Volkscafé ’t Breughelke op de Plaats gaat tegen de vlakte voor appartementen: “Johny Turbo dronk hier geregeld zijn pintjes”

Café 't Breughelke gaat weldra tegen de vlakte
Maxime Petit Café 't Breughelke gaat weldra tegen de vlakte

Bijna 25 jaar staat Filip Mulleman (69) achter de toog van volkscafé ’t Breughelke op de Plaats van Rekkem. Woensdag bedient hij voor de laatste keer zijn klanten vooraleer de kroeg plaats moet maken voor de nieuwbouw van appartementen. “Ik ga verplicht met pensioen maar niet geheel met tegenzin.”

“Het is mooi geweest”, blikt cafébaas Filip Mulleman uit Rekkem bondig terug op zijn kwarteeuw achter de toog van ‘t Breughelke. “Ik bracht hier toch een groot deel van mijn leven door maar aangezien een aannemer de boel hier opkocht en er appartementen op laat bouwen, kan ik niet anders dan met pensioen gaan. Woensdag zal ik de vaste klanten hier nog een laatste keer verwennen. Misschien zit er nog een klein feestje in met wat hapjes al zal ik het ook niet te speciaal maken. Ik ben een eenvoudige man.”

Siska Couckuyt die iets verder aan de toog zit, knikt bevestigend: “Filip is niet de grote babbelaar, wel eerder de filosoof. Maar toch iemand waarvoor je speciaal op café komt.” Siska runt café-restaurant De Smokkelaar, twee panden verder. Met het verdwijnen van ’t Breughelke blijft er straks maar één café meer over op de Plaats. “Ik ga de klanten van hier met plezier soigneren bij ons”, lacht ze. “Ook al vinden er alsmaar minder jongeren de weg naar het café. Die zitten tegenwoordig liever achter hun computer gekluisterd. En van de oude generatie vallen er steeds meer mensen weg.”

“Nooit ambras”

Filip denkt dat volkscafés over een aantal jaren helemaal zullen uitsterven. “Je moet het café al bijna combineren met een andere activiteit om nog rendabel te blijven. Het is een harde stiel en rijk word je er ook al niet van. Toch heb ik hier altijd met veel goesting gestaan. Mijn klanten waren hondstrouw en dan bouw je ook een band op met hen. Buitenstaanders kwamen hier zelden en dat hoefde ook niet. Het is misschien net daarom dat er hier in al die jaren geen ambras was. Nooit moest de politie hier tussenkomen omdat iedereen mekaar respecteerde in dit volkscafé. Er is een periode geweest waarin ik redelijk veel jonge klanten over de vloer kreeg. Er werden hier toen zelfs fuiven georganiseerd. Maar boel en miserie? Dat nooit! Ook met de buren klikte het in al die jaren.”

Links van de toog zien we een volle trofeeënkast. Minivoetbalploeg ’t Breughelke had gedurende een tiental jaren die prijzen verzameld. “Och, dat was een mooie periode”, zegt Filip met een brede glimlach. “De aanwezigheid van de voetballers na hun wedstrijd zorgde altijd voor ambiance in de keet. En je moet niet denken dat het sportieve hoogvliegers waren, hoor. De trofeeënkast werd voornamelijk gevuld met zuipbekers.”

De toekomst

Het is toch even nadenken voor Filip als we polsen naar andere speciale momenten in het café. “De betreurde Johny Turbo kwam hier in zijn wilde jaren geregeld pintjes drinken. Hij ging vaak met de aandacht lopen, zeker wanneer hij begon te zingen aan de toog. Hij heeft hier trouwens ook nog opgetreden.”

De komende weken maakt Filip het gebouw leeg alvorens de sloophamer in ’t Breughelke gezet wordt. Wat hij nadien doet, blijft nog een vraagteken. “Misschien moet ik tussendoor eens vijf minuten nadenken over mijn toekomst. Ik heb nog niets gepland maar allicht zal ik voortaan meer tijd vrijmaken voor de familie.”

Filip Mulleman met een paar van zijn laatste klanten. Vooraan zien we Siska Couckuyt van café De Smokkelaar
Maxime Petit Filip Mulleman met een paar van zijn laatste klanten. Vooraan zien we Siska Couckuyt van café De Smokkelaar
Café 't Breughelke moet plaats ruimen voor appartementen
Maxime Petit Café 't Breughelke moet plaats ruimen voor appartementen



1 reactie

Alle reacties worden voor publicatie gelezen -en goed- of afgekeurd- door het moderatie-team van HLN. Elke reactie moet voldoen aan deze gedragsregels.
Je naam en voornaam verschijnen bij je reactie.


  • jan vanhulle

    Beste Filip, ik was 19 en samen met mijn broer zaten we bij jou in de les: letterzetten: we leerden de stiel, nu al lang overbodig maar de basispricipes die blijven bestaan, dank u wel!