Exclusief voor abonnees

Mijn geheim (deel 1): “Ik ben bijna 70 jaar, maar in zijn armen werd ik weer dat meisje van 18"

Beeld ter illustratie.
Shutterstock Beeld ter illustratie.
Geheimen. We steken ze weg, houden ze stil, bewaken ze met ons leven. HLN-redactrice Sabine Vermeiren ging luisteren naar acht Vlamingen die wél praten. Eén keer alles op tafel. En dan nooit meer. Vandaag deel 1: Monique (69) houdt nog altijd van haar jeugdliefde. Lees de volledige reeks hier

Monique was achttien en op slag verkocht: Ludo — razend knap, één brok charme — was alles waar ze als jong meisje naar op zoek was geweest. Toch trouwde Monique met iemand anders. Straks wordt Monique zeventig en viert ze met haar kinderen een gouden jubileum. Maar haar gedachten zullen die dag bij Ludo zijn: haar eerste en grootste liefde, met wie de passie vorig jaar weer even oplaaide.

Ze is een mooie, voorname vrouw. Bijna zeventig, maar dat geef je haar niet aan. Verzorgd uiterlijk, elegant in haar voorkomen. Gedoseerd als ze spreekt. Behalve als het over Ludo gaat. Dan versnelt haar tempo en gulpt het er zomaar uit. Alsof het woorden zijn die ­onder de oppervlakte al jaren liggen te broeien en ­elkaar verdringen nu het ventiel naar de buitenwereld eens opengaat.

“Ik heb dit verhaal nooit tegen iemand verteld. Eén vriendin heb ik eens in vertrouwen willen nemen. Maar ik merkte al snel dat dat geen succes was. Toen heb ik me herpakt en zweeg ik. Erna heb ik het met niemand meer gedeeld. Geen vertrouweling, ­niemand. Ze zouden het niet begrijpen. Het ís ook niet te begrijpen. Vijftig jaar. Met gezond verstand krijg je dat niet uitgelegd: hoe, in godsnaam, kan je vijftig jaar blijven smachten naar iemand? Ik begrijp het zelf niet eens.”

Razend knap

“Ik heb Ludo ontmoet in 1968. Ik was achttien, net ­afgestudeerd en mocht voor de eerste keer uitgaan. In een naburige gemeente, in een feestzaal, was een bal. We gingen met drie. Mijn zus