden en ploegmaats wordt als een positieve eigenschap van het beroep ervaren. Veel meer dan het verdienen van geld of het krijgen van aandacht.

Hoewel het merendeel houdt van zijn job, vindt 87% het wielrennen een harde wereld. "Nogal wat renners ervaren de druk om constant te presteren in een onzekere en achterbakse wereld, waar je meestal in de pas moet lopen en vriendjespolitiek niet onbelangrijk is. Velen besluiten dat het ieder voor zich is. Rekening houdende met de vele opofferingen en de grote uithuizigheid, maakt dat het profleven tot een hard bestaan."

Opvallend op de vraag of ze ernstig met hun vak bezig zijn antwoordt maar liefst 38% dat het beter kan. Als het gaat over voeding vindt de Vlaamse profrenner dat hij daar nog wel verbeteringen kan doorvoeren.

68% van de Vlaamse profrenners zegt dat er onvoldoende psychologische begeleiding is in het wielrennen. "Dat is toch een hoog cijfer", aldus Vandegoor. "Renners maken duidelijk dat er soms wel initiatieven zijn, maar dat die een snelle dood sterven en dat er geen opvolging of geen geld voor is."

Ploegleiders moeten niet vrezen voor hun job, want 82% van de respondenten vindt dat ze nodig zijn. "18% vindt van niet. En die antwoorden komen vooral van oudere/ervaren renners", ziet Vandegoor. "Opvallend: ploegleiders zijn vooral nodig omdat ze de renners kunnen helpen bij pech. Pas daarna komen de tactische redenen. Een ploegleider wordt ook beetje aangezien als een eindverantwoordelijke die knopen doorhakt en ervoor zorgt dat ploegmaats elkaar niet voor de wielen rijden.

Over de oortjes zijn de meningen verdeeld. "60% van de Vlaamse profrenners vindt dat 'oortjes' nodig zijn. Van de renners die oortjes nodig achten, geeft net de helft daarvoor als belangrijkste reden het doorgeven van de gevaarlijke punten. Gevolgd door informatie doorgeven. Tactische redenen worden opvallend genoeg, niet of amper vermeld.

Tom Boonen in de Ronde van Oman.
Tim De Waele Tom Boonen in de Ronde van Oman.

"Klassieker kan je winnen zonder doping"

In de enquête van Sporza werd ook gepeild naar doping in het wielrennen. Negen op tien van de bevraagden stelt dat het wielrennen zuiverder is dan vroeger. "En 92% vindt dat je een klassieker kan winnen zonder doping", aldus Vandegoor. "Over grote rondes blijven de antwoorden op de vlakte. Misschien is dit een sociaal wenselijk antwoord en schuilt er een grotere waarheid tussen de lijnen. Maar het zou ook effectief zo kunnen zijn dat onze correspondenten zich hierover niet durven uit te spreken omdat een groot deel van het Vlaamse wielerpeloton nog geen grote ronde heeft gereden."

De Vlaamse profrenner is hard ten opzichte van zware dopingvergrijpen. Bijna zes op tien pleit voor een levenslange schorsing bij een zwaar dopingvergrijp. De andere voorstellen gaan van 2 jaar tot 12 jaar schorsing.

Over een herkansing voor dopeurs zijn de meningen verdeeld. "54% vindt dat een herkansing niet moet worden toegestaan. "De vaststelling blijft dat ongeveer de helft van de respondenten een vergevingsgezinde houding heeft", meent Vandegoor. "Het is niet omdat je vroeger EPO genomen hebt in een periode dat iedereen het deed, dat je daarom nu een slechte ploegleider zou zijn of jonge renners aanzet om ook doping te nemen."