Zware oorlogsbom opgegraven aan stadhuis

De oorlogsbom wordt weggebracht.
Foto Ronny De Coster De oorlogsbom wordt weggebracht.
Op de Markt in Oudenaarde is gisteren een vrij zware bom uit de Eerste Wereldoorlog opgegraven. Dat gebeurde bij werkzaamheden voor de heraanleg van het plein. De ontmijningsdienst DOVO voerde ze naar een afgelegen plek om ze gecontroleerd te laten ontploffen.

De bom stak onder de grond in de buurt van het stadhuis. De aannemer liet de werf meteen stilleggen. DOVO, de ontmijningsdienst van het leger, kwam ter plaatse en kwam al snel tot de bevinding dat het om een vrij zwaar oorlogstuig ging.


"Dit is een bom uit de Eerste Wereldoorlog. Het gaat om een afgevuurde obus, waarvan het ontstekingsmechanisme nog aanwezig is. Die bom is dus best wel gevaarlijk. Ze heeft een diameter van 15 centimeter en weegt 42 kilogram", lichtte een expert van DOVO toe.


De ontmijners oordeelden dat het te gevaarlijk was om met het oorlogstuig een grote afstand af te leggen. Daarom werd de bom behoedzaam naar een terrein, vier kilometer verder, in Melden gebracht. Ze werd in een akker ingegraven en daar tot ontploffing gebracht.


Op de Markt gebeurden geen evacuaties. Het is al de tweede keer dat tijdens de werkzaamheden aan de Markt een oorlogsbom wordt ontdekt. In september vorig jaar dook een 120 kilogram zware bom op bij graafwerk aan de Sint-Walburgakerk. Ook dat was een Duits tuig uit de Eerste Wereldoorlog. De toren van de Sint-Walburgakerk was één van de mikpunten toen eind oktober 1918 de Duitse bezetters wilden verhinderen dat de Amerikaanse troepen de Schelde zouden oversteken en zo verder konden oprukken. Daarbij namen ze Bevere, Eine en Oudenaarde onder vuur. Er zouden naar de Sint-Walburgakerk toen wel 500 obussen zijn afgevuurd. Niet alleen de kerk werd getroffen maar ook de omliggende gebouwen en straten.


(DCRB)