Operapaus Gerard Mortier (70) gestorven

Opnieuw moet ons land afscheid nemen van een kunsticoon. Operagrootheid Gerard Mortier is vannacht overleden. Mortier is 70 geworden.

Baron Gerard Mortier was een internationale artistieke topmanager in de operawereld. Hij werd beschouwd als een durver en een vernieuwer.

Zijn eerste opera-ervaring doet hij op als assistent van de directeur van het Festival van Vlaanderen, Jan Briers. In die periode legt hij zijn eerste contacten met grote internationale orkesten en de opera's van Keulen, Dusseldorf, Frankfurt, Praag en Sofia. Voor het eerst worden recitals van Lieder en internationale creaties op het Festival gespeeld. Vanaf 1970 houdt hij zich bezig met een project dat de Vlaamse opera's moet reorganiseren. Het doel is een fusie tussen de Gentse en de Antwerpse opera. Wanneer blijkt dat beide opera's zo goed als failliet zijn, is de fusie een feit.

Mortier wordt intendant van het nieuwe instituut dat uit de fusie is voortgevloeid, de Vlaamse Opera Stichting (VLOS). Nog in de jaren 70 is hij verantwoordelijk voor de artistieke planning bij de "Deutsche Oper am Rhein" in Dusseldorf, adjunct-directeur bij de opera van Frankfurt en directeur van de artistieke productie in Hamburg. In 1979 is hij ook technisch raadgever bij de programmatie van de opera van Parijs.

Wereldfaam
Maar vooral in de jaren 80 verwerft Mortier wereldfaam als opera-intendant van de Munt te Brussel, omwille van het vernieuwende programma dat hij er uitbouwt. "Hij deed dat door de vernieuwingen in het gesproken theater toe te passen op opera", betoogden de professoren Katia Segers (VUB) en Francis Maes (UGent) onlangs in De Morgen. "Hij ontwikkelde daarbij een unieke formule, waarbij hij de dramaturgische, kritische lezing van klassieke meesterwerken een esthetisch uitzicht heeft gegeven. Hij haalde hiervoor de grote Duitse en Franse scenografen en regisseurs naar Brussel. Die formule sloeg aan bij het publiek, dat leerde nadenken over de stukken, maar ook een verbluffende nieuwe esthetiek te zien kreeg."

Controverses
In 1992 wordt hij manager en artistiek directeur van de Salzburger Festspiele. De radicale ommezwaai van het programma daar zorgt geregeld voor controverses. Bij zijn afscheid laten tegenstanders in een plaatselijke krant een paginagrote doodsbrief van Mortier afdrukken.

Van 2002 tot 2004 is Mortier de eerste intendant van de RuhrTriennale, een nieuw muziekproject dat het Ruhrgebied een cultureel élan moet geven. In juli 2004 volgt Mortier Hugues Gall op als directeur van de Opéra National de Paris.

Madrid
Vanaf september 2009 zou Mortier normaal gezien als artistiek en algemeen directeur de New York City Opera leiden. Maar nog voor zijn start daar, op 7 november 2008, dient hij evenwel al zijn ontslag in, wanneer duidelijk wordt dat de vooraf toegezegde budgetten in 2009 niet beschikbaar zouden zijn.

In september 2010 belandt Mortier in het Teatro Real in Madrid, met een contract tot 2016, maar hij wordt daar in september 2013 ontslagen als artistiek directeur waarna hij - na een stevige rel - voor een jaar als adviseur werd aangesteld.

Lof en kritiek
Tijdens zijn loopbaan kreeg Mortier tal van eerbewijzen, onder andere een eredoctoraat van de universiteiten van Antwerpen en Salzburg, en in februari 2005 de Prijs van de Vlaamse Gemeenschap voor Algemene Culturele Verdienste 2004 voor zijn hele oeuvre. Daarnaast is hij ook lid van de Akademie der Künste in Berlijn. Op 21 maart zou hij nog een eredoctoraat krijgen aan de Gense Universiteit.

De verwezenlijkingen van Mortier zijn indrukwekkend te noemen, maar hebben ook een keerzijde. Zo zeggen Segers en Maes dat Mortiers uitgesproken visie op het repertoire heeft geleid tot het inkrimpen ervan tot enkele onvergankelijke meesterwerken. "Alleen die werken die de fundamentele mythen van onze cultuur belichamen (Don Giovanni, Saint-François d'Assise) hadden volgens hem recht op overleven, terwijl hij componisten als Puccini onomwonden naar de prullenmand van de geschiedenis verwijst."

In zijn vooruitstrevendheid had Mortier ook minder aandacht voor management, planning en ondernemerschap, kerncompetenties voor de hedendaagse cultuurmanagers. "Doorheen zijn carrière valt een merkwaardige systematiek op in de destructie die hij tentoonspreidt bij het verlaten van het fantastische werk dat hij eerst opbouwde."

Kanker
Bij Gerard Mortier werd in de zomer van 2013 een agressieve vorm van kanker vastgesteld. "Het nieuws dat ik ziek was, was een schok", zei hij daarover eind vorig jaar in De Morgen. "In een uur tijd verandert je leven en dat heb ik dan in zes maanden omgevormd. Ik werd gedwongen bewust met de dood bezig te zijn, iets wat we eigenlijk niet doen. We verdringen dat en dat is menselijk, maar het is niet goed. Zelfs Seneca was er al mee bezig. Maar door onze katholieke opvoeding die zei dat de dood de overgang is naar een beloning of bestraffing, zijn we bang. Maar ik ben een aanhanger van het stoïcisme en het epicurisme, en dus bezorgt de dood mij geen angst."

Begin februari 2014 gaf hij nog een interview aan The New York Times. Daarin zei hij "veranderd" te zijn. "Ja, ik vecht altijd", klonk het over zijn carrière als intendant. Over zijn gezondheidstoestand zei hij dat de vooruitzichten onzeker zijn. "Het is een heel kwaadaardige kanker, maar gelukkig werd de kanker vroeg opgemerkt. Ik ga nu voor een nieuwe behandeling naar Moskou. Ik doe alles wat ik kan. Het enige wat nu telt voor mij is dat ik intellectueel bezig kan zijn."

PHOTO_NEWS

Doorheen zijn carrière valt een merkwaardige systematiek op in de destructie die hij tentoonspreidt bij het verlaten van het fantastische werk dat hij eerst opbouwde.

Katia Segers, professor communicatiewetenschappen (VUB), en Francis Maes, professor muziekwetenschappen (UGent).



Reacties

Alle reacties worden voor publicatie gelezen -en goed- of afgekeurd- door het moderatie-team van HLN. Elke reactie moet voldoen aan deze gedragsregels.
Je naam en voornaam verschijnen bij je reactie.