"Duiven en ik: al 72 jaar échte liefde"

OMER (80) KREEG EERSTE KOPPELTJE CADEAU TOEN HIJ 8 JAAR WAS

Omer Vanzieleghem met één van zijn duiven. "Ik zie mijn beestjes écht graag en zij vliegen voor mij."
Foto Joke Couvreur Omer Vanzieleghem met één van zijn duiven. "Ik zie mijn beestjes écht graag en zij vliegen voor mij."
Omer Vanzielegem mag zich één van de oudste nog actieve duivenliefhebbers van West-Vlaanderen noemen. Vorige week vierde hij z'n 80ste verjaardag en al 72 jaar zijn z'n duiven z'n lust en leven. "Elke week doe ik nog mee wedstrijden", zegt hij fier.

De liefde voor de duivensport wordt vaak doorgegeven van vader op zoon. Maar niet bij Omer Vanzieleghem. "M'n vader moest niets van duiven weten", vertelt Omer. "Maar als kind zat ik hele dagen voor het raam te kijken naar de duiven van een buur. Mijn moeder overtuigde m'n vader om toch een koppeltje te geven. Hij bouwde een oude winkeltoog om tot volière, maar er stak er een Engelse haan in plaats van duiven in. Maar dat heeft niet lang geduurd. Ik kreeg de steun van m'n nonkel Albert Slosse. Voor ik het wist had ik een 20-tal duiven en speelde ik bij tal van lokalen. Ik heb in m'n jeugdjaren veel gewerkt om met de duiven te kunnen spelen, want voor centen moest ik niet bij moeder zijn."

Traantje gelaten

72 jaar na dat allereerste duivenkoppeltje, is Omer nog steeds bezeten van duiven. Hij is nog steeds actief bij Elk het Zijne in Dadizele. Vorig jaar nam hij bijvoorbeeld deel aan 12 nationale vluchten, goed voor 4.300 kilometer vlucht. Zeven van de 12 keer viel Omer in de prijzen. "Hoewel m'n vrouw Carla Casteleyn helemaal geen fan is, heb ik enorm veel mooie herinneringen dankzij m'n duiven", lacht hij. "Ik heb aan alle grote wedstrijden deelgenomen. Indrukwekkendste prestatie was bij lokaal 't Oud Stadhuis in Kachtem. Daar won ik vier keer de Ronde van België in zes vluchten. Straf als je weet dat er telkens zo'n 700 duiven deelnamen. M'n beestjes vlogen en vliegen ook internationaal naar Arras, Barcelona,... en altijd zit ik met een klein hartje te wachten tot ze thuiskomen. Ik heb zelfs al traantjes gelaten als trouwe duiven niet meer thuiskwamen. M'n duiven en ik, dat is echte liefde. Ik zie die beestjes echt graag en zij vliegen voor mij. Elke ochtend is het m'n eerste taak: de duiventil poetsen en zorgen dat er drinken staat. Toen we een paar jaar geleden verhuisden van de wijk Wervikhove naar een serviceflat was de voorwaarde dat m'n zes duiven mee konden. Ik vroeg toelating aan de stad om op een stukje grond van hen achter onze serviceflat een kleine duiventil te bouwen die ik zie vanuit het raam van onze flat. Het mocht en in ruil onderhoud ik dat lapje grond."

Geen opvolging

Aan stoppen denkt Omer niet. "Ik mag zelfs niet van m'n dochter", glundert hij. Maar het doet hem wel pijn te zien dat de jeugd niet meer wakker ligt van de duivensport. Ook z'n kleinzoon niet. "Tibo is acht. Net zo oud als toen ik begon. Maar nadat zijn favoriet op een dag niet meer thuiskwam, kijkt hij niet meer om naar de duiven. Jammer", aldus Omer. "Veel jongeren denken dat de duivensport handenvol geld kost. Maar daar is niets van aan. Zelfs gratis duiven kunnen mooie prestaties neerzetten."