Mijnbelevingscentrum krijgt 3,6 miljoen euro

De passerelle geeft de bezoekers een prachtig uitzicht op de hele be-MINE PIT.
RV De passerelle geeft de bezoekers een prachtig uitzicht op de hele be-MINE PIT.
Het project rond de herbestemming van de Beringse mijngebouwen krijgt een subsidie van 3,6 miljoen euro. "Met be-MINE PIT verbinden we de zeven Limburgse mijnsites, creëren we een toegangspoort voor de Mijnstreek en Limburg én zetten we onze provincie internationaal op de kaart", zegt een trotse Igor Philtjens (Open Vld), gedeputeerde van Erfgoed, Cultuur en Toerisme.

Dankzij de steun van de Vlaamse overheid zullen de persoonlijke verhalen van de mijnwerkers helemaal tot leven komen. Als bezoeker zal je de drukkende warmte van de mijnen, de indringende geuren en het oorverdovende lawaai van de boren echt kunnen beleven. Er komt een 'highline' op 7,5 meter hoogte om de ontdekkingstocht nog meer belevingswaarde te geven. Die loopt over de oude watercollectoren naar het gerenoveerde waterkasteel en de grootste koeltoren. Zwevende passerelles en panoramapunten zorgen voor een totaalzicht op wat de mijnen ooit waren. Het ophaalgebouw wordt ingericht als een onthaal- en bezoekerscentrum. Verschillende monumentale gebouwen, die normaal gezien niet betreden mogen worden, zullen nu ook betrokken worden bij de verdere ontwikkeling van de be-MINE-site.

140.000 bezoekers

De mijn van Beringen was de tweede Limburgse mijn die in productie ging. Op 28 oktober 1989 sloot ze definitief haar deuren. De directie van de Kempische Steenkoolmijnen besloot achteraf om de site zo volledig mogelijk te bewaren en in 1993 en 1994 werden de belangrijkste gebouwen ook als monument beschermd. Intussen vind je op be-MINE al een binnen- en buitenzwembad, een winkelboulevard, woongelegenheden, een mountainbikepiste, een avonturenberg en een indrukwekkend snorkel- en duikcentrum. "Berekeningen voor de eerste vijf jaar gaan uit van gemiddeld 140.000 bezoekers per jaar, van wie 30 % internationale toeristen. Mijngeschiedenis maakt een niet onbelangrijk deel uit van de industrialiseringsgeschiedenis van Vlaanderen", oppert Philtjens. In 2020 moet het belevingscentrum openen. (BVDH)