"In de zomer tot drie keer per dag de MUG-heli in"

Wanneer F-16's en de Sea King je honger naar vliegen niet gestild krijgen

Johan De Block bij zijn eigen toestel, een SV4 uit 1951.
Foto Proot Johan De Block bij zijn eigen toestel, een SV4 uit 1951.
Hij zal deze zomer gemiddeld drie keer per dag in de cockpit van zijn MUG-heli moeten kruipen, maar dat deert Johan De Block (49) uit Oostduinkerke allerminst. Want vliegen domineert zijn leven al jaren, van F-16's tot de Sea King. Tussen de oproepen door is hij ook 'nog even' voorzitter van de West Aviation Club. En gelukkig blijft de alarmbel ook even stil wanneer wij aanschuiven voor een bevlogen gesprek.

Met een vliegtuig door het zwerk ketsen... Vind maar eens tien kinderen die er nooit van gedroomd hebben. Ook Johan was zo'n dromer, maar hij heeft het daar niet bij gehouden. "Mijn vader deed aan sportvliegen en ik mocht vaak mee", vertelt hij. "Zodra ik mijn middelbaar diploma op zak had, heb ik me bij Defensie ingeschreven voor de opleiding tot jachtpiloot. Ik heb nog met F-16's gevlogen, was vijf jaar lang instructeur in het Amerikaanse Sheppard en heb ook een viertal jaar lesgegeven op Marchetti (een schroefvliegtuig waar Belgische kandidaat-piloten hun opleiding bij de luchtmacht mee beginnen, red.). In 2003 kon ik aan de slag op de luchtmachtbasis in Koksijde, waar ik opgeklommen ben tot boordcommandant van de legendarische Sea King."

De zomers in Koksijde waren dan ongetwijfeld ook erg druk?

"Inderdaad. Het gaat vaak om verloren gelopen kinderen of mensen die in het water in moeilijkheden terechtgekomen zijn. In de twaalf jaar dat ik met de Sea King gevlogen heb, was ik bij zeker tweehonderd reddingen betrokken. Eén ervan zal me altijd bijblijven: de gasontploffing in Gellingen, op 30 juli 2004. De trillingen waren toen tot tien kilometer ver te voelen. We waren met een Sea King op weg naar Brussel toen de oproep binnenkwam. We wisten niet wat we moesten verwachten... Die krater, de chaos en de verbrande slachtoffers zijn dingen die ik me nog zo voor de geest kan halen. Tot vijfhonderd meter afstand van de ontploffing zaten mensen verbrand in hun voertuig. We hebben de slachtoffers overgebracht naar brandwondencentra in België, Nederland en Frankrijk. Er zijn toen 24 doden en 132 gewonden gevallen... Toch is het vaak de winterperiode die uitdagend is voor de Sea King. Op 5 december 2012 waren we als eerste ter plaatse toen het schip Baltic Ace in enkele minuten zonk. Elf mensen lieten het leven. Het was een koude, stormachtige nacht. Ik moest tussen de sneeuwbuien door laveren. Na vier uur moesten we terug omdat het te koud was om de Sea King nog veilig te besturen. Zeven mensen hebben we nog kunnen overbrengen."

In het VTM-programma 'Helden van hier in de lucht' speelde de MUG-heli de hoofdrol. Je vliegt nu al twaalf jaar bij dat medisch urgentieteam. Een groot verschil met de Sea King?

"Toch wel. Waar we met de Sea King gemiddeld honderd oproepen per jaar hadden, is dat bij de MUG-heli zeven keer meer. De zomer is de drukste periode, met gemiddeld drie oproepen per dag - mijn record staat op negen. Bij de dienst 112 hebben ze een checklist die gevolgd wordt vooraleer wij opgeroepen worden. Het vaakst moeten we de lucht in voor mensen die een hartaanval of herseninfarct gekregen hebben, of flauwgevallen zijn. Als piloot van de Sea King kom je niet in contact met het slachtoffer, maar in de MUG-heli is die betrokkenheid er wel. En de appreciatie is enorm. De toekomst van onze dienst wordt soms in vraag gesteld, maar ik heb er alle vertrouwen in. Door het succes stijgt het aantal oproepen wel - en dus ook de kosten. Misschien moeten we iets zuiniger zijn met de inzet van de heli."

Koksijde wil intussen investeren in een recreatieve luchthaven. Is de kustregio daar klaar voor?

"De West Aviation Club, waar ik voorzitter van ben, bestaat net zeventig jaar. Tussen juni en september is het een komen en gaan van piloten op de landingsbaan langs de Ten Bogaerdelaan. Maar onze infrastructuur is tot op de draad versleten. In september hoop ik ons nieuwe, tijdelijke onderkomen te kunnen openen. De containers zijn in opbouw en over enkele jaren zullen we verhuizen naar een nog te bouwen clublokaal bij de Burgweg. De gemeente wil daar inderdaad een recreatieve luchthaven uitbouwen. Als je kijkt naar een gelijkaardig project in Le Touquet, kan je alleen maar vaststellen dat het een succes is. Zo'n luchthaven trekt een nieuw publiek aan, en is een toeristische meerwaarde. Ik heb er mijn levensdroom van gemaakt om dit tot een goed einde te brengen. Het is voor onze club ook haalbaar om die luchthaven te beheren. En er is nog meer goed nieuws, want op een deel van de luchtmachtbasis dat de gemeente zal aankopen, is er ook ruimte voor luchtvaartgebonden industrie, een museum en een airpark. Koksijde zal uitgroeien tot het Mekka van de recreatieve luchtvaart en dat kan ik alleen maar toejuichen."

Tot slot: zien we jou deze zomer ook boven Koksijde vliegen?

"Heel zeker. Ik heb een SV4 uit 1951, die helemaal gerestaureerd werd naar het originele ontwerp. Het toestel is door de Antwerpse vliegtuigbouwers Stampe en Vertongen gemaakt. Vorige zomer ben ik er nog mee naar Polen gevlogen - een fantastisch avontuur. Ik kan ervan genieten om de wereld vanuit de lucht te bewonderen. En geef nu toe: iedereen droomt er toch wel eens van om te kunnen vliegen zoals een vogel? Dat fantastische gevoel wil ik nooit kwijt. Dat is de reden waarom ik zo verknocht ben aan vliegen."