Visveiling niet langer verplicht om 45 procent van de vis in Oostende aan te landen

De boete van 106.000 euro vervalt als de nieuwe vismijn operationeel tegen 30 april. Volgens de Vlaamse Visveiling is de verhuis weliswaar pas voor deze zomer
Benny Proot De boete van 106.000 euro vervalt als de nieuwe vismijn operationeel tegen 30 april. Volgens de Vlaamse Visveiling is de verhuis weliswaar pas voor deze zomer
De Vlaamse Visveiling is niet meer verplicht om 45 procent van het totale volume vis in Oostende aan te landen. Die voorwaarde werd nochtans in het leven geroepen toen de Visveiling in Zeebrugge de vismijn in Oostende overnam. De Visveiling moet ook niet langer een oude boete van 106.000 euro betalen. Dat geldt wel enkel als de nieuwe vismijn op tijd klaar is.

De overeenkomst tussen de stad Oostende en de Vlaamse Visveiling bepaalt dat minstens 45 procent van het volledig jaarlijkse volume van verse vis van de Belgische vloot moet geveild worden in Oostende. Al in 2015 eiste de stad een schadevergoeding omdat die 45 procent niet gehaald werd. Het stadsbestuur trok in 2016 zelfs naar de rechter om het bedrag van 106.000 euro te eisen. In juni 2018 maakte toenmalig burgemeester Johan Vande Lanotte (sp.a) bekend dat er uitstel van betaling was verleend tot 30 april 2019. En als de vismijn in april 2019 klaar zou zijn, moest de 106.000 euro niet betaald worden. Nu kwam aan het licht dat de verplichting om 45 procent in Oostende aan te landen, ook zou vervallen. 

Dat laatste stemt de kersverse schepen Charlotte Verkeyn (N-VA) allesbehalve gelukkig. “In 2018 was er een stijging van de tonnage van 5.700 naar 5.900 ton. Dat is 41 procent van de totale aanvoer. Dat komt omdat men toen maar 14.400 ton heeft binnengehaald. De grote verliespost zat in Zeebrugge. Maar één zwaluw maakt de lente niet. Oostende heeft zeker capaciteiten, maar door het vorige stadsbestuur kunnen we nu geen percentage meer opleggen. Ik zal alvast in overleg treden”, zegt Verkeyn.

Bij de Vlaamse Visveiling zegt CEO Sylvie Becaus dat er geen reden is tot ongerustheid. “Er is nog nooit zoveel geveild in Oostende. Als de schepen zich zorgen maakt, mag ze mij contacteren. Ook de visserijsector moet niet ongerust zijn. Waarom zouden we 5 miljoen investeren in een nieuwe vismijn om er dan geen vis door te jagen? Misschien moeten al die mensen die achterdochtig zijn, zelf eens geld op tafel leggen. Wij hebben in de laatste jaren zeker al 10 miljoen euro geïnvesteerd in Oostende.” 

De nieuwe vismijn zou tegen de zomer volledig klaar zijn. “We rekenen er op om in de kalme periode, zijnde de zomer, te verhuizen zodat we er opnieuw staan tegen het najaar als het opnieuw drukker wordt.” In het contract tussen de stad en de Visveiling werd nochtans 30 april als deadline opgegeven, maar daar wil Becaus niet op ingaan. “Dat contract is een kwestie tussen de veiling en de stad. We doen ons best om klaar te zijn.”




Reacties

Alle reacties worden voor publicatie gelezen -en goed- of afgekeurd- door het moderatie-team van HLN. Elke reactie moet voldoen aan deze gedragsregels.
Je naam en voornaam verschijnen bij je reactie.


Video