Die koude nacht in 1968 toen studenten, parochianen en hoertjes alle kunst uit vuurzee in Sint-Pauluskerk konden redden

Adriaan Raemdonck (rechtsboven naast de ladder) redde tijdens de brand in de Sint-Pauluskerk  samen met andere studenten en parochianen een schilderij ('De kruisafneming') van Cornelis Cels, een Vlaams kunstschilder uit de 19de eeuw.
RV Adriaan Raemdonck (rechtsboven naast de ladder) redde tijdens de brand in de Sint-Pauluskerk samen met andere studenten en parochianen een schilderij ('De kruisafneming') van Cornelis Cels, een Vlaams kunstschilder uit de 19de eeuw.
De vlammenzee in de Parijse Notre-Dame roept in Antwerpen herinneringen op aan de verwoestende brand in de Sint-Pauluskerk op 2 en 3 april 1968. Dat was in de voorbije paar eeuwen veruit de grootste ramp die een van de vijf monumentale kerken in de Scheldestad heeft geteisterd. Veel recenter, op 30 augustus 2009, ontsnapte de Sint-Carolus Borromeuskerk aan een vergelijkbare catastrofe dankzij het snelle optreden van de brandweer.

De brand in de laat-gotische Sint-Pauluskerk aan de Veemarkt verwoestte het dak, de barokke klokkentoren en een groot deel van het Dominicanenklooster. In het collectieve geheugen van de Sinjoren eist ook de heldenmoed van vele parochianen, cafégangers, academiestudenten én hoertjes een hoofdrol op. Ze slaagden erin om vrijwel alle kunstschatten uit de kerk te redden. Dodelijke slachtoffers vielen er niet.

Kleermaker

Alles begon op die koude 2 april 1968 met een brand bij een kleermaker in de Nosestraat, omstreeks 10 uur ’s avonds, in een huis dat tegen de kerk stond. Het vuur werd geblust en er volgde een rondgang in de kerk. De situatie leek onder controle. Maar anderhalf uur later stonden het klooster en de meisjesschool die aan de kerk paalden in lichterlaaie. De pastoor zette alle ingangen open en vroeg hulp om zoveel mogelijk van het interieur en de kunstwerken in veiligheid te brengen. 

Travestieten en hoeren

Adriaan Raemdonck, bekend van galerie De Zwarte Panter, vertelde vorig jaar nog in onze krant hoe die nacht voor hem verliep. “Ik woonde bij de Veemarkt en studeerde aan de Academie. Met de hele buurt, travestieten en hoeren inbegrepen, zijn we gaan helpen. De sfeer binnen was hallucinant. Met legerschoppen hebben we een groot doek van Cornelis Cels losgekapt. Dat mensen zo hun leven waagden om kunst te redden, was voor mij een sleutelmoment.” Eind 1968 opende Raemdonck zijn befaamde galerie.

De Nieuwe Gazet van 4 april 1968. De ramp riep onder meer de vraag op waar de brand was ontstaan. Vanuit de lucht was de enorme schade goed te zien: van het dak bleef niets over, de klokkentoren zou jarenlang zwartgeblakerd het beeld van de oude stad bepalen.
RV De Nieuwe Gazet van 4 april 1968. De ramp riep onder meer de vraag op waar de brand was ontstaan. Vanuit de lucht was de enorme schade goed te zien: van het dak bleef niets over, de klokkentoren zou jarenlang zwartgeblakerd het beeld van de oude stad bepalen.

De brand verminkte de Sint-Pauluskerk voor decennia. De brand in de toren was zo hevig dat het brons van de klokken drupte. Om vier uur ’s nachts, op 3 april, stortte het dak in. De stenen gewelven bleven overeind. Verschillende huizen in de Nosestraat gingen mee in de vlammen op. De restauratie van het dak van de kerk was klaar in 1988. Aan het interieur werd nog bijna tien jaar langer gewerkt.  

Sint-Carolus Borromeus

De prachtige barokke jezuïetenkerk aan het Conscienceplein brandde in 1718 al eens af. Bijna 40 plafondschilderingen van Rubens gingen verloren. Op zondag 30 augustus 2009 liep het beter af. Met dank aan koster Marc Hesbain en de brandweerkazerne om de hoek.

Het brandalarm van de kerk loeide iets na zeven uur ’s ochtends. Toen Hesbain met de pompiers arriveerde, likten de vlammen al aan de houten zijbalkons. Oorzaak van de ellende: spots die tijdens tv-opnames de avond voordien waren gebruikt en te dicht bij de houten vloer hingen. Een klimteam van de brandweer opende de 39 meter hoge centrale koepel om de dichte rook weg te krijgen. Al bij al raakte de brand snel geblust.

De Sint-Carolus Borromeuskerk op zondag 30 augustus 2009. Flink wat schade, maar dankzij de snelle tussenkomst van de brandweer werd het ook geen totale ramp.
BELGA De Sint-Carolus Borromeuskerk op zondag 30 augustus 2009. Flink wat schade, maar dankzij de snelle tussenkomst van de brandweer werd het ook geen totale ramp.

De schade aan de historische biecht- en preekstoelen en aan de schilderijen bleef al bij al beperkt. De restauratie van het geteisterde interieur - met een vernieuwing van de elektriciteit en de verwarming - is inmiddels afgerond en kostte zo’n 2 miljoen euro.

Kathedraal

De Onze-Lieve-Vrouwekathedraal blijft al vijf eeuwen gespaard van rampen. In 1533 brak er wel een grote brand uit die gevolgen had voor de verdere plannen. Van een forse uitbreiding met een groter koor en hoofdbeuk kwam niets meer in huis. De herstellingskosten voor de zware brand liepen immers hoog op en door de opkomst van het protestantisme daalden de inkomsten van de Kerk. Na de Franse Revolutie zag het er om een andere reden eventjes benard uit voor onze kathedraal. Stadsbouwmeester Jan Blom kreeg de opdracht om een bestek op te stellen voor de sloop. Gelukkig wist hij de werken op de lange baan te schuiven, tot een gematigder Frans regime de macht overnam.

Nog een fragment uit De Nieuwe Gazet van 4 april 1968. Ook verschillende aanpalende huizen werden zwaar geteisterd.
RV Nog een fragment uit De Nieuwe Gazet van 4 april 1968. Ook verschillende aanpalende huizen werden zwaar geteisterd.



Reacties

Alle reacties worden voor publicatie gelezen -en goed- of afgekeurd- door het moderatie-team van HLN. Elke reactie moet voldoen aan deze gedragsregels.
Je naam en voornaam verschijnen bij je reactie.


Video