Olga Leyers zat uren in de fitness voor ‘Beat VTM’: “Ik was gewoon te slap”

VTM
"Uren zat ik in de fitness om extra spieren te kweken”, puft Olga Leyers (22) nog na. Dankzij ‘Beat VTM’ weet zij nu als geen ander dat cheerleaden meer is dan in een kort rokje met pompons staan zwaaien. “Dit wordt niet voor niks een olympische sport”, zegt ze in Dag Allemaal. 
Je cookie instellingen zorgen ervoor dat deze inhoud niet getoond wordt.
Pas je cookie instellingen hier aan.

Eigenlijk was het de bedoeling dat Olga zou apneuduiken voor ‘Beat VTM’. Maar tot op grote diepte duiken zonder zuurstofflessen, dat zag ze niet zo zitten. “Ze hadden me al bang gemaakt dat mijn trommelvliezen zouden scheuren en zo”, zegt Olga. “Uiteindelijk zou ik het gedaan hebben, hoor, maar Nathalie Meskens had meer zin in duiken dan in cheerleaden en zou dat ook beter doen. Dus uit tactische overwegingen hebben we geruild. Maar ja, dan bleek dat Nathalie zwanger was en moest Julie Van den Steen het overnemen van haar.”

Julie heeft flink afgezien. Voel je je schuldig?

Euhm, nee, niet echt. Zij wist waar ze aan begon. Maar ik had wel medelijden. (lacht) Och, álle opdrachten waren zwaar. We hebben elkaar echt gesteund en we leefden heel erg met elkaar mee.

Cheerleaden klinkt niet zo zwaar. Even een ­dansje doen en zwaaien met pompons...

Even een dansje doen? Dat heb ik veel mogen horen, maar vergeet het. Geloof me, dit is echt een loodzware sport. Ze willen er niet voor niets een olympische discipline van ­maken, hé.

Het is dus echt een sport?

Zeker weten. Ik ben serieus moeten beginnen trainen in de fitness, want ik was lang niet gespierd genoeg. Kijk, bij cheerleaden heb je bases en flyers. De bases blijven op de grond, de flyers gaan de lucht in. Ik was een flyer, en dan moet je je de hele tijd kunnen opspannen. Bij mijn eerste cheerleadertraining kon ik ­eigenlijk niets komen doen. Ik was gewoon veel te slap.

VTM

Je had het dus zelf onderschat.

Eigenlijk wel. Ik dacht: we steken een graaf dansje ineen, maar dat dansen is eigenlijk totale bijzaak. Het stukje dans heb ik pas twee weken voor de finale geleerd en twee keer geoefend. Het zijn vooral de tricks en de lifts waarvoor je keihard moet werken. Je moet eerst de stiel leren voor je er de dansroutine en finesse in kan steken.

Wat was voor jou het lastigste moment?

Toen ik tot vijf uur ’s nachts op een podium heb staan springen en met een kater naar de eerste groepstraining trok. Het was de eerste keer met twintig man en er kwam zoveel bij kijken, dat het mentaal supervermoeiend was. Toen had ik een dipje en wou ik het liefst van al vragen: ‘Stop even met filmen alsjeblieft!’ Maar dat ging gelukkig snel voorbij. Ik kwam ook heel goed overeen met mijn trainster en met de hele ploeg.

In films ziet cheerleaden er altijd heel spectaculair uit.

Inderdaad. Ik zag ooit de film ‘Bring it on’ en die zat vol erg coole hoogtepunten. Maar dan besefte ik al snel: dat is film, in het écht gaat dat bijna niet.

Heb je bij het trainen kwetsuren opgelopen?

Ja, ik heb mijn ellebogen ­overstrekt bij een flikflak en ben twee keer op mijn voet gevallen. Van die ene voet zie ik nog altijd een beetje af. Maar daar had ik tevoren ook wel al een beetje last van. Och, het valt nog mee, ik ben niet blijvend gehandicapt of zo.

Ga je blijven cheerleaden?

Awel, dat zou ik best willen, want ik vond het echt heel ­plezant!