Boek bundelt geschiedenis van schaapherdersfamilie: “Dichter bij natuurelementen kan je niet komen”

Familie Cleiren was vier generaties lang actief in Verdronken Land Van Saeftinghe

Stefaan Cleiren bundelde zijn familiegeschiedenis over vier generaties schaapherders in het Verdronken Land van Saeftinghe in een boek.
Kristof Pieters Stefaan Cleiren bundelde zijn familiegeschiedenis over vier generaties schaapherders in het Verdronken Land van Saeftinghe in een boek.
In deze kerstperiode staat er onder elke boom wel een lieflijk ogende herdersstal, maar Stefaan Cleiren (78) weet als geen ander dat het leven van een herder hard labeur was. Zijn familie trok bijna honderd jaar lang met een kudde schapen rond in het Verdronken Land van Saeftinghe. Die geschiedenis heeft hij nu voor het nageslacht bewaard in een boek.

Benedictus Cleiren was in 1890 de eerste die in het Verdronken Land Van Saeftinghe een stuk grond pachtte. “Iedereen verklaarde hem bijna gek, want het was een 3.580 hectare groot gebied van slikken en schorren waarvan grote delen tweemaal per dag volledig blank kwamen te staan”, vertelt Stefaan. “Mijn overgrootvader was toen de enige in Europa met een buitendijks schapenbedrijf. Hij bouwde een stal in De Noord, het hoogste punt in het gebied, maar wel drie kilometer verwijderd van de Scheldedijk. In het begin was een roeiboot het enige transportmiddel om de stal te bereiken, maar mijn overgrootvader zette door en bouwde een netwerk van bruggetjes over de diepe geulen. Bij elke zware voorjaars- of najaarsstorm werden die echter vernield en moest alles weer worden opgebouwd. Het was dus een bijzonder zwaar leven. Bij springtij moesten alle schapen op zelf opgeworpen heuvels samengedreven worden, omdat ze anders zouden verdrinken. De zoektocht naar verloren schapen, die vaak vastzaten in de modder, was een dagelijkse bezigheid.”

Elke dag opnieuw moesten de schapen geteld worden.
rv Elke dag opnieuw moesten de schapen geteld worden.

Stefaan Cleiren kent het Verdronken Land van Saeftinghe nog altijd als zijn broekzak. “Ik ben de tel kwijt geraakt van de momenten dat ik wandelaars, die verrast werden door het opkomende water, heb moeten redden. Zelfs ervaren gidsen heb ik eruit moeten halen. De gevaarlijkste periode was in de winter, als er sneeuw lag. De opstuivende sneeuw bedekte dan de geulen zodat het landschap er plots helemaal anders uitzag. Je kon dan plots anderhalve meter wegzakken in opgewaaide sneeuw.”

Dit is niet de Noordpool, maar wel De Noord in het Verdronken Land van Saeftinghe tijdens een strenge winter.
rv Dit is niet de Noordpool, maar wel De Noord in het Verdronken Land van Saeftinghe tijdens een strenge winter.

In 1980 nam Stefaan Cleiren samen met zijn broer het schapenbedrijf over. “Ik combineerde dat met mijn job als leerkracht aan het college in Sint-Niklaas. In 1993 moesten we echter noodgedwongen stoppen door een gebrek aan mankracht. We vonden geen mensen meer die deze harde stiel wilden doen. Nu zijn ‘pré salé’ schapen bijzonder gegeerd doordat het vlees een bijzondere smaak krijgt door het eten van zilt gras. In mijn tijd was die interesse echter nog niet zo groot en was het hard knokken om te overleven. Nu worden boeren gesubsidieerd om natuurgebieden te begrazen maar wij moesten het zonder enige steun doen.”

Heimwee

Stefaan heeft nu de hele familiegeschiedenis gebundeld in een boek. Tijdens het schrijven blikte hij meermaals met heimwee terug naar zijn periode als schaapherder. “Ondanks de barre omstandigheden, vooral de ijzige snijdende wind zal ik nooit vergeten, heb ik in De Noord een fantastische tijd beleefd. Veel dichter bij de natuurelementen kan je niet komen.”

Stefaan Cleiren vreest wel voor de toekomst van het unieke gebied. In 2019 begint de ontpoldering van de Hedwigepolder en zal er landbouwgrond worden teruggeven aan de Schelde. “Maar zonder begrazing door schapen zal dit allemaal snel opnieuw verzanden”, klinkt zijn boodschap. “Wij hielden een eeuw lang met onze schapen de verruiging tegen, maar nu zie je overal hoog opgeschoten riet. Al die geleerde theoretici zouden misschien beter eens rond de tafel gaan zitten met mensen met gezond boerenverstand die het Verdronken Land door en door kennen.”

Het boek telt 115 pagina’s en meer dan 200 historische kleurenfoto’s en is onder meer te verkrijgen voor de prijs van 25 euro via de auteur (03/774.49.95) of bij café Het Verdronken Land aan de Emmaweg in Nieu-Namen.

De stal in het Verdronken Land tijdens eb
rv De stal in het Verdronken Land tijdens eb
Dezelfde stal bij springtij
rv Dezelfde stal bij springtij
Na elke zware storm moesten de bruggetjes naar de stal opnieuw opgebouwd worden.
rv Na elke zware storm moesten de bruggetjes naar de stal opnieuw opgebouwd worden.



Reacties

Alle reacties worden voor publicatie gelezen -en goed- of afgekeurd- door het moderatie-team van HLN. Elke reactie moet voldoen aan deze gedragsregels.
Je naam en voornaam verschijnen bij je reactie.