Exclusief voor abonnees

Wielrennen is populair bij vrouwen, redactrice Anke probeert uit: “De liefde moet nog wat groeien, maar hier zit wel iets in”

Nina Beleving Anke Michiels
Anke Michiels Nina Beleving Anke Michiels
Deze week kunnen we profiteren van héérlijk zomerweer. Schrik niet als je een bende koersdames ziet passeren. Steeds meer vrouwen vinden in hun vrije tijd de weg naar het wielrennen. Ook journaliste Anke is deze zomer bezweken voor de charmes van de koersfiets. Verslag van haar prille veloromance. “Al dat eten en drinken op de fiets vind ik ingewikkeld, met alle gevolgen van dien.”

Eerst dit. Hardlopen is mijn grote liefde: het kan eender waar en wanneer. Je bouwt een sterke conditie op – van vijf kilometer in het begin loop ik nu met gemak een halve marathon – en je verbrandt veel calorieën. Een paar keer per week móéten die loopschoenen aan. Maar een mens wil al eens iets anders: een koersfiets dus.

Mijn man heeft er al een paar jaar één. Dit biedt ons dus de kans om sámen te sporten. Niet dat we relatietherapie nodig hebben, maar ‘tijd maken voor elkaar’ is een vuistregel waar we in ons huwelijk van twee decennia toch liever niet aan voorbij lopen. Of fietsen. Ik bombardeer hem tot mijn vleesgeworden hometrainer, hij juicht toe dat ik “eindelijk nog eens naar hem zal luisteren”.

Ankes man Johannes leert haar de kneepjes van het fietsvak.
Anke Michiels Ankes man Johannes leert haar de kneepjes van het fietsvak.

De prijs van een koersfiets doet me naar adem happen nog voor ik er goed en wel opzit. Een paar
loopschoenen kost me 150 euro, voor een degelijke koersfiets mag je dat maal tien doen. Minstens. Omdat ik niet weet of het mijn ding zal zijn, ga ik voor het ultieme instapmodel: die heb ik al voor 300 euro bij Decathlon. “Dat is wel héél basis”, zegt mijn man wantrouwig. Maar na een onhandig toertje door de winkel – een fiets gaan kopen op hoge hakken is geen sterk plan – beslis ik dat het ‘goed genoeg’ is. Ik kies een fietstenue, helm en bril en neem ook mijn witte koersfiets mee naar de kassa. “Dit is het showmodel, mevrouw. Die moet in de winkel blijven, sorry. En de hele stock is uitverkocht. Door corona is echt iederéén beginnen fietsen.” Die avond sta ik terug thuis met een volledige uitzet voor mijn ‘start to koers’. Zonder fiets. Die komt pas anderhalve week later.

Zadelpijn

Ik kies voorlopig voor gewone pedalen. Even afwachten of het klikt tussen mij en de koersfiets, alvorens ik me aan klikpedalen waag. Het idee om met de voeten vast te zitten aan pedalen schrikt me af. De koersoutfit daarentegen al lang niet meer. De truitjes blijken best flatterend en de broek? Dat zeemvel moet ‘de onderkant’ beschermen. Het zadel is veel harder dan dat van mijn stadsfiets en niemand wil down under een branderig gevoel of blauwe plekken. Sappig detail: ik leer dat je onder de fietsbroek best geen slipje draagt, om wrijvingen en irritaties te vermijden. “Ik heb anders wel een speciaal zalfje voor dat soort zadelpijn”, knipoogt man.

En dan is het tijd voor een eerste kennismaking. Man leidt me op een zomeravond de stad uit, de velden in. Het is aanvankelijk wat angstig rijden, met die hele dunne bandjes, maar dat went snel. De avondzon priemt door de maïsvelden, we passeren weiland na weiland en deze stadsmus voelt hoe hard ze de natuur heeft gemist. Man stimuleert me om even rechtopstaand te fietsen, om alle houdingen aan het stuur uit te proberen, om de versnellingen te gebruiken. Ik doe netjes wat hij vraagt. Ook na een tweede en derde rit die week, denk ik: de liefde moet nog wat groeien, maar hier zit wel iets in.

De koersfiets mag al meteen mee op congé naar Frankrijk. Want op
vakantie leer je elkaar pas echt goed kennen

En danseuse

Of is het slechts een bevlieging? Dat zal blijken als de koersfiets mee op congé mag. Op vakantie leer je elkaar pas echt goed kennen. In de Franse bergen gaat het op onze sportieve afspraakjes op en af: de wegen zijn er vals plat, en achter elke bocht wacht mogelijk een volgende klim. Heuvels en hoogtemeters zijn voor mijn onervaren fietsbenen een uitdaging. Man daarentegen rijdt gezwind en uit het zadel de berg op. “Kijk, dit heet ‘en danseuse’”, roept hij, strak in het koerspak. Mijn bewondering stijgt samen met het wegdek. Ik kan maar hopen dat hij mij even sexy vindt. Al valt dat te betwijfelen, met de tong op de grond en het zeemvel rond de kont.

