Exclusief voor abonnees

Relatietherapeut Filip Geelen geeft advies in coronatijd: “Moeilijke discussie kan relatie net beter maken”

In coronatijd zag en ziet Geelen (rechts) vooral problemen door partners die constant op elkaars lip zitten
Unsplash In coronatijd zag en ziet Geelen (rechts) vooral problemen door partners die constant op elkaars lip zitten
Na de coronakilo’s kwamen de quarantaineruzies. “Als je gedurende een lange periode als koppel zo intens met elkaar wordt geconfronteerd, bestaat het risico dat elk probleem ontploft”, zegt relatietherapeut en seksuoloog Filip Geelen uit ‘Blind Getrouwd’, die in zijn nieuwste boek toelicht hoe je relatieproblemen aanpakt. Zijn advies in coronatijd.

‘Blind Getrouwd’-expert Filip Geelen is al meer dan tien jaar seksuoloog en relatietherapeut, en hanteert in zijn praktijk een holistische visie. “Elk relatieprobleem bekijk ik samen met de partners vanuit alle dimensies: hart (wat voel je?), hoofd (wat denk je?), mond (wat zeg je?), geslacht (wat gebeurt er op seksueel vlak?) en ledematen (welke acties onderneem je?). Pas als je een totaalbeeld hebt, komen mogelijke oplossingen aan bod. Mijn boek is er om die mensen te helpen voor wie de stap naar therapie te groot is. Ongetwijfeld haal je er een handige tip uit of ga je met een bepaalde techniek thuis aan de slag.”

Seks is een biopsychosociaal gegeven dat je niet mag verengen tot wat zich tussen je benen afspeelt, noch tot wat er tussen je oren zit

Filip Geelen

In de duizenden gesprekken die Geelen voerde, zag hij steeds dezelfde problemen en thema’s terugkeren. “Een probleem als pijn bij het vrijen kan fysiek zijn ­— medisch onderzoek moet dat uitsluiten ­­— maar ook een gevolg van de relatiedynamiek. Seks is een biopsychosociaal gegeven dat je niet mag verengen tot wat zich tussen je benen afspeelt, noch tot wat er tussen je oren zit. Mijn methode om ervaringen op te splitsen in hart, hoofd, mond, geslacht en ledematen helpt koppels om te zien dat alles in wisselwerking staat en elkaar beïnvloedt. Zij denkt bijvoorbeeld — ‘Waarom doet hij mij dit aan?’, ‘Moet ik doorgaan? Het is toch mijn lichaam?’, en zegt: ‘Ik heb pijn, alstublieft, stop ermee’. Of ze verbijt de pijn en zwijgt. Hij denkt: ‘We zijn toch een koppel, we moeten genieten van elkaar’ of ‘Waarom staat ze niet klaar voor mij?’, en spoort aan om door te gaan (‘Kom-aan, misschien lukt het deze keer wel’). Op emotioneel vlak voelt hij opwinding, gevolgd door onzekerheid (‘Waarom doet ze zo moeilijk?’), terwijl zij zich in de steek gelaten en niet gerespecteerd voelt. Zo ontstaat een vicieuze cirkel waarbij het moeilijker wordt om elkaar graag te zien en vermijding en afstand ontstaan. Zij zal de eerste stap niet meer zetten of geen aanraking meer verdragen, vanuit het idee: ‘Als hij lief voor me is, ben ik bang voor de seks die misschien volgt.’”

“Zonder hulp blijf je vaak in die slechte dynamiek hangen: zij voelt zich slachtoffer, hij heeft de indruk dat hij zich opdringt. In deze situatie geef ik vaak een lichaamsgerichte oefening waarbij de seks op nul wordt gezet en gestreefd wordt naar intimiteit zonder orgasme: strelen en knuffelen, soms lang in elkaars ogen kijken... Maar er volgt geen seks. Als de intimiteit weer opgebouwd is en de verbinding aangewakkerd, kijken ze vaak al heel anders naar seks.”

Op elkaars lip

In coronatijd zag en ziet Geelen vooral problemen door partners die constant op elkaars lip zitten. “Alles wordt enorm uitvergroot bij gebrek aan afstand en ander sociaal contact”, zegt hij. “Er ontstaat onderhuidse wrevel of net openlijke ruzie, waarbij partners elkaar verwijten naar het hoofd slingeren. Ruziemaken is niet per se een teken van een slechte relatie, mits het op een constructieve manier gebeurt. Het mag geen emotionele boksmatch worden die met een knock-out eindigt. Probeer verbindend te zijn in plaats van verscheurend”, klinkt het. 

Probleem 1: “Hij vindt zijn job belangrijker”

“Mijn man en ik werken allebei, maar mijn man vindt zijn werk duidelijk belangrijker dan het mijne. Tijdens de quarantaine eiste hij het thuiskantoor voor zich op en ik kon de huishoudelijke taken op mij nemen, drie keer per dag zorgen dat er eten was en mijn werk ‘tussendoor’ doen. Als ik een werkvergadering had, moest ik op de slaapkamer gaan zitten en één keer op het toilet, omdat het de enige plaats was waar ik niet zou gestoord zou worden door de kinderen.”

