Tom Lenaerts ziet fictie en realiteit akelig dicht bij elkaar komen in ‘Over Water’: “Ik dacht dat die drugsbendes onze scenario’s gepikt hadden”

Tom Lenaerts
Kristof Ghyselinck Tom Lenaerts
Ik hoor tv-makers vaak zeggen dat wij niet mogen klagen, want dat een bakker harder moet werken dan wij", zegt Tom Lenaerts (51), coscenarist en maker van ‘Over Water’. “Ik zeg dit met alle respect voor bakkers: dat is niet per se waar. Ik heb nog nooit zo hard gewerkt als de afgelopen jaren.”

Granaten, schietpartijen - één keer zelfs recht tegenover het huis van burgemeester Bart De Wever - en ander drugsgerelateerd banditisme. Het beheerst hoe langer hoe meer het nieuws in Antwerpen, de stad waar ‘Over Water’ zich afspeelt. “Het is angstaanjagend als je ziet hoe de realiteit de fictie soms begint te benaderen”, vertelt Tom Lenaerts. “Tijdens de opnamen dachten wij even dat die bendes onze scenario’s gepikt hadden. Zo werd er iemand in zijn knie geschoten, terwijl wij pas enkele dagen eerder een soortgelijke scène ­hadden ingeblikt.”

Zo wordt ‘Over Water’ bijna een documentaire.

Voor alle duidelijkheid: ik heb die dingen niet zelf in scène gezet, hé. Drugs in de Antwerpse haven: dat is geen nieuw gegeven. Niet verwonderlijk als je de grootste van Europa bent.

De eerste reeks van ‘Over Water’ werd bejubeld, maar kreeg ook kritiek: te traag voortkabbelend...

Er waren mensen die de reeks niet goed vonden, anderen vonden hem briljant. Liever zo dan dat iedereen het redelijk vindt. In het tweede seizoen zit meer vaart. Niet onlogisch voor een reeks die van in het begin is opgevat als een verhaal over twintig afleveringen. Kijk, we hebben tussen de eerste en de tiende aflevering 150.000 kijkers verloren, maar dat komt overeen met het aantal mensen dat de reeks gebingewatcht heeft op VRT NU.

Heb jij rekening gehouden met de kritiek?

Nee. Dat kon ook niet, want we waren de tweede reeks al aan het draaien toen de eerste nog op tv moest komen. We hebben het verhaal gevolgd zoals het in ons hoofd zat.

Als tv-maker lijkt het ons een luxe dat je ineens twee reeksen mag opnemen.

Als je dat vertrouwen krijgt, is dat een mooi compliment. En toch: als tv-maker ben je maar zo goed als je laatste programma. Dat is zeer stresserend, want je moet je voortdurend opnieuw bewijzen. Ik maak al twintig jaar programma’s voor Eén en Canvas, maar mijn projecten worden niet op mijn ervaring beoordeeld, maar op basis van de scenario’s. Ik denk niet dat er al ooit één zender gezegd heeft: ‘Het is niet goed, maar we doen het!’

"In de tweede reeks van 'Over Water' zit veel meer vaart", zegt Tom. "Niet onlogisch voor een serie die is opgevat als een verhaal over twintig afleveringen."
Patrick Senden "In de tweede reeks van 'Over Water' zit veel meer vaart", zegt Tom. "Niet onlogisch voor een serie die is opgevat als een verhaal over twintig afleveringen."

Werk jij nog even hard als ­twintig jaar geleden?

Nog veel harder! Als je mij op mijn 25 had gezegd dat ik als 50-jarige nog harder zou werken dan toen, dan had ik dat niet voor mogelijk gehouden. Ik heb nog nooit zo hard gewerkt als de afgelopen jaren, maar wel met heel veel plezier. Ik hoor tv-makers vaak zeggen dat wij niet moeten klagen en dat een bakker veel harder moet werken dan wij. Awel, ik kan je verzekeren, en dit met alle respect voor de bakkers: dat is niet per se waar!

Jouw vrouw hoopt niet dat je het eens wat kalmer aan gaat doen?

Tineke is volop bezig aan de tweede reeks van ‘Taboe’. Zij heeft haar handen dus zelf meer dan vol.

Hebben jullie bij Panenka de ambitie om het nieuwe ­Woestijnvis te worden?

Nee. Woestijnvis is uniek en bovendien wilden wij iets kleinschaligers. Toen Kato Maes en ik vijf jaar geleden ­Panenka opstartten, was onze voornaamste ambitie niet om een groot productiehuis te worden, maar wel om fier te zijn op elk programma dat de deur uitgaat. Dat lijkt heel gemakkelijk, maar dat betekent dat je niet te veel hooi op je vork mag nemen. Want onze kracht zijn onze mensen, en er zijn niet oneindig veel goeie mensen in de sector. Ik steek liever wat meer energie in vijf programma’s dan wat minder in twintig.

Je zou ook meer dingen uit ­handen kunnen geven, natuurlijk.

Ja, maar als je dingen uit handen moet geven die je zelf graag doet, dan klopt er iets niet. In het leven moet je vooral doen waar je plezier aan beleeft. In mijn geval: zeker ook zelf televisie maken.

Voor het geld moet jij het allicht niet meer doen?

Mocht ik in Duitsland, Engeland of Amerika wonen, zou dat inderdaad zo zijn, maar hier in Vlaanderen valt dat dik tegen. Pas op, ik klaag niet. Ik behoor tot de gelukkigen die goed hun boterham hebben verdiend




2 reacties

Alle reacties zijn welkom zolang ze voldoen aan de do's en don'ts die je hier kan terugvinden: gedragsregels. Elke dag ontvangen wij duizenden reacties, het kan enkele uren duren voor jouw reactie wordt geplaatst. Wordt jouw reactie afgekeurd dan werd er geoordeeld dat deze onze gedragsregels schendt.


  • Erwin De Meyer

    Het is niet erg super maar zeker niet slecht. Ik kijk nog verder. Wat me wel opvalt in de hele serie zijn de woordje Oei , Amai en Ça va die heel veel terug komen. Nu begin ik hier dat thuis ook al te zeggen , al is het maar om onnozel te doen zoals in de serie.

  • Freek De Meyer

    Het siert Tom (en andere TV-makers) dat hij onbetreden paden aflegt en zo'n reeks in elkaar steekt, maar mij kon het niet erg veel bekoren. Na één seizoen had ik genoeg gezien. Het was te traag en er gebeurde niet zo veel. Het steeds weifelende gedrag van het hoofdpersonage en het ASMR-gefluister van de vrouwen (of bijna de hele cast) was erg enerverend. Ik laat het nieuwe seizoen links liggen; andere mensen hebben er meer plezier aan :)