Kniechirurg Johan Bellemans neemt in ‘Topdokters’ geen blad voor de mond: “Mijn ontslag bij Gasthuisberg, dat was de inquisitie zelve”

Sarah Heylen
Over hun verwezenlijkingen praten dokters maar al te graag, over de keerzijde van de medaille zelden. Kniechirurg Johan Bellemans (54), één van de negen artsen in een nieuwe reeks ‘Topdokters’ op VIER, blijkt de uitzondering. Hij spreekt over de volgens hem schandelijke manier waarop hij werd ontslagen én onthult een gigantische loonkloof in de medische wereld.

Belgiës atletiektrots Nafi Thiam liep recent een blessure op tijdens haar stage in Zuid-Afrika. Of haar voorjaar hiermee om zeep is, durft ze nog niet te zeggen. Daarvoor wil ze eerst langsgaan bij dokter Bellemans in Ziekenhuis Oost-Limburg (ZOL) te Genk. En Nafi is lang niet de enige topsporter die bij de gerenommeerde kniechirurg over de vloer komt. Als sportarts van het Belgisch Olympisch en Interfederaal Comité (BOIC) verzorgt hij al onze olympiërs. Zo opereerde hij Tia Hellebaut aan haar knie, vier jaar voor haar triomf in Peking. 

“Dat goud was een kippenvelmoment voor mij”, vertelt Johan Bellemans. “Toen Tia bij mij langskwam, was het nog maar de vraag of zij ooit nog aan hoogspringen mocht doen. Ik kende dus heel haar voortraject, de onzekerheid en revalidatie waarmee zij was geconfronteerd toen ze daar knap goud pakte op de Spelen. Dat is één van de hoogtepunten uit mijn carrière.”

Rebel

Johan Bellemans is in zijn vak de top van de top. Het productiehuis achter ‘Topdokters’ is dan ook al eerder bij hem komen aankloppen, maar twee keer weigerde hij. “Net omwille van die sporters”, aldus de arts. “Die mensen komen bij mij omdat ik hen in alle discretie behandel. Zo’n atleet wil niet in de krant lezen dat hij geblesseerd is, of een operatie nodig heeft.”

Ze willen wellicht niet dat hun tegenstander weet dat ze ­verzwakt zijn.

Niet alleen dat. Er speelt veel meer mee. Hun marktwaarde bijvoorbeeld. Een atleet met een kruisbandletsel is minder interessant voor de sponsors. Transfers blijven hangen, selecties staan op de helling, hun plaats in de ploeg komt ter discussie... Niet voor niets zie ik hen vaak na de uren, wanneer de wachtzaal leeg is.

Twee keer weigerde je om mee te doen aan ‘Topdokters’. Nu hapte je wel toe.

Op vraag van het ziekenhuis, voor hen is dit mooie publiciteit. En tegen al m’n verwachtingen in, stonden zo goed als al m’n patiënten het toe dat ze gefilmd werden. De ploeg is zelfs meegegaan naar de trainingsstage in Lanzarote met onze atleten.

Jij behandelt uiteraard niet alleen topsporters, maar ook de gewone sterveling. Zij zien Gasthuisberg vaak als hét referentiecentrum van Vlaanderen en toch ruilde jij dat bastion vijf jaar geleden voor een regionaal ziekenhuis.

Wat je zegt, klopt, althans voor uitzonderlijke aandoeningen. Mensen met een complexe tumor of een zeldzame ziekte zijn het beste af in Leuven of in een ander universitair ziekenhuis. Maar dat geldt absoluut niet meer voor de gewone ziektebeelden en ingrepen. Ik denk, heel eerlijk, dat wanneer je je aan je galblaas moet laten opereren, of je lies, je beter af bent in een kleiner ziekenhuis dan in Gasthuisberg.

Dat moet je toch eens uitleggen.

Kleinere ziekenhuizen zien zulke problemen véél vaker. Daar doen ze dat soort operaties bij wijze van spreken aan de lopende band. Ze zijn erin geroutineerd. Terwijl men zich in de universitaire ziekenhuizen steeds meer is gaan toeleggen op de complexe en uitzonderlijke gevallen, waardoor men de routine bij veel ingrepen kwijt is. Dat is ook één van de redenen van mijn opstap. Ik ben van mening dat hoe meer je opereert, hoe meer ervaring je opdoet. Je moet niet te selectief zijn in je behandelingen. En dat was precies wat men in Gasthuisberg van mij verwachtte.

