Weldra 600 windmolens op zee

10 JAAR NA EERSTE TURBINES: VAN RISICO TOT MEGA-INDUSTRIE

Een luchtbeeld van een deel van de Thorntonbank voor de kust van Zeebrugge.
BELGA Een luchtbeeld van een deel van de Thorntonbank voor de kust van Zeebrugge.
Het is tien jaar geleden dat de eerste sokkels voor windmolens naar zee werden gebracht. Intussen staan er 232 windmolens te draaien op de Thorntonbank, die elektriciteit leveren voor 860.000 huishoudens. In de toekomst gaat het in totaal om zo'n 600 turbines. "En toch was er twijfel of het ons zou lukken", zegt pionier Annemie Vermeylen.

 


Eind april 2008. Duizenden toeschouwers verzamelen op de Visserskaai om te kijken naar een spectaculair transport, 30 kilometer verderop in zee. Een mijlpaal voor ons land. C-Power is de eerste om windmolens in het Belgische deel van de Noordzee te plaatsen en daar gaan jaren voorbereidingen, fondsenwerving en onderzoek aan vooraf. Annemie Vermeylen is secretaris-generaal van het Belgian Offshore Platform (BOP), de spreekbuis van de sector en al 10 jaar actief in de offshore-windindustrie. Zij is van bij de start betrokken, eerst vanuit het wetgevend kader, en later bij C-Power. "De eerste stappen voor de offshore-windmolenparken werden al in 2002 gezet. C-Power heeft daar heel wat pionierswerk geleverd. Ik was aan de slag als expert marien milieu bij de federale overheid toen de eerste aanvraag binnenkwam om windmolens te bouwen op de Wenduinebank, 6 kilometer in zee. Die aanvraag werd geweigerd. De eerste grote obstakels lagen bij de publieke opinie, die geen visuele hinder wilde op zee. Dat werd doorslaggevend om verder in zee te bouwen. Er werd een wetgevend kader gecreëerd om op de Thorntonbank windmolens te kunnen plaatsen. Het werd de eerste keer ter wereld dat er zo ver in zee zou gebouwd worden. Er was daarom ook redelijk wat twijfel of het wel zou lukken", vertelt Annemie Vermeylen. De pioniers betaalden heel wat leergeld. "Omwille van het risico lag onder meer de financieringskost veel hoger. Er wordt nu ook anders gewerkt. Voor het eerste proefproject werd destijds voor betonnen sokkels gekozen, omdat de prijs van staal zo hoog lag."

APRIL 2008 | De betonnen sokkels van de eerste turbines in Oostende.
BELGA APRIL 2008 | De betonnen sokkels van de eerste turbines in Oostende.

Volwassen

De industrie is het voorbije decennium volwassen geworden en het bouwproces is een stuk versneld. "De markt heeft 5 à 10 jaar nodig gehad om volwassen te worden. Hoe meer windmolenparken en wereldwijd gebouwd worden, hoe lager de bouwkost en hoe sneller er geïnstalleerd wordt. Bij de start werd er bijvoorbeeld gewerkt met vaartuigen uit andere sectoren die niet optimaal waren om windmolens naar zee te brengen. In de tussentijd werden al heel wat nieuwe boten specifiek voor de sector ontworpen."


Na 10 jaar staan er voor de Belgische kust intussen 232 windmolens: 231 van de parken en 1 die ooit als test werd geplaatst. Die turbines hebben een vermogen van 871 megawatt (MW), goed voor elektriciteit voor 860.000 huishoudens. In de volgende twee jaar komen daar nog eens minstens 144 windmolens bij, Northwester 2 (nog te bepalen) niet meegerekend. Dat totaal van 1.390 MW zal goed zijn voor ongeveer 10 procent van de elektriciteitsvraag in België. Tegen 2020 moet die doelstelling van 2.300 megawatt/uur gehaald worden. "Dat is mogelijk met de laatste bouwprojecten. Windmolenpark Rentel is nu in opbouw, Norther - dat het dichtst bij de kust komt- is al bezig met de funderingen. De laatste drie - Mermaid, Seastar en Northwester 2 - zullen samen gebouwd worden." En er is nog meer werk aan de winkel. De regering keurde onlangs goed dat er nog eens 200 windmolens bijkomen voor de kust.

APRIL 2018 | Tien jaar later staan deze mastodonten klaar.
Benny Proot APRIL 2018 | Tien jaar later staan deze mastodonten klaar.

16.000 nieuwe jobs

De Belgische offshore-windindustrie is ook uitgegroeid tot een belangrijke industriële sector die op termijn 15.000 à 16.000 nieuwe banen kan creëren, zo liet BOP berekenen door een onafhankelijk studiebureau. De nieuwe industrie creëert jobs in alle deelaspecten van de offshore-windenergie, zoals onderzoek, ontwikkeling, bouw van maritieme funderingen en transformatorplatformen, installatie van windturbines en hun onderhoud.

Tegen 2020 liggen er voor de kust negen windmolenparken.
Tegen 2020 liggen er voor de kust negen windmolenparken.