Uitgewezen Maram (11) mag voorlopig blijven

GEZIN ALRFAAEALSEADE NOG PAAR MAANDEN LANGER IN BELGIË

Vader Mohamed Alrfaaealsaede, moeder Reham met hun kinderen Achmed, Maram en Rahmah.
Foto David Legreve Vader Mohamed Alrfaaealsaede, moeder Reham met hun kinderen Achmed, Maram en Rahmah.
De 11-jarige Maram Alrfaaealseade, voormalig OCMW-voorzitter in de kindergemeenteraad van Bonheiden, is nog steeds in ons land. De tiener uit Irak stond op het punt met haar gezin uitgewezen te worden en verbleef de laatste weken in een open terugkeercentrum in Zulte. Nu blijkt dat het gezin nog enkele maanden langer kan blijven.

Begin oktober werd Maram met haar gezin overgeplaatst van het lokaal opvanginitiatief in Bonheiden naar een open terugkeercentrum in het Oost-Vlaamse Zulte. Daar zouden ze hoogstens dertig dagen mogen verblijven en binnen die termijn het land moeten verlaten. "De advocaat van het gezin is nu tot de vaststelling gekomen dat ze nog niet konden uitgewezen worden", vertelt Eric Lauwereys, vertrouwenspersoon van het gezin. "Zoon Achmed heeft diabetes type 1 en sinds begin augustus loopt er een niet-opschortende medische beroepsprocedure. Zolang daar geen uitspraak over is, mogen ze in een vluchtelingenplaats verblijven en kunnen ze niet wettelijk uitgewezen worden."


Het gezin kan die toewijzing naar een vluchtelingenplaats weigeren en op eigen benen een woonst zoeken. "Het gezin heeft nu maar één wens: opnieuw in Bonheiden wonen. De band met Bonheiden en Rijmenam, waar de drie kinderen op school zaten, is nog heel sterk. Ik bezocht hen wekelijks, en bracht dan spullen mee van de klasgenootjes van de kinderen en nam tekeningen en brieven terug mee."

Brievenactie

"De brievenactie, ontstaan uit de klasgenoten, heeft trouwens weinig indruk gemaakt. Vanuit staatssecretaris Francken kwam er geen enkele reactie, iets waar de klasgenootjes wel op hadden gehoopt. Ik probeer nu mijn best te doen om het gezin terug naar de regio van Bonheiden te halen, maar uiteindelijk ligt dat niet in mijn handen. Het is Fedasil dat hen een vluchtelingenplaats in ons land toewijst. In de vluchtelingenplaats zouden ze tot enkele maanden na de bevalling van mama Reham, die in februari staat gepland, kunnen blijven. Een nieuwe procedure opstarten voor een vast verblijf is voorlopig nog niet mogelijk. Het is eerst wachten op de toewijzing door Fedasil."


Kiest het gezin om niet naar een vluchtelingenplaats te gaan, dan kan het een hulpvraag indienen bij het OCMW van Bonheiden. Dan nog is het onduidelijk of het een dak boven het hoofd heeft. "Het OCMW kijkt dan welke hulpverlening er kan geboden worden. Onze mogelijkheden zijn echter beperkt door de wetgeving, welke afhankelijk is van hun verblijfstatuut", reageert voorzitter van het OCMW Hilde Schueremans (CD&V). "We hebben bij Fedasil geïnformeerd of er mogelijkheden zijn om het gezin Alrfaaealseade onder te brengen in ons lokaal opvanginitiatief, maar omwille van hun verblijfstatuut is dat niet mogelijk."