Wereldwijde voedselverspilling ligt veel hoger dan gedacht

Getty
Getty Images Getty
We verspillen dagelijks 527 calorieën per persoon in plaats van 214. Behoorlijk veel dus, als je weet dat een vrouw gemiddeld rondkomt met 2.000 kcal per dag en een man met 2.500 kcal. Dat blijkt uit een onderzoek van de Wageningen Universiteit in Nederland. “Het stoppen van voedselverspilling is niet alleen een overwinning voor de consument, maar ook voor de planeet”, aldus Dr. Monika van den Bos Verma.

Veelvoorkomende schattingen over wereldwijde voedselverspilling zijn te laag. Veel te laag zelfs. Volgens Nederlandse onderzoekers kunnen we elk één persoon extra voeden met het eten dat we dagelijks weggooien. “Voedsel weggooien is net hetzelfde als een biljet van vijf euro deponeren in de vuilbak - waarom zou je dat doen?”, bedenkt Dr. Monika van den Bos Verma. “Het verminderen van voedselverspilling is een belangrijke uitdaging in de strijd tegen de klimaatverandering.”

Gedragsverandering 

Volgens de VN is voedselverspilling goed voor bijna 10% van onze broeikasgasemissies. Dat percentage kunnen we verlagen als we in de toekomst voorzichtiger omgaan met voedsel. Maar ook gedragsverandering is van belang. Consumenten moeten stoppen met hamsteren en beseffen wanneer het genoeg is. Winkelen met de gedachte dat je altijd meer kan kopen, vermindert de afvalberg.

Het onderzoek van de Nederlandse universiteit baseerde zich op gegevens van de FAO, de Wereldbank en de Wereldgezondheidsorganisatie. En terwijl de FAO de dagelijks voedselverspilling schatte op 214 calorieën per persoon, bewees het Nederlandse model dat het eigenlijke getal veel hoger lag. Het onderzoek van de FAO hield geen rekening met voedsel dat verloren gaat in het productieproces voordat het bij de consument terechtkomt.

Globaal probleem 

“We denken vaak dat voedselverspilling vooral voorkomt in rijkere landen. Maar ook in armere landen stijgt de afvalberg”, voegde Dr. Thom Achterbosch eraan toe. “In de internationale doelstelling staat dat we de afvalberg tussen 2015 en 2030 met de helft moeten verminderen. Deze nieuwe globale cijfers moeten er dus voor zorgen dat we in actie schieten.”