Een ontplofte bom, of een meteoriet? Nee, een ingestorte oorlogstunnel

WO I-GIDS ONTDEKT ZINKGAT IN AKKER

WO I-gids Simon Louagie en Niek Benoot van Museum Hooge Crater bij het zinkgat.
Eric Flamand WO I-gids Simon Louagie en Niek Benoot van Museum Hooge Crater bij het zinkgat.
In een akker vlak bij het Kraterbos in Ieper is een zinkgat ontdekt. De oorzaak ligt bij een ingestorte tunnel uit WO I, die bedoeld was om explosieven onder de Duitse stellingen te brengen. "Helemaal zonder gevaar is dit niet", zegt Niek Benoot van het Museum Hooge Crater.

WO I-gids Simon Louagie kreeg onlangs de tip dat er in een veld langs de Oude Kortrijkstraat een grote put - drie meter in diameter en twee meter diep - is ontstaan. De bewuste plek bevindt zich op een heuvelrug die Bellewaerde Ridge wordt genoemd en ligt op een kleine kilometer van het pretpark. Je hebt er een mooi overzicht van de omgeving, wat het in de oorlog tot een strategische belangrijke plaats maakte. Ze was zó belangrijk dat er niet alleen bovengronds werd voor gevochten, ook ondergronds was dat het geval. "In de buurt zijn nog tal van sporen zichtbaar van wat er zich hier afspeelde", zegt Louagie.


"De Britten hebben op deze plaats tunnels gegraven om de Duitse stellingen te kunnen ondermijnen. Je kan het best vergelijken met wat er tijdens de Mijnenslag van Mesen gebeurde, maar daar ging het om een gerichte aanval met meer explosieven. Hier was er om de zoveel tijd een ontploffing, maar zoveel haalde dat toch niet uit."

Zo ziet een ondergrondse constructie, gegraven door 'tunnellers', er uit.
Eric Flamand Zo ziet een ondergrondse constructie, gegraven door 'tunnellers', er uit.

Explosieven

Op zo'n tien meter diepte liggen er meerdere tunnels. Het gat komt er wellicht nadat een landbouwer er met een bietenmachine, toch goed voor een paar ton, is overgereden. "De houten constructie die zich in de tunnel bevindt, is helemaal rot door het water en heeft het begeven", weet Niek Benoot van het Museum Hooge Crater in Ieper. "Dat is ook in het verleden al gebeurd en het is niet uitgesloten dat het nog eens voorvalt. Helemaal zonder gevaar is dit niet. Stel je voor dat daar een tractor of een andere landbouwmachine in zo'n gat belandt." Mogelijk bevinden zich onder de grond ook nog explosieven. "Dat zou kunnen, maar gevaarlijk zullen die toch niet meer zijn, door het vele water worden ze onschadelijk gemaakt. Die munitie ligt overigens op het einde van de tunnel en niet in de schachtgang, waar het gat is geslagen."

Monument

Voor het graven van de tunnels werden geen soldaten ingezet, maar mensen die ervaring hadden met ondergrondse werken. "Het ging om zogenaamde 'tunnellers', die speciaal door het leger waren aangetrokken om te graven. Ze waren goed betaald en voor hen gold een speciaal regime", zegt Benoot. "Het graven van tunnels was geen eenvoudige opdracht. Alles gebeurde in een kleine ruimte. Ook moest er voorzichtig worden omgegaan met de uitgegraven aarde. Die mocht niet zichtbaar zijn voor de vijand, anders kreeg die in de gaten dat er iets niet pluis was. Toch beschouwden de 'tunnellers' het veiliger onder de grond. Zo hadden ze toch wat bescherming tegen de vele artillerie-aanvallen." Op enkele tientallen meters van de put staat niet toevallig het monument R.E. Grave, Railway Wood. Het werd opgericht voor elf 'tunnellers' en één officier van de '177th Tunnelling Company' van de Royal Engineers die ondergronds om het leven kwamen. In de buurt zijn er ook nog enkele kraters zichtbaar, veroorzaakt door ondergrondse ontploffingen.