Anke Michiels

Op een volgende rendez-vous duiken na wijnranken en bergwegen plots het geluid van de golven en de zilte zeelucht van de Côte d’Azur op: onze eerste kus(t) is een feit. Wederom maakt de nabijheid van natuurschoon me simpelweg gelukkig. Net wanneer ik denk dat onze relatie in een stroomversnelling zit, geraak ik op een zoveelste Frans uitstapje – man is voor een keer niet mee – totaal de weg kwijt en vloek ik op elke heuvel in de hitte: noem het een eerste relatietest. Maar een dag later rijden we alweer een heerlijke tour d’amour. En bij een glas rosé overvalt het me
’s avonds, met mijn eerste 50 kilometertjes in de benen: I am falling in (ve)love.

Wieltje zuigen

Maar is het méér dan vakantieliefde? Eenmaal terug thuis beloof ik mijn tweewieler dat ik onze bijzondere band zal onderhouden. Diezelfde week, op zondag, daagt man me uit voor een lange rit. Zo-hondag. We hebben tijd om lekker lang te rijen – neurie ik Rob De Nijs’ hit, terwijl ik mijn helm op zet.

We rijden die dag vijfenzeventig kilometer langs kanalen en beekjes. De zon weerkaatst in het water, wilde bloemen wiegen heen en weer in de berm en in de knalblauwe hemel zweven Simpsonswolken. Wederom voel ik vlinders voor deze sport(man). Hij zegt om zo dicht mogelijk achter hem te fietsen. “Ik zet je uit de wind”, waarna ik een schalks grapje maak over de term ‘wieltje zuigen’. “Let jij maar op de baan”, klinkt het.

Na drie uur voel ik thuis pas hoe slap ik ben. Misselijk. Badend in het zweet

Even streng waarschuwt hij halverwege: “Stukje banaan? En die drinkbus moet léég”. Maar ik vind al dat eten en drinken op de fiets ingewikkeld en sla zijn goede raad in de wind. Na drie uur fietsen hou ik thuis tevreden halt. Met een halfvolle drinkbus en een onaangetaste energy bar op zak. Pas dan voel ik hoe slap ik ben. Misselijk. Badend in het zweet. Ik moet koeken en frisdrank naar binnen werken alvorens ik me weer wat beter voel. Man staat al die tijd zelfvoldaan te kijken. “Wat heb ik je gezegd? Genoeg eten en drinken. Waarom luisterde je niet?” Ik mompel iets over “koppigheid verleer je nooit”. Dat is gelukkig met fietsen net zo.

Fiets en ik zijn nu een paar maanden in elkaars leven. Tijdens elke rit ben ik alleen maar bezig met wat er rondom mij te zien is. Kopzorgen lijken mijlenver weg. Het maakt dat ik me achteraf opgeladen voel. Mentaal en fysiek. En laat dat nou de bedoeling zijn van sport. Ik blijf verknocht aan hardlopen, maar als afwisseling is fietsen ideaal. Het is bovendien minder belastend voor gewrichten, spieren en pezen. Op de fiets ruil ik de stadsdrukte in voor de rust van dorpjes, de
verkeerschaos voor landelijke wegen. Ook thuis schenkt het me een vakantiegevoel: inspanning wordt ontspanning. Maken we kans op een langdurige relatie? Absoluut. Man en ik zullen regelmatig samen blijven rijden: ook die relatie heeft er dus baat bij. Laatst kwam hij met een mede-
deling, ik moet toegeven dat hij alweer gelijk heeft: “Volgens mij ben jij klaar voor klikpedalen.”
Of ik écht voor het fietsen gevallen ben? To b(ik)e continued. 

Langs de Kleine Nete is het prachtig om te fietsen. Johannes rijdt op kop.
Anke Michiels Langs de Kleine Nete is het prachtig om te fietsen. Johannes rijdt op kop.

Zo neem je een vliegende start

• Een instapmodel is oké, maar als je zeker bent van je stuk, investeer dan meteen in een duurdere én op je lichaam af te stellen fiets. Zoek ook op tweedehands.be. Zorg ervoor dat je frame de juiste maat heeft. Zo vermijd je rugpijn en andere kwaaltjes.

• Klikpedalen zijn in het begin geen must, maar met gewone pedalen haal je minder snelheid. Met klikpedalen kan je meer kracht zetten omdat je duwt en trekt tegelijkertijd. Het in- en uitklikken kan je thuis inoefenen, leunend tegen een muur. Dan lukt het aan een verkeerslicht (hopelijk) ook.

• Verwacht niet metéén een coup de foudre. Het vraagt mogelijk wat tijd om met de kleine ongemakken om te gaan; dat hardere zadel, die voorovergebogen houding, je nek die alle schokken opvangt. Maar de beloning is telkens groot: vrijheid.

• Je moet langer fietsen dan lopen. Drie uur fietsen met een lage hartslag is perfect voor je vetverbranding en conditie. Je moet dus vooral op zoek naar voldoende tijd.

• Budgettair gevaar: de fietswereld heeft haar eigen fashionlijn. Voor je het weet, spendeer je ettelijke euro’s aan je sportgarderobe.

• Strava stimuleert: hou je prestaties bij via deze app en scoor kudos (likes, red.). Het motiveert!

• Op een lange tocht: genoeg eten en drinken onderweg (deze móést erbij van mijn man.)




Reacties

Alle reacties zijn welkom zolang ze voldoen aan de do's en don'ts die je hier kan terugvinden: gedragsregels. Elke dag ontvangen wij duizenden reacties, het kan enkele uren duren voor jouw reactie wordt geplaatst. Wordt jouw reactie afgekeurd dan werd er geoordeeld dat deze onze gedragsregels schendt.