Daar zijn zeehond en bever weer

MEER DIERSOORTEN IN SCHELDE DANKZIJ BETERE WATERKWALITEIT

Zeehonden vinden eten in de Schelde en vertoeven er dus graag.
Kristof Pieters Zeehonden vinden eten in de Schelde en vertoeven er dus graag.
In onze regio gedijt de natuur in de Schelde almaar beter. Bever, zeehond en meivis zijn volop aan een heropleving bezig. Dat blijkt uit cijfers van het kabinet van minister van Leefmilieu Joke Schauvliege (CD&V).

De heropleving van enkele diersoorten in de Schelde in onze regio, meer bepaald rond Vlassenbroek in Baasrode, Hamme en Berlare, is opvallend. Zo denken ze er bij minister van milieu Joke Schauvliege over. "De bever en zeehond zijn al een paar jaar vertegenwoordigd, maar hun aantal blijft maar stijgen", zegt Schauvliege. "Dat is onder andere te danken aan een betere waterkwaliteit in de Schelde en de aanleg van gecontroleerde overstromingsgebieden langs de rivier. Die laten het leven floreren en dat is natuurlijk een goede zaak."


Terwijl het aantal bevers rond de Schelde in 2010 nog geschat werd op amper twaalf, liep dat aantal tegen 2012 op naar 32. Vorig jaar waren het er al 248. "En dat terwijl het dier sinds 1848 uitgestorven was in deze regio", zegt Schauvliege. "Sinds 2000 duikt de soort af en toe weer op. In 2007 bevond de eerste bever in de Scheldevallei zich in de Vlassenbroekse polder. Ondertussen zijn er meer dan twintig plekken in de streek waar de diertjes vertoeven, ook in Hamme bijvoorbeeld."

Als je afgeknaagde takken ziet, is er een bever in de buurt.
Martijn Follebout Als je afgeknaagde takken ziet, is er een bever in de buurt.

Voortplanting meivis

Het aantal blijft bovendien maar toenemen. De bevers leven in een groot deel van de Sigmaplan-gebieden, waar gecontroleerde overstromingsgebieden worden aangelegd. Het gaat dan onder andere om de Vlassenbroekse polder in Dendermonde en de Oude Durme in Hamme en Waasmunster. De aanleg van getijdengebieden speelt een gelijkaardige rol voor de toename van de fint, ook meivis genoemd. Die brengt het grootste deel van zijn leven door in zee, maar plant zich voort in rivieren.


"De aanwezigeheid van die dieren is een goede indicator van de gezondheid van de Schelde", zegt Schauvliege. "De belangrijkste reden van het recente succes van de fint is dan ook de betere waterkwaliteit. Al in 2012 waren er tekenen van paaiactiviteiten, maar dat leidde niet tot succesvolle voortplanting. Die is er sinds kort wel. Vorig jaar was de meivis in het voorjaar zelfs één van de dominante vissoorten in de rivier." Vorig jaar werd de fint gespot aan de Paardeweide in Berlare en de Polder van Kruibeke. Ook de getijdengebieden aan de Wijmeers in Berlare en Lippenbroek in Hamme blijken ideaal als groeigebeid.


Tot slot duiken er ook almaar meer zeehonden op in de Schelde in deze streek. Terwijl in 2010 slechts acht aanwezig waren, zijn dat er ondertussen meer dan zestig. Het aantal waarnemingen neemt gestaag toe. "Door de betere waterkwaliteit neemt het visbestand toe en dus hebben zeehonden hier voldoende eten", stelt Schauvliege. "We verwachten dat zeehonden de Schelde alleen maar meer gaan gebruiken als eetkamer."