"Op vlak van gendergelijkheid is de paardensport met voorsprong olympisch kampioen"

Ingmar De Vos (rechts) met IOC-voorzitter Thomas Bach.
photonews Ingmar De Vos (rechts) met IOC-voorzitter Thomas Bach.
Bij het begin van een jaar waarin de vierjaarlijkse Wereldruiterspelen in het Amerikaanse Tryon de apotheose moeten vormen voor de paardensport, leek het ons logisch om met de voorzitter van de Internationale Ruiterportfederatie FEI, de 54-jarige Vlaming Ingmar De Vos, terug de blikken op zijn verwezenlijkingen tijdens zijn eerste ambtstermijn en vooruit te blikken op de toekomst rond Olympische Spelen, sociale media, de rol van België en China, dierenwelzijn, seksueel grensoverschrijdend gedrag en gendergelijkheid. De rode draad in zijn beleid is: resultaten boeken door met alle betrokken partijen overleg te plegen in het belang van de paardensport.

Ingmar De Vos staat voor eeuwig en altijd in de geschiedenisboeken van de ruitersport als de eerste niet-aristocratische voorzitter van de FEI. Op 14 december 2014 begon hij aan zijn eerste vier jaar durende ambtstermijn als voorzitter van de internationale ruitersportfederatie en op 15 september 2017 werd hij verkozen tot lid van het IOC waarbij hij van 70 van de 78 stemgerechtigden de steun kreeg. Zijn beleid van intens overleg, goed bestuur , de modernisering van de Olympische wedstrijdformules en de inbreng van de FEI tijdens de Olympische Spelen van Rio de Janeiro in 2016 lagen aan de basis van zijn indrukwekkende verkiezing tot lid van het Internationaal Olympisch Comité.

Het succesjaar 2017

"De organisatoren van het Amerikaanse Omaha hebben de finale van de Wereldbekers jumping en dressuur naar een hoger niveau getild", begint Ingmar De Vos aan zijn succesjaar 2017. "Parijs en Las Vegas hebben daaruit afgeleid dat zij, als eerstvolgende inrichters, een tandje zullen moeten bij steken. Algemeen is in onze sport het aantal wedstrijden mondiaal met 5 procent gestegen met China als sterkste groeipool. En ten slotte slaagden we er als FEI in om een sterke sponsor als Longines langdurig aan de Nations Cup te binden. Dat was nodig om onze concurrentiepositie ten opzichte van andere regelmatigheidscriteria zoals de Global Champions Tour en Global Champions League te verstevigen".

"Persoonlijk was de verkiezing als IOC-lid niet alleen een grote eer voor mij maar nog meer een heel groot dankwoord voor de nieuwe Olympische formaten die na meer dan twee jaar overleg door een ruime meerderheid van onze leden werden goedgekeurd. Op die manier raakten wij uit de oude conservatie instellingen. Het IOC had ons trouwens geen keuze gelaten: het was dat of het risico lopen dat één of meerdere disciplines van de ruitersport van het Olympische programma zouden verdwijnen. IOC-voorzitter Thomas Bach is dat persoonlijk op ons hoofdkwartier komen benadrukken. Sindsdien is de luisterbereidheid voor mijn projecten alleen maar groter geworden omdat iedereen had kunnen vast stellen dat ik maar één ding voor ogen heb: overleg plegen in het belang van onze sport."

De toekomst van de Olympische Spelen

"Wij zien dat steeds minder kandidaten zich aanbieden om grote evenementen te organiseren zoals onder meer de Olympische Spelen en dus moeten we als IOC deze gang van zaken zeker met alle mogelijke aandacht opvolgen", omschrijft Ingmar De Vos de bezorgdheid van het IOC. "Het is een verstandige keuze geweest om de Spelen van 2024 aan Parijs en die van 2028 al aan Los Angeles in één keer toe te wijzen. In het andere geval had wellicht één van de twee afgehaakt. Onze grootste opdracht bestaat er in om de kosten onder controle te houden. Dat kan door meer verantwoordelijkheid door te schuiven naar de betrokken internationale federaties. Zij hebben immers knowhow en middelen ter beschikking om veel goedkoper hun discipline de organiseren. In het verleden moesten de organisatoren van de Spelen zelf maar al te dikwijls beroep doen op consultancybureau's die uiteraard achteraf een mooie factuur presenteerden. En dan moest de uitvoering nog beginnen. Als FEI hebben wij in 2016 een veel grotere rol gespeeld in de praktische organisatie van de Olympische Spelen van Rio de Janeiro nadat wij vier jaar eerder, na de Spelen van Londen, al een "Directeur Games" hadden aangesteld, die hieraan vrijwel permanent werkt."

Sociale Media en China

"Wij maken nu veel meer verhalen rond onze sport en zo zien wij onze fanbasis gestaag groeien", leidt Ingmar De Vos het belang van sociale media in. " Nooit eerder hadden we meer volgers op facebook, twitter en YouTube. Onlangs hebben wij een contract afgesloten met CNSI om niet alleen een Chinese website uit te werken maar zij gaan ook onze e-commerce verstevigen en games ontwikkelen rond de paardensport. Vijftien jaar geleden waren er in China amper ruiterclubs; op dit moment zijn er al meer dan 1400".

