Exclusief voor abonnees

Nina Sterckx: “Als ik jongens zeg dat ik aan gewichtheffen doe, zie ik ze schrikken”

Tine Claerhout
Knoop de namen van Sebnem, Stien, Anne-Laure, Nina en Maaike in de oren: van deze dames zullen we nóg horen. Ze zijn jong en hebben heel wat in hun mars. Belgisch kampioen gewichtheffen (16) Nina Sterckx. 

Er wordt weleens gelachen met haar achternaam die perfect bij haar sport past: een gewichthefster die Sterckx heet. “Ik vind het zelf ook een grappig toeval”, zegt de kersverse Belgische kampioen.

 Waarom ben je met gewichtheffen gestart, Nina?

“Het was veeleer toevallig. Ik deed sinds mijn vijfde aan tumbling (een reeks van spectaculaire turnoefeningen, red.). Op een turnkamp stelde een trainer voor om wat gewichtheffen te doen, en die zag meteen dat ik talent had. Voor ik het wist, was ik vertrokken. Ik was toen dertien. In het begin combineerde ik het met turnen, maar ik merkte dat ik beter was in gewichtheffen en dus koos ik daarvoor.”

Het is geen evidente meisjessport.

“Ik weet het. De meeste meisjes turnen of dansen tegenwoordig. Ik begrijp dat gewichtheffen hen wat afschrikt: ze denken dat het alleen voor heel sterke mensen is, dat je er supergespierd en breed van wordt. Maar dat is niet zo. Het combineert kracht met lenigheid en techniek.”

Vorig jaar verbrak je het Belgische record en haalde je brons op het Europese kampioenschap. Wat deed dat met je?

“Met het Belgische record was ik heel blij. In de voorbereiding had ik last van blessures, waardoor ik zonder al te veel verwachtingen naar die wedstrijd vertrok. Net daardoor was het fantastisch. Op het EK werd ik knap derde, maar toch was ik teleurgesteld. Naar mijn gevoel heb ik nipt goud gemist. Het heeft even geduurd voor ik daar vrede mee had.”

Teleurstellingen horen erbij ...

“Klopt. Maar ik ben heel streng voor mezelf. Mijn ouders en trainers zijn sneller tevreden met prestaties dan ik dat ben. Ze zeggen dan ‘Je hebt dat goed gedaan’, maar ik geloof dat niet altijd. Het kost tijd voor ik denk: Nina, je hebt gedaan wat je kon, het is nu zo, volgende keer beter.”

Je hebt in 2018 het Belgische record van Ingeborg Marx verbeterd. Bij haar denkt iedereen helaas aan dat ene pipi-incident op de Olympische Spelen.

“Het is inderdaad jammer dat ze gelinkt wordt aan het moment waarop ze zoveel kracht zette dat zoiets gebeurde. Terwijl ze zoveel betekend heeft voor de sport.”

Wat moet jij zoal opofferen voor je sport?

“Grotendeels tijd. Tijd voor vrienden of andere zaken. Ik train vijf à zes keer per week. Ik ben ’s morgens om zes uur op, en ’s avonds laat thuis, en dan werk ik voor school – ik studeer Latijn-wiskunde. Als ik op dieet ben, is dat tamelijk strikt. Dan kan ik niet zomaar een pizza of een ijsje eten. Ik zit in de gewichtsklasse ‘min 55 kilo’. Voor elke wedstrijd word ik gewogen en móét ik het juiste gewicht hebben: tussen 49,01 en 55 kilo. Hoe zwaarder je bent, hoe meer kracht je hebt. Maar weeg ik een gram te veel? Dan mag ik niet deelnemen.”

Heeft je sport je lichaam veranderd?

“Zeker. Vooral positief. Ik vind een gespierd lichaam mooi, als het niet overdreven is. Vrouwelijke vormen mogen benadrukt worden. Mijn benen zijn gespierder en vrouwelijker, mijn billen groter – zoals veel meisjes dat tegenwoordig willen – mijn buikspieren zijn stevig en mijn armen mooi afgelijnd.”

Zeg eens, zijn jongens bang van je?

“Soms wel, eigenlijk. Omdat ik tamelijk lief en vriendelijk ben. Ze verwachten absoluut niet dat ik aan gewichtheffen doe. Als ik het zeg, zie ik ze euh … schrikken.” (lacht)

Wat zijn je ambities?

“Ik wil volgend jaar voor burgerlijk ingenieur studeren. Op lange termijn wil ik naar de Olympische Spelen: mijn doel sinds ik klein ben. Maar ik focus nu vooral op het EK in Georgië en het WK in Thailand. Mijn ouders reizen nooit mee. Ik ben altijd tamelijk zelfstandig geweest. Het is elke keer een stapje dichter bij volwassenheid. Mijn ouders zijn nooit naar wedstrijden komen kijken, vroeger ook niet, dus ik heb daar geen behoefte aan. Ze hebben drie kinderen – ik heb een jongere broer en zus – en kunnen niet alleen aandacht aan mij besteden, wat ik begrijp. Ik neem hen dan ook niks kwalijk.Integendeel.”

Maak ten slotte nog maar eens reclame voor je sport.

“Gewichtheffen doe je voor jezelf. Jij bent de enige persoon die dat gewicht in de lucht kan steken. Er zijn twee bewegingen. Bij de snatch breng je het gewicht in één keer boven je hoofd. De clean-and-jerk gebeurt in twee bewegingen: eerst op de schouders, daarna in de lucht. Bij de snatch hef ik 81 kilo en bij de clean-and-jerk 101 kilo. Elke keer moet ik mezelf uitdagen. Het is een constante strijd tegen mezelf, en dat vind ik net het leuke aan de sport. Je ziet jezelf bijna elke dag verbeteren, mentaal en fysiek. Dat is écht top.”






2 reacties

Alle reacties zijn welkom zolang ze voldoen aan de do's en don'ts die je hier kan terugvinden: gedragsregels. Elke dag ontvangen wij duizenden reacties, het kan enkele uren duren voor jouw reactie wordt geplaatst. Wordt jouw reactie afgekeurd dan werd er geoordeeld dat deze onze gedragsregels schendt.


  • gustaaf carpels

    Veel succes meisje maar voorzichtig met je rug

  • Bert Camps

    Respect als je dit kan als vrouw op deze leeftijd. Hopelijk ga je een mooi carriere tegemoet. Succes!