Ga naar de mobiele website
^ Top

"Tijd voor gezin, studie en iets nieuw"

DIRECTEUR NEEMT AFSCHEID VAN KARRENMUSEUM

Afscheidnemend directeur Leo van den Berg en collectiebeheerder Dieter van Mol in het atelier van het museum bij een houten karrenwiel.
Foto Laenen Afscheidnemend directeur Leo van den Berg en collectiebeheerder Dieter van Mol in het atelier van het museum bij een houten karrenwiel.
Het Karrenmuseum maakt zich op voor het laatste grote evenement van het jaar, het Winterfeest. Het is het laatste evenement van Leo van den Berg. De directeur die het voorbije jaar het museum op de kaart heeft gezet. De helft meer bezoekers. Erkenning als regionaal museum. "Ik ben trots, maar geef de pluim maar aan de vrijwilligers. Zij dragen het museum", reageert van den Berg.

Het is een druilerige dag in het Karrenmuseum, aan de Moerkantsebaan. Achter de schermen zijn vrijwilligers aan de slag en is collectiebeheerder Dieter van Mol in de werkplaats bezig met het maken van een houten karrenwiel.


Leo van den Berg was eigenlijk thuis met zijn zoontje, maar wilde toch even tijd vrijmaken. Want na het Winterfeest is het voor Leo gedaan. Het zal zijn laatste publieke optreden zijn als directeur van het Karrenmuseum. Hij neemt twee jaar loopbaanonderbreking, maar de kans dat hij daarna terugkeert, is bijna nihil. "Ik wilde wat meer tijd voor mijn gezin en ook tijd om mijn studies af te maken", vertelt Leo. "Ik volg een master in de Communicatiewetenschappen en ook nog Taal & Letterkunde. Elk jaar deed ik zo een aantal vakken. Nu wil ik het eindelijk eens helemaal afmaken (lacht)."


Wie met Leo praat, krijgt een bescheiden man voor zich. Rustig. Iemand die nooit alleen in de belangstelling wil staan. De voorbije vijf jaar is er nochtans veel gebeurd. Er zijn loodsen bijgekomen, waardoor de hele collectie beter getoond kan worden en beter beschermd is. Vier keer per jaar wordt er een evenement georganiseerd, terwijl er dat vroeger maar ééntje was. Er zijn verscheidene wetenschappelijke onderzoeken opgestart en heel wat unieke collectiestukken voor Nederland en België staan in het Karrenmuseum van Essen te pronken. Het bezoekersaantal steeg van ongeveer 10.000 per jaar naar 15.000.

Volgende zes jaar

En dan was er de kers op de taart: het museum kreeg een regionale erkenning, waardoor het kan rekenen op Vlaams geld en het niet meer alleen van de gemeente afhangt. "Misschien ben ik daar nog wel het meest trots op", vertelt Leo. "Het is een van de dingen die ik absoluut nog wilde afwerken: het dossier om zeker ook de volgende zes jaar nog in aanmerking te komen voor subsidies. En dan kan ik met een gerust hart zeggen: het museum staat er weer. Maar ik besef ook als geen ander: dat hebben we bijna uitsluitend te danken aan de vrijwilligers die zich dagelijks inzetten. Zonder die mensen zijn we niets. Met veel van hen bouw je ook een emotionele band op."

Zweefmolen

Wat de toekomst brengt, weet Leo niet. Hij heeft vijf jaar bij het Havenbedrijf gewerkt op de communicatiedienst. Hij werkte ooit als journalist voor een landbouwtijdschrift en voor een autotijdschrift in Nederland. "Wie weet ja, de journalistiek... Ook een mooi ambacht. Of terug in de museumwereld. Het kan. We zien wel (mijmert toch). Maar laat ons nu maar eerst zorgen dat het laatste Winterfeest een succes wordt. Want het belooft in elk geval wel een huzarenstukje te worden, die 17de december. Er komt dan een speciale zweefmolen 'Friederich Heijn' uit 1925 met plaats voor 36 mensen. Die staat de dag ervoor nog in Ekeren, wordt daar afgebroken en 's nachts hier opgebouwd. Maar omdat de vrachtwagen het museum niet kan inrijden, belooft dat nog wel wat te worden... (lacht). Ach, het zal wel weer goedkomen."

Op bezoek

Verder zijn er onder meer een vuurshow, een kinderboerderij, ezelritjes, verscheidene muzikale optredens, straattheater en ook een sfeervolle markt voor de laatste kerstaankopen. "En daarna? Daarna ga ik iedereen ontzettend hard missen. Maar ik kom terug hoor. Als bezoeker dan."

Meer over


Meld een bug