Zo'n ongelijkheid kan ontwrichtend werken. Praten is de enige oplossing. Wat verwachten jullie van elkaar? Wat vinden jullie belangrijk?

Filip Geelen

Geelen: “Voor alle duidelijkheid: verschil kan en mag er zijn. Je moet niet de hele tijd afwegen: ‘Wat doe ik?’ en ‘Wat doet hij?’, ‘Wat krijg ik?’ en ‘Wat krijgt zij?’. Maar als er volgens een van de partijen een ongelijkheid naar boven komt die pijnlijk aanvoelt, zoals hier, moet je daarover kunnen praten. De relatie lijkt scheefgetrokken: alsof hij alleen maar kostwinner is en zij huissloof. Ik kan zonder verdere gesprekken niet zeggen hoe deze verhouding zich geïnstalleerd heeft, maar zeker is dat zo’n ongelijkheid tijdens de quarantaine ontwrichtend kan werken. Belangrijk is: hoe komt ze tot de conclusie dat zijn werk belangrijker zou zijn? Misschien denkt de man echt dat hij goed bezig is en zijn functie in het gezin naar behoren vervult: hij verdient het geld. Maar het hoeft zeker niet zo te zijn dat wie het meest verdient ook ‘de baas’ is en de regels bepaalt. Ook de manier waarop twee partners voor elkaar zorgen is belangrijk. Hebben ze het daar al eens over gehad? Wat verwachten ze van elkaar? Wat vinden ze belangrijk? Praten is de enige oplossing.”

“Het lijkt relatief simpel om af te spreken dat iemand die een meeting heeft het kantoor mag gebruiken in plaats van te vluchten naar het toilet. Ik zeg: ‘relatief simpel’, want je moet dat gesprek wel durven aan te gaan. Niet beschuldigend, maar vanuit jezelf: wat doet het met jou? Je partner kan tenslotte geen gedachten lezen, dus probeer kalm en rustig te vertellen hoe bedrukt of boos je wordt van die ongelijkheid. Ik kan me voorstellen dat het letterlijk en figuurlijk voelt alsof je in een hoekje wordt geduwd. Praat over dat gevoel. Niet: ‘Het is altijd hetzelfde, jij houdt de beste plaats voor jezelf en trekt je van de rest niks aan’. Wel: ‘Ik zie je de hele tijd in het bureau zitten, waardoor ik telkens een andere plaats moet zoeken. Ik heb het gevoel dat ik niet meetel in dit huis, ik voel me niet gewaardeerd en daar heb ik wel behoefte aan. Ik zou graag afspraken maken over het gebruik van het kantoor’.”

“Dit zijn moeilijke gesprekken, omdat er in de onderstroom van het gezegde een pak andere ideeën en overtuigingen meezwemmen. Het gesprek gaat uiteindelijk ook niet over dat kantoor, maar de gelijkheid binnen de relatie, en dat is een beladen onderwerp. Ik zou alleszins hopen dat de echtgenoot zegt: ‘Dit is niet fijn om te horen, het kan niet de bedoeling zijn dat jij je zo voelt.’”

Probleem 2: “Zij wou vaak alleen zijn”

“Ik vond het fijn om tijdens de lockdown de hele tijd samen te zijn, maar mijn partner zonderde zich geregeld af. Ik voelde dit soms aan als een afwijzing, alsof ik haar liever zie dan zij mij. Is dat zo?”

Door af en toe iets alleen te doen, kan je de connectie net versterken. Het helpt wel als je die zaken afspreekt. Verwittig je partner dat je alleen gaat fietsen of rustig wil lezen

Filip Geelen

Geelen: “Het romantische idee van een relatie is de osmose: het volledig opgaan in de ander. Natuurlijk is het fijn om veel zaken samen te ondernemen, om hobby’s te delen en aan een gemeenschappelijk project te werken. Maar het is ook mooi om eigen belangstellingen te hebben. Dat houdt de gesprekken boeiend. Als een van de partners tijd apart wil doorbrengen, hoeft dat niet als iets negatiefs gezien te worden. Afzonderen is niet afwijzen. Het is goed om als twee aparte persoonlijkheden naast elkaar te staan, met raakvlakken, maar niet compleet versmolten. Door en af toe iets alleen te doen, kan je de connectie net versterken. Het helpt wel als je die zaken afspreekt: zeg wat je wil doen, en doe wat je zegt. Verwittig je partner dat je alleen gaat fietsen, een zoomsessie hebt met vrienden of rustig wil lezen. Dat komt al minder onverwacht en bedreigend over.”

