Exclusief voor abonnees

“Ik ben zo blij dat ik mijn oma en opa weer kan zien. Ze zijn de positiefste mensen op aarde”

Dirk Alexander, nina.be
Actrice en model Lize Feryn laat ons meeproeven van haar leven, met veel humor, jus en shazam. Zus Mira maakt er een kanttekening bij. Zoals alleen zussen dat kunnen.

Wanneer ik opa zwaaiend tegemoetkom, zie ik dat zijn rechterkaak gezwollen staat. Zijn oog ziet blauw en er hangt bloed aan zijn oorlel. ‘Gevallen in de keuken’, zegt hij nonchalant. ‘Maar voor de rest voel ik mij goed, hoor!’ Mijn opa heeft de jongste jaren oma’s positiviteit geërfd. Zij is zo iemand die altijd content is. Die als het onweert de fiets pakt en zegt ‘Dat doet toch deugd, hè, die regen in uw gezicht!’ en ‘Zalig, zo eens hard moeten trappen tegen de wind’. Wanneer ze netels ziet, rolt ze haar broek op en fietst ze erdoor, omdat dat o zo heerlijk tintelt onder haar vel. En toen ze geopereerd werd aan haar heup was ze doodcontent omdat ze het hele gebeuren kon volgen via de bril van de dokter. Dat vond ze reuze-interessant.

Mijn oma is de positiefste mens op aarde. De jongste jaren doet mijn opa vrolijk mee.

Met een glas zelfgemaakt vliersap in mijn hand nestel ik me op een krukje op het terras. Ik ben blij dat we elkaar weer mogen zien, op een veilige afstand weliswaar. Maar in het echt nu, wat toch weer een beetje normaal voelt. Hoe het nog met mij gaat, vraagt oma opgewekt, en of ik me nog altijd ‘jeun’ in Antwerpen. Goed, zeg ik, en ja! Waar ik nu mee bezig ben, en dat doet er haar aan denken, wanneer komt Het-Is-Niet-Gemakkelijk eigenlijk op tv? ‘#hetisingewikkeld bedoel je, oma, dat zal in het najaar zijn.’ Ook wordt er elke keer over Aster gestoeft. ‘’t Is toch zo een scho-ne jongen. En hij doet dat zo goed! ’t Is een plezier van hem bezig te zien. Iedere keer als opa hem op tv ziet, roept hij me! Hè, ’t is waar, hè, opa?’ Opa knikt enthousiast.

Ik probeer het onderwerp naar vroeger te brengen. Ik hang aan hun lippen als ze vertellen over hun bakkerij in Stasegem, waar ze twaalf jaar lang mensen van taarten en pateekes voorzien hebben. Over dikke Paula, die de pateekes in de winkel opat zodat haar vent het niet zou weten. Over het huis dat ze kochten in Deerlijk, waar de eerste maanden geen zetels maar kampeerstoeltjes stonden. En dat dikke Paula ooit eens door zo’n stoeltje gezakt was. Ik ben ontroerd wanneer opa met overtuiging tot twee keer toe zegt dat oma zo’n sterke vrouw is. Dat als oma niet zo sterk geweest was, het allemaal veel moeilijker had kunnen lopen.

Wat een leven hebben zij al achter de rug. Wat ik alleen ken van films of geschiedenislessen, daar waren zij bij. Dat hebben zij geleefd. Ik denk aan Aster en beeld me in hoe wij over vijftig jaar naar ons leven zullen terugkijken. Of dat met zelfgemaakt vliersap zal zijn en altijd vrolijk ondanks een ­gezwollen kaak of nieuwe heup. Wie onze dikke Paula is, waar wij om zullen lachen. En of ik me dan zal herinneren hoe mooi mijn oma en opa met elkaar waren. 

rr