Zelfgemaakte tunnel onder fitnesszaal leidt naar professionele wietplantage

Themabeeld
anp Themabeeld
De uitbater van een fitnesszaak in Maasmechelen zag zijn zakencijfer in 2014 kelderen na de opening van zijn goedkope Basic Fit-concurrent in de buurt. Hij aanvaardde daarom het voorstel van een Nederlander, die een wietplantage met twee kweekruimtes opzette in zijn pand. Achter een luik in de vloer van een van de sportzalen zat een zelfgemaakte tunnel verborgen. 

Ook de agenten moesten tijdens de huiszoeking op 26 april 2016 vijfentwintig meter op handen en voeten kruipen om tot bij de plantage in de kruipkelder te geraken. Volgens de aanklager bracht de plantage op twee jaar tijd ruim 240.000 euro op. Vijf beklaagden riskeren tot vier jaar cel.

Aan de wietplantage in de fitness in Maasmechelen werd ook een tweede cannabisplantage met stekkerij in Lanaken gelinkt. Die leverde volgens de aanklager 315.000 euro op. De bal ging aan het rollen toen de politie in april 2016 getipt werd over de wietplantage in de fitnesszaak in Maasmechelen, waarna een huiszoeking plaatsvond. Achter de gesloten deur van de spinningzaal hingen de overalls klaar om naar de wietplantage in de kruipkelder af te zakken.

Ruimte verhuurd

De aanklager beschouwde de fitnessuitbater als het brein achter de plantage in Maasmechelen, die twee jaar lang draaide en zeven oogsten opleverde, en vorderde een celstraf van 30 maanden voor zaakvoerder Y. (47) uit Maasmechelen. De veertiger zat in 2016 drie maanden in voorhechtenis en heeft intussen opnieuw vast werk in de sector. Zijn advocaat minimaliseerde zijn rol. “Hij heeft die ruimte verhuurd voor 2.000 euro per maand. Als er een oogst was, kreeg hij 3.000 euro extra. Er is maar twee keer geoogst.” Y. riskeert nog een extra celstraf van drie maanden omdat hij een onvergunde revolver en pepperspray in zijn bezit had. De pepperspray lag naast de kassa, om te gebruiken als iemand geld uit de kassa zou opeisen.

Als grote man achter de wietplantage in Maasmechelen en de wietplantage en de stekkerij in Lanaken wees de openbare aanklager naar Nederlander R. (55). Ze vorderde voor hem de zwaarste celstraf van vier jaar. Zijn partner, de Nederlandse C. (43) riskeert een celstraf van drie jaar. De plantage en de stekkerij in Lanaken werden in de woning van haar vader opgezet. Haar raadsman Luk Delbrouck vroeg een lagere celstraf met uitstel. C. was volgens Delbrouck wel betrokken in de stekkerij in Lanaken, maar had met de wietplantage in het huis van haar vader zelf weinig te maken. “Mevrouw is vanuit Nieuw-Zeeland naar België gekomen om haar zieke vader te verzorgen. De plantage was daar toen al. Ze wist dat maar ze was er niet actief bij betrokken. Ook met de wietplantage in Maasmechelen had ze niets te maken. Daar is ook geen enkel bewijs van in het dossier.” De vader van C. overleed toen ze beiden in 2016 in voorhechtenis zaten voor de feiten.

Verbeurdverklaring

Een man uit Genk en een Nederlander uit Heerlen riskeren als medebeklaagden ook twintig maanden cel. De vijf beklaagden kwamen allemaal in persoon naar de strafrechtbank in Tongeren. Met de vordering tot verbeurdverklaring van de winsten van ruim 555.000 euro voor de twee plantages en een gevorderde schadevergoeding van 164.000 euro voor de diefstal van elektriciteit, riskeren de beklaagden ook een zware financiële opdoffer.

Vonnis volgt op 24 april.