Probleem 3: “We maakten ruzie over de stomste dingen”

“Nu we vaak bij elkaar waren, ergerden we elkaar verschrikkelijk. De hele tijd was er een sluimerend ongenoegen. Er was niet veel nodig om een heftige ruzie te ontketenen, en het ergste was: vaak wisten we nadien niet eens nog waarover het ging. Betekent dit dat we er beter mee zouden ophouden?”

Het standpunt van een observator aannemen helpt om uit de negatieve situatie te stappen en niet meteen destructief te reageren

Filip Geelen

Geelen: “Laat ik meteen stellen dat ruzie geen graadmeter is. Zolang de connectie en het teamgevoel tussen twee mensen goed zit, speelt het geen rol of ze elke dag een discussie hebben of nooit. Iedereen voelt zelf wel aan hoe het in zijn relatie zit: is het basisgevoel goed of niet? Een ander punt is dat een ruzie zelden over de aanleiding gaat – hij was een kwartier te laat, zij had de keuken niet opgeruimd – maar over de relatie zelf. Na een tijdje gaat het niet meer over dat knelpunt, maar verschuift het gesprek naar wat het met de partners deed en hoe ze zich voelen. Het is goed je daarvan bewust te zijn en nuttig om op een bepaald moment van het inhoudelijke naar het verhoudelijke te gaan. Als beide partners niet over de brug willen of kunnen komen, blijven ze ruziemaken ‘om niks’. De ander is geen vuilnisbak waarin je verwijten kan dumpen. Door samen stil te staan bij wat de ruzie voor jullie als koppel betekende (het verhoudelijke), komen er onderliggende thema’s naar boven. Ruziën en blijven hangen in de inhoud kan dodelijk zijn voor een relatie. Dan krijg je het gevoel dat niks meer goed loopt en jullie samen niet meer functioneren. Als je voelt dat je in het negatieve blijft hangen, doe dan een poging om vanop afstand naar de ruzie te kijken. Een metapositie, het standpunt van een observator, helpt om uit die negatieve situatie te stappen en niet meteen destructief te reageren. Ook een time-out kan nuttig zijn als je voelt dat je er dingen gaat uitgooien waar je later spijt van kan hebben. Als je jezelf hoort ‘afdraaien’, kan dat ook gewoon gezegd worden: ‘Hoor me hier nu bezig, misschien moeten we even stoppen’.”

Probleem 4: “Hoe breng ik een ongemakkelijk thema aan?”

“Sommige discussies ga ik uit de weg omdat ik ze te moeilijk vind, en ervan uitga dat ik de ander toch maar zal kwetsen. Vooral tijdens de lockdown heb ik vaak mijn woorden ingeslikt, omdat het huis anders te klein zou zijn.”

Start met de aanleiding en zeg daarna wat het met je doet. Besluit met wat je wenst te doen, in positieve termen

Filip Geelen

Geelen: “Discussies over de taakverdeling in huis, of wat je ergert aan je partner zijn pijnlijk, omdat we niet gewend zijn om het over zulke onderwerpen te hebben. Enerzijds wil je je partner niet kwetsen, anderzijds zijn ze erg verbonden met je eigen angsten en onzekerheden. Dus wil je liever de lieve vrede bewaren. Vaak wordt aangenomen dat je met een moeilijk gesprek meer kapot maakt dan goed doet. Het tegendeel is waar. Zo’n discussie kan de relatie net vooruithelpen. Je maakt geen ruzie om elkaar te kwetsen, maar om tot een betere relatie te komen. Dat moet het uitgangspunt zijn. In een moeilijk gesprek is het goed om de technieken van geweldloze communicatie te gebruiken: vanuit jezelf vertrekken, dicht bij de objectieve feiten blijven, woorden als ‘altijd’ en ‘nooit’ vermijden... Start met het objectieve — de concrete aanleiding — en zeg daarna wat het met je doet. Besluit met wat je wenst te doen, in positieve termen. ‘Ik zie daar je lege koffiekop staan. Ik voel me daar niet zo fijn bij omdat ik graag orde in huis wil, zeker nu we met z’n allen de hele dag thuis zijn. Zouden we kunnen afspreken dat je je kop wegzet?’ En vooral: echt luisteren naar elkaar, niet alleen het ‘verwijt’ horen, maar vooral de wil om vooruit te gaan.”

‘Waar is de liefde gebleven’ van Filip Geelen, bij Borgerhoff & Lamberigts, 22,99 euro. 

Lees ook:

Waarom we op zwoele dagen meer vrijen (en hoe je het dan koel houdt): “De zon speelt met je hormonen”, zegt seksuologe (+)

Seksuoloog Wim Slabbinck ziet meer volk dan ooit in zijn praktijk: “Veel koppels zijn uitgeput uit lockdown gekomen” (+)

Elise (30) kijkt terug op de quarantaine met haar lief: “Het benauwde me dat ik niet weg kon” (+)