Enerzijds beschouwt men jou als een toparts, de beste in jouw vakgebied. Maar zelf zeg je nu dat het ‘maar’ iets alledaags is.

Ik zit op de rand. Veel van wat ik doe, zit in het uitzonderlijke, zoals transplantchirurgie. Maar de bulk van ons patiëntentotaal is de klassieke kniechirurgie en da’s geen ingewikkelde zaak.

Jouw opstap uit Leuven verliep niet zonder slag of stoot. Je nam ontslag en zou nog zes maanden opzeg doen, maar na amper een week besloot het ziekenhuis je alsnog zélf te ontslaan, met onmiddellijke ingang. Voelde dat als een mes in de rug?

Dat was veel meer dan een mes in de rug, zeg maar gerust dat het de inquisitie zelve was. Op het moment dat ik mijn ontslag gaf, heb ik heel erg de verzuiling van ons systeem gevoeld. De katholieke zuil zit overal, geloof mij. Na mijn opstap startte ik een private raadpleging op in Leuven, maar dat werd tegengewerkt door het ziekenhuis. Net als mijn intrede in Genk.

(lees verder onder de foto)

Nafi Thiam is een patiënt van dokter Bellemans.
BELGA Nafi Thiam is een patiënt van dokter Bellemans.

Hoe bedoel je?

De katholieke zuil heeft overal connecties en zit in de meeste raden van bestuur van de Belgische ziekenhuizen. Dus ook in Genk. En op die manier hebben ze geprobeerd om mijn aanstelling in het ZOL te bemoeilijken. Ook de collega’s in Leuven met wie ik nog enkele onderzoeksprojecten had lopen, voelden dat ze plots door het ziekenhuis werden tegengewerkt.

Het had dus niet veel gescheeld of je eindigde zonder werk?

Zover is het gelukkig nooit gekomen. En was dat toch het geval geweest, dan was ik wel naar het buitenland getrokken. Maar ik heb alleszins wel ­gevoeld hoe machtig Gasthuisberg is. En dat is de schrik bij veel stafleden daar: wanneer je de banden met het ‘moederhuis’ breekt, zal je de gevolgen voelen.

Jij trapte het ziekenhuis ook meermaals op z’n tenen tijdens je ontslagperiode. Zo hekelde je bijvoorbeeld de verloning in de universitaire ziekenhuizen.

Omdat dat ook zo ís. De loonkloof tussen een universitair ziekenhuis en een perifeer ziekenhuis is gigantisch. In een niet-universitair ziekenhuis verdienen artsen vier tot vijf keer meer. Maar dat horen ze in Leuven natuurlijk niet graag, uit schrik dat er nog meer dokters zullen opstappen. Toen ik die uitspraken deed, publiceerde De Tijd net een lijst met de jaarinkomens van specialisten. Ik had toen tegen onze directie gezegd dat wij dat ook eens moeten doen, om het verschil duidelijk te maken.

Maar zo zou iedereen zien wat je collega’s en jij verdienen.

En waarom zouden we dat moeten wegsteken? Het is toch wat het is? En in ons geval was dat bedroevend weinig, ver onder de marktwaarde. Artsen en assistenten in een UZ krijgen veel te weinig betaald voor wat ze doen. In de perifere ziekenhuizen is de verloning dan misschien weer aan de hoge kant. Maar ook dat is weer relatief, want de trainer van Anderlecht verdient nog eens zoveel meer dan de best betaalde specialist in België. Terwijl zijn maatschappelijke bijdrage toch heel wat minder is, me dunkt.

Als het voor jou dan toch geen taboe is, hoeveel verdien jij?

Het gemiddelde bruto jaarinkomen van een orthopedisch chirurg in België schommelt rond de 350.000 euro. Ik zit daar een stuk boven door m’n expertise. Daar gaan natuurlijk nog belastingen af, we staan ook een deel af aan het ziekenhuis voor de werking, het materiaal, ons personeel et cetera. Maar eenzelfde arts in een universitair ziekenhuis krijgt ‘maar’ vijf à zesduizend euro netto per maand. Voel je het verschil?

Toen Gasthuisberg je aan de deur zette, kon je op geen enkele computer meer inloggen. Jouw mails, je patiëntenbestand: alles was je kwijt. Zijn er veel patiënten die jou alsnog gevolgd zijn naar Genk?

