"Neen, wij roven de zee niet leeg"

ONGEVEER 2.000 SPORTVISSERS EN 500 COMMERCIËLE VISSERS AAN KUST

Sportvisser Daniel Wintein zit al 60 jaar op zee.
Benny Proot Sportvisser Daniel Wintein zit al 60 jaar op zee.
Onderzoekers hebben voor het eerst de recreatieve zeevisserij aan onze Vlaamse kust in kaart gebracht. De resultaten zijn enigszins verrassend: er zijn maar liefst tweeduizend sportvissers. Die zijn samen wel maar goed voor amper één procent van de totale visvangst.

Het beeld van de gemiddelde recreatieve visser oogt al jarenlang niet fraai. Vooral de commerciële vissers laten het niet na om de sportvissers te beschuldigen. Van 'ze scheppen de zee leeg' tot 'het is oneerlijke concurrentie', het kwam allemaal al aan bod. Daarom besloten het ILVO (Instituut voor Landbouw-, Visserij- en Voedingsonderzoek) en VLIZ (Vlaams Instituut voor de zee) de handen in elkaar te slaan en de sector onder de loep te nemen. Na enkele jaren onderzoek, konden nu de eerste resultaten bekendgemaakt worden.

VLIZ-onderzoeker Thomas Verleye en ILVO-onderzoeker Frankwin Winsen.
Benny Proot VLIZ-onderzoeker Thomas Verleye en ILVO-onderzoeker Frankwin Winsen.

Eén procent

Opmerkelijk: een eerste inschatting leert dat er ongeveer tweeduizend recreatieve vissers zijn. De helft vist met de hengel vanaf een boot(je). De rest bestaat voornamelijk uit sleepnetvissers, hengelaars vanop het strand of kruiers. Ter vergelijking: in de commerciële visserij zijn nog slechts een zeventigtal bootjes en 500 vissers aan het werk.


"En toch vissen de recreatieve vissers de zee niét leeg", zegt VLIZ-onderzoeker Thomas Verleye. "Alles samen zijn de sportvissers goed voor 1 procent van de totale visvangst." Daarmee bewijst het onderzoek meteen haar nut. "Het is de ideale manier om de wilde verhalen uit de lucht te halen", knikt VLIZ-woordvoerder Jan Seys. De 'populairste' soorten die recreatieve vissers aan land halen, zijn kabeljauw, tong, wijting en garnalen. Blijft de vraag waarom het zo belangrijk was om te weten hoeveel sportvissers er aan de slag zijn? "Nochtans is het antwoord heel simpel", zegt ILVO-onderzoeker Frankwin Van Winsen. "De gegevens kunnen nu samengenomen worden met die van de commerciële vangsten. Zo kunnen de vispopulaties véél correcter en nauwkeuriger beheerd worden." In 2017 haalden de recreatieve vissers 212,6 ton vis uit de zee. Ruim 80 ton daarvan waren garnalen.


Visser Daniel Wintein (68) vertrok zaterdagochtend in alle vroegte al de Noordzee op om zijn vangst van de dag binnen te halen. De Zeebruggeling zit al 60 jaar op zee - eerst met zijn vader, dan alleen - en kan dus als geen ander de situatie inschatten. "Natuurlijk zijn er cowboys onder de sportvissers.


Maar het overgrote deel houdt zich wel aan de regels en houdt de vangst beperkt", aldus Wintein, die meteen trots zijn eigen vangst toonde. "Een tiental verse Noordzeetongen. Bakken in goede boter en dan verse frietjes erbij ... Heerlijk", knipoogt Daniel.

Bijdrage economie

"Ach, ik denk dat dit onderzoek bewijst dat we de zee helemaal niet leegroven. Concurrentie voor de commerciële visserij zijn we al helemaal niet. De sportvissers dragen bovendien hun steentje bij aan de economie." Dat laatste blijkt ook uit de cijfers. Samen besteden de vissers zo'n 5 miljoen euro op jaarbasis. Het gaat dan vooral om de aankoop of huur van vaartuigen, hengelmateriaal, zeekledij maar ook brandstof.