"China groeit enorm snel omdat de nieuwe klasse zich heel graag wil identificeren met de paardensport. Bovendien heeft het Ministerie van Sport onze discipline opgenomen in de reeks van 10 topsporten, die als prioritair worden beschouwd. Rond Nieuwjaar heeft er in China ook voor de eerste keer een "World Challenge for Children" kunnen plaats vinden. Uiteraard biedt de Chinese belangstelling en ontwikkeling enorme kansen aan België om zich daar te gaan profileren. Wij staan aan de top van de fokkerij dank zij het open beleid dat wij 20 jaar geleden in ons land ingevoerd hebben. Wij hebben op dat moment beslist dat in wedstrijden voor jonge paarden zowel stamboeken van eigen land als van het buitenland konden deelnemen. In Duitsland, Frankrijk en Nederland was dat toen niet mogelijk. Bovendien hebben wij in eigen land zelf al drie stamboeken. Op die manier heeft de positieve onderlinge concurrentie, aangevuld met de kwaliteiten uit het buitenland, voor de beste paarden van de wereld gezorgd. Maar ook op het vlak van training van paarden, diergeneeskunde, hoefsmederij, fysiotherapie en psychologische begeleiding van paard en ruiter staan wij mondiaal aan de top. Dat alles biedt enorme mogelijkheden richting export naar China. De Vlaamse Liga Paardensport (VLP) sloot onlangs een contract af met China en ik zie dat ook meer en meer Belgische delegaties naar China afreizen".

Seksueel Grensoverschrijdend gedrag

"De FEI heeft als lang een "Integrity Unit" waar iedereen anoniem telefonisch of per e-mail terecht kan", weerlegt Ingmar Devos onze stelling dat dit een nieuw aandachtspunt van de Internationale ruitersportfederatie zou zijn. "De FEI is zich al heel lang bewust van deze problematiek en heeft dus al lang een onafhankelijke commissie, die alle gemelde gevallen met zorg behandelt. Ik ben ook blij dat het IOC in oktober van vorig jaar een nieuwe handleiding heeft uitgewerkt, die wij als FEI uiteraard ook volgen en doorgespeeld hebben aan alle nationale federaties."

Gendergelijkheid

"Op dit vlak zijn wij van oorsprong Olympisch kampioen", glundert Ingmar De Vos. "Wij zijn de enige sport waar meisjes en jongens, dames en heren het tegelijkertijd in dezelfde wedstrijd tegen elkaar opnemen en dezelfde prijzen kunnen verdienen. In andere sporten zie ik nu het fenomeen opduiken van gemengde teams maar dat is nog altijd niet hetzelfde als een man en een vrouw die het tegen elkaar opnemen. Die totale gendergelijkheid in onze sport houdt wel in dat wij geen genderpariteit kunnen garanderen. Wij hebben geen wedstrijden van 10 vrouwen tegen 10 mannen; of "3 tegen 3. Over alle disciplines heen zien wij trouwens dat zowel vrouwen als mannen medailles behalen en in sommige takken van onze sport zelfs meer door vrouwen."

Progressie door Overleg

"Overleg, communicatie en toegankelijkheid, zijn wellicht mijn sterkste troeven", bedenkt Ingmar De Vos op onze verrassingsaanval. "Bovendien ben ik Belg en heb dus het voordeel dat ik meerdere talen machtig ben. Ik ben van opleiding diplomaat en dat helpt enorm in mijn streven om belangen in evenwicht te brengen. In mijn rol als voorzitter probeer ik zo veel mogelijk door te geven dat wij als FEI iedereen zo veel mogelijk professionele ondersteuning moeten geven en dat wij de focus moeten leggen op dienstverlening. Uiteraard hebben organisatoren, ruiters, eigenaars, chef d'équipes en nationale federaties dikwijls andere en tegengestelde belangen. Het is dus belangrijk de betrokken groepen zo veel mogelijk samen te brengen. Op die manier leren zij ook elkaars standpunten te begrijpen. Als FEI beleggen wij dan ook heel veel vergaderingen en streven wij ernaar enkel reglementen goed te keuren waarover de betrokken partijen een zo ruim mogelijke consensus hebben bereikt. Zo hebben wij recent een nieuwe reglementering voor de uitnodigingen voor jumpingwedstrijden gefinaliseerd na een twee dagen durende ronde tafelconferentie waarin alle betrokkenen geraadpleegd werden. Uiteraard is iedereen gelukkig maken een utopie."

Verkiezingen

In november van 2018 zijn er de voorzittersverkiezingen van de FEI. "Het staat als een paal boven water dat ik me terug verkiesbaar stel", neemt Ingmar De Vos alle twijfel weg. "Maar ik maak me verder niet de minste zorgen over de uitslag. Ik neem al mijn hele leven de zaken zoals ze zich voordoen. Ik heb er ook geen enkel probleem mee dat iemand zich als tegenkandidaat opwerpt. Dit is niet meer dan normaal in een democratische organisatie als de FEI. Of ik ook ambitie heb om IOC-voorzitter te worden? "Dat is absoluut niet aan de orde. Thomas Bach heeft nog vele jaren voor de boeg en op het vlak van het leiden van een dergelijke grote organisatie , heeft hij van mij niets te leren. Hij is een groot diplomaat, die één van de moeilijkste taken op zich heeft genomen. Ik voel me in de verste verte niet geroepen en heb nog heel veel werk bij de FEI."

IIngmar De Vos (midden).
BELGA IIngmar De Vos (midden).



Reacties

Alle reacties zijn welkom zolang ze voldoen aan de do's en don'ts die je hier kan terugvinden: gedragsregels. Elke dag ontvangen wij duizenden reacties, het kan enkele uren duren voor jouw reactie wordt geplaatst. Wordt jouw reactie afgekeurd dan werd er geoordeeld dat deze onze gedragsregels schendt.