(glimlacht) Zo goed als allemaal. Die mensen lezen ook de krant, hé, ze weten mij wel te vinden. Het secretariaat in Genk heeft die eerste maanden serieus afgezien, zoveel nieuwe patiënten dat ze te verwerken kregen. En voor de patiënten was het ook een hele vooruitgang.

Hoezo?

In Gasthuisberg moet je al goed je weg kennen om rechtstreeks bij de professor terecht te komen. De meeste patiënten zien daar iedere keer een andere assistent. In een regionaal ziekenhuis hebben ze geen assistenten, daar kom je meteen bij de dokter terecht. En dat is ook wat ik daarstraks bedoelde, wanneer ik de kwaliteit van een universitair ziekenhuis hekelde. Waarom zou je met een alledaags probleem naar een universitair ziekenhuis gaan, als je daar toch ‘maar’ een assistent treft? Ga naar een kleiner ziekenhuis en je ziet meteen een ervaren arts. Maar dat mag je blijkbaar niet luidop zeggen.

(lees verder onder de foto)

Ook Tia Hellebaut kwam al bij dokter Bellemans over de vloer.
Photo News Ook Tia Hellebaut kwam al bij dokter Bellemans over de vloer.

Wat dan weer wel een voordeel is van een universitair ziekenhuis: daar kan je aan onderzoek doen. Zo ontdekte je, samen met een collega, in 2013 nog een nieuw ligament in onze knie. Mis je dat niet?

Ach, tegenwoordig kan je vanuit elk ziekenhuis onderzoek verrichten. Ik werk nu ook nog samen met de universiteit van Hasselt en zélfs met Leuven. Met de directie lag ik in de clinch, maar met m’n voormalige collega’s klikt het nog altijd erg goed. Zo zwart-wit is dat wereldje nu ook niet.

Wat voor een gevoel geeft dat, wanneer je zo’n nieuw ligament ontdekt?

Da’s fantastisch hé, een mijlpaal in je leven. Maar da’s niet één vreugdemoment, da’s iets van maanden. Je voelt dat je iets ontdekt hebt, je legt het voor aan collega’s en ziet hoe zij reageren, je legt het voor op grotere meetings, congressen... En dan zie je dat de rest van de wereld het oppikt en dat jouw ontdekking overal doordringt. Da’s een euforiemoment dat weken aanhoudt.

Om af te sluiten: wanneer je jouw naam googelt, suggereert de zoekmachine al zelf ‘beste kniechirurg’. Dat wil zeggen dat veel mensen jou op die manier opzoeken. Wat doet dat met jou?

Dat doet mij héél veel. Dat wil zeggen dat één van mijn dromen uitkomt, al van in mijn studententijd wil ik de beste kniechirurg zijn.




54 reacties

Alle reacties worden voor publicatie gelezen -en goed- of afgekeurd- door het moderatie-team van HLN. Elke reactie moet voldoen aan deze gedragsregels.
Je naam en voornaam verschijnen bij je reactie.


  • Michel Jacobs

    Bellemans was naar het schijnt een bijzonder moeilijk man om mee samen te werken, vertikte het om orders aan de verpleegkundigen na te laten bv. , dat maakt de post-operatieve verzorging moeilijk.In Pellenberg haalden velen opgelucht adem toen hij het afbolde.Ik vraag me af of zo iemand dan werkelijk zó begaan is met de patiënten. Mijn ervaring leert me iets anders, maar het zal voorts echt wel een goeie chirurg zijn, daar niet van.

  • Philippe clicteur

    Top dokter is hij maak je geen blaasjes wijs en een man met een gouden hart voor zijn patiënten wordt op handen gedragen door zijn patiënten .

  • alois philipsen

    Topdokter, mijn buurvrouw is door hem behandeld aan haar knie en kan terug normaal lopen, zat anders in een rolstoel

  • SABINE TAVERNIER

    Heel jammer dat ik hem niet vroeger kende, dan was mijn knie 9 op 10 niet vermassacreert zoals ze nu wel is met alle gevolgen vandien!!

  • Chris Withofs

    Hoewel nooit persoonlijk met hem te maken te hebben gehad, ben ik toch fan van hem. Mijn vrouw, nog geen dertiger, heeft door haar ziekte zware last gehad van haar beide knieën. Een andere specialist in het ZOL, wiens naam ik hier niet noem, nam haar niet serieus. Hij beloofde te overleggen met Bellemans, maar stuurde ons wel weg met een Dafalgan. Bij een volgende consultatie - na overleg met Bellemans - werden we plots wel goed geholpen. Met resultaat.