"Nog zeven wachtenden voor plek in rusthuis"

ECHTGENOOT MOET WERK OPGEVEN OM TE ZORGEN VOOR ZWAARVERLAMDE VROUW

De hulpbehoevende Monique De Schampheleire en haar man Dirk Souffriau.
Foto Ronny De Coster De hulpbehoevende Monique De Schampheleire en haar man Dirk Souffriau.
"Is er dan écht niemand die me kan helpen mijn zwaar gehandicapte vrouw te verzorgen", vraagt de compleet radeloze Dirk Souffriau uit Oudenaarde zich af. Twee maanden nadat Monique De Schampheleire uit Oudenaarde uit een rusthuis werd gezet, omdat ze te veel zorg nodig had, krijgt haar man te horen dat hij ook niet kan rekenen op medische bijstand thuis. "Ik moet nu de klok rond bij haar blijven. Er is een plaats in het rusthuis beloofd, maar er zijn nog zeven wachtenden voor ons."

Hallucinant en vooral schrijnend is de lijdensweg die Monique De Schampheleire en haar man Dirk Souffriau afleggen, sinds de vrouw drie jaar geleden een zware val maakte van haar paard.

De vrouw struikelde, nadat ze vermoedelijk een kleine hersenbloeding kreeg. Ze heeft aan het ongeval twee gebroken ruggenwervels overgehouden en is sindsdien bijna volledig verlamd. Na vijftien maanden ziekenhuis en revalidatie, kon ze terecht in het RVT Home Neerhof in Elst.

Toen daar enkele maanden geleden een nieuwe directie aan het roer kwam, kregen Monique en haar man te horen dat de vrouw eigenlijk niet in het rusthuis thuishoorde. Ze kon niet blijven omdat ze te veel zorg nodig had. Eind september werd ze effectief uit het rustoord gezet. "In mijn zoektocht naar hulp loop ik sindsdien overal met mijn hoofd tegen de muur", vertelt haar echtgenoot Dirk.

Wachtlijst

Daags na zijn noodkreet in deze krant, werd de vrouw een plaats beloofd in het OCMW-rusthuis in Oudenaarde."Maar uiteindelijk bleek dat er een wachtlijst is. Er zijn nog zeven kandidaten voor ons, zo kregen we te horen. Gevolg: mijn vrouw is nog altijd thuis. De klok rond heeft zij medische verzorging nodig. Die neem ik noodgedwongen helemaal op mij. Geen minuut mag ik haar alleen laten. Er komt 's ochtends wel een verpleegster, maar die mag niet intuberen. Dat moet ik dus zelf doen. Gevolg is dat ik 24 uur per dag opgesloten zit en dus ook niet meer kan gaan werken. Dit is een onhoudbare situatie. Ik ben helemaal op", getuigt Dirk.

De man is radeloos nadat hij deze week ook te horen kreeg dat hij ook niet moet rekenen op financiële of andere hulp.

"Op aanraden van het UZ Gent had ik de zogenaamde 'noodsituatie' aangevraagd bij het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap (VAPH). Die instelling kan een 'persoonsvolgend budget' ter beschikking stellen, waarmee ik voor mijn vrouw hulp zou kunnen 'kopen'. Dat zou me ook toelaten om mijn leven en werk weer op te pikken", bedenkt Dirk.

Geen noodsituatie

"Tot mijn verbijstering oordeelt het VAPH dat mijn vrouw niet in een noodsituatie verkeert, omdat ze nog altijd beschikt over een netwerk. Pardon? Dat netwerk is helemaal weg sinds ze uit het rusthuis is gezet. Alleen ik blijf nog over om voor haar te zorgen. Hoe erg moet je er in dit land aan toe zijn om in een noodsituatie te verkeren?", vraagt de radeloze echtgenoot zich af.

"Nu weet ik het niet meer. Heel haar leven heeft mijn echtgenote gewerkt in de zorgsector om andere mensen te helpen. En nu is er niemand die voor haar iets kan doen", besluit Dirk Souffriau bitter.

Geen maanden meer

De Oudenaardse OCMW-voorzitter Stefaan Vercamer (CD&V), die aan Monique De Schampheleire een plaats in het rusthuis in Oudenaarde heeft beloofd, maakt zich sterk dat ze er ook effectief zal terecht kunnen. "Maar we hebben inderdaad een wachtlijst te respecteren. Daarbij houden we niet alleen rekening met de chronologie, maar ook met de toestand van de kandidaat-residenten. De betrokken dame is al opgeschoven op de wachtlijst omwille van haar grote nood aan zorg. Maanden zal ze niet meer hoeven te wachten. Maar een datum kan ik uiteraard niet geven", zegt Vercamer.