Twintigers riskeren celstraf in beroep na afpersing minderjarigen

Het Gentse hof van beroep.
Wannes Nimmegeers Het Gentse hof van beroep.
Een 20-jarige man, N.L., en een 21-jarige man, B.D., moesten zich voor het Gentse hof van beroep verantwoorden voor de afpersing van minderjarigen in Oostende. In eerste aanleg kregen ze elk 40 maanden cel.

De feiten vonden plaats in de zomernacht van 19 juli 2017 in Oostende. In de Rondestraat en op de Oostendse dijk werden enkele minderjarigen door een groepje afgeperst onder bedreiging van een wapen. In dat groepje stonden onder andere L. en D. De advocaat van L. erkent dat haar cliënt het mes gaf om de jongeren te bedreigen, “Hij had altijd een mes bij zich, om zich te verdedigen”, zei de advocaat. “Hij komt uit een moeilijke thuissituatie en zwierf rond in het Brusselse. Hij stond inderdaad daar en zag het gebeuren. Maar zijn tijd in detentie heeft hem tot nadenken gebracht. Hij wil een volledig andere weg inslaan”, aldus de advocaat die een werkstraf vroeg. 

De andere beklaagde, D., stond er ook bij. Maar zijn advocaat nuanceerde dat in het hof, “Hij zag het vanop afstand gebeuren, hij stond op 30 meter van de feiten. Toen hij erbij kwam, waren de slachtoffer al gevlucht. Ik vraag voor hem een werkstraf, hij heeft zich herpakt.” De procureur-generaal in beroep kon zich deels vinden in de pleidooien, “Het waren zeer lafhartige aanvallen op minderjarigen. Alle feiten zijn voor mij bewezen. Ik vorder 37 maanden cel met uitstel voor L. en een werkstraf voor D.” Uitspraak op 30 april.




Reacties

Alle reacties worden voor publicatie gelezen -en goed- of afgekeurd- door het moderatie-team van HLN. Elke reactie moet voldoen aan deze gedragsregels.
Je naam en voornaam verschijnen bij je reactie.


Video