Te veel geld gestoken in cultuurzalen?

STEM 2018 | DIT MOET BETER IN SCHERPENHEUVEL-ZICHEM

De vraag rijst bij de mensen of er niet te veel geld in zalen als Den Egger is gestopt.
Foto Bollen De vraag rijst bij de mensen of er niet te veel geld in zalen als Den Egger is gestopt.
Den Egger is dan wel de parel aan de kroon van het stadsbestuur, maar de kosten voor de uitbating van het cultuurcentrum lopen hoog op. Bewoners van Scherpenheuvel-Zichem klagen dat er te veel geld is gestoken in de nieuwe cultuurzalen in Zichem, Messelbroek en Keiberg. Zijn ook deze zalen wel rendabel?

Kris Peetermans (schepen van Cultuur, Open Vld): "Vorig jaar heeft Den Egger voor het eerst 175.000 opbrengst gemaakt die kon terugvloeien naar de stad. We hebben 30 programma's per jaar, al zouden het er 60 moeten zijn. We bekijken of Den Egger een samenwerking kan aangaan met Den Amer in Diest. Drie vierde van de vaste kosten aan de andere zalen leggen wij zelf bij. De Hemmekes en De Keyt waren continu bezet voor privéfeesten. We zijn strenger geworden en hebben de verschillende zalen in drie prijscategorieën ingedeeld. De gebruikers moeten vooraf goed nadenken over welke faciliteiten ze gebruiken. Inwoners krijgen 25% korting op privéfeesten. Verenigingen die een besloten activiteit houden zullen minder huur moeten betalen dan voor een commerciële activiteit. Tijdens het komende werkingsjaar moet blijken wat de nieuwe prijszetting oplevert."


Marc Van Torre (raadslid, N-VA): "Boekhoudkundig is Den Egger niet rendabel, maar de exploitatie is dat intussen wel. Om de verliezen weg te werken heeft het autonoom gemeentebedrijf dat het gebouw beheert een kapitaalsvermindering doorgevoerd. Ook is een prijssubsidie toegekend, waarbij de stad geld toelegt bovenop elk verkocht ticket. Deze prijssubsidie heeft ervoor gezorgd dat de prijs van tickets op peil blijft. De personeelskosten blijven erg hoog, 500.000 euro per jaar. Vorig jaar bracht een veel gevarieerder programma eindelijk wat geld op. Om winst te maken zou Den Egger dagelijks open moeten zijn, voor een publiek uit de hele regio. Ze heeft concurrentie van de cultuurzalen in Aarschot en Diest, die wel overheidssubsidies krijgen. De drie andere zalen worden niet beheerd door het AGB, maar door het schepencollege en zijn verlieslatend. Ze moeten voor twee derde terugbetaald worden met belastinggeld. Wij zijn voorstander van 'partage': als een vereniging uit onze gemeente een zaal wil huren, laat dan een deel van hun kaartenverkoop naar de stad gaan." (VDWT)