Stortvloed aan souvenirwinkels, goede zaak?

STEM 2018 | DIT MOET BETER IN BRUGGE

Een van de vele souvenirwinkels voor toeristen in het centrum van Brugge.
Foto Benny Proot Een van de vele souvenirwinkels voor toeristen in het centrum van Brugge.
De laatste zes jaar is het aantal toeristische winkeltjes met souvenirs, chocolade en bier sterk toegenomen. Aan de andere kant houden heel veel Brugse vaste waarden het voor bekeken en is er leegstand in de winkelstraten. Is die tendens te stoppen? Moet Brugge weer meer kwalitatieve handelszaken aantrekken?

"De leegstand in Brugge is nog altijd een van de laagste van het land", opent burgemeester Renaat Landuyt (sp.a). "De perceptie is anders dan de werkelijkheid. Het is wel zo dat enkel kapitaalkrachtige winkelketens sommige prijzen, die soms tot 10.000 euro per maand bedragen, nog kunnen betalen. Dat effect zie je in de Noordzand- of Geldmuntstraat. In straten zoals de Ezelstraat zie je dat veel minder. Daar ervaar je een andere dynamiek. Het winkellandschap verandert overal. Er is een hele generatie mensen volwassen geworden met het internet. Het is onze taak om winkels te ondersteunen die willen moderniseren en aanpassen. De uitdaging voor de komende jaren is om iedere winkelstraat een eigen karakter te geven. Daarvoor moet ik de collega's overtuigen om op vlak van ruimtelijke ordening dwingende keuzes te maken. En trouwens, op toeristische winkels moet je niet neerkijken. Die zijn nu eenmaal eigen aan een toeristische stad."

Reglement opstellen

Volgens Dirk De fauw (CD&V) mogen er geen bierwinkels, pralinezaken en nachtwinkels bijkomen. "Indien nodig stellen we een reglementair kader op. Het authentieke karakter van onze binnenstad moeten we bewaken. Brugge staat voor kwaliteit en verdient een versterking van het kwaliteitstoerisme. Een centrummanager kan kwaliteitsvolle handelszaken aantrekken. Daarvoor willen we een zelfstandige inschakelen, een onafhankelijk iemand die kan inspelen op de noden."


Mercedes Van Volcem (Open Vld Plus) trok in het voorjaar naar Amsterdam, om daar te kijken hoe ze de toevloed aan toeristische winkels opvangen. "Er is een beheerplan nodig", vindt ze. "Een verschraling van het winkelaanbod is niet goed voor Brugge. Souvenirwinkels moeten er ook zijn, maar ze mogen niet uitzwermen over de hele stad. Er is een nieuwe bouwverordening nodig om in te spelen op die nieuwe tendenzen. Een centrummanager die toekijkt op de diversiteit is een goed idee. Die persoon kan investeerders aantrekken en het winkelgebied verbeteren. Deze stad is de laatste jaren heel ouderwets bestuurd op economisch gebied."


Dat vindt ook Pol Van Den Driessche (N-VA): "Lokale economie interesseert deze meerderheid niet. Nochtans zijn er instrumenten genoeg om bepaalde winkels aan te moedigen of te weren. Op toerismewinkels mag je inderdaad niet neerkijken. Zo'n 7.000 mensen verdienen hier hun brood mee. Laten we vooral blij zijn dat zoveel toeristen onze stad bezoeken. Uit onderzoek is bovendien gebleken dat Bruggelingen toeristen niet als hinderlijk ervaren."


Raf Reuse (Groen) meent dat er al genoeg toeristische winkels zijn. "We moeten bekijken hoe we nieuwe aanvragen kunnen vermijden. Nieuwe winkels die Brugs zijn en met lokale producten werken, moeten we ondersteunen."


Bij Vlaams Belang denken ze dan weer dat de markt uit zichzelf wel zal veranderen. "Er is het aspect vraag en aanbod", zegt lijsttrekker Stefaan Sintobin. "Kwaliteitstoerisme is wenselijk, maar winkels verbieden lijkt ons wettelijk niet haalbaar. Het omschakelen van winkelpanden naar woningen moet mogelijk worden in Brugge."


PVDA wil dan weer de drempel voor starters verlagen en ook huurpijzen in de gaten houden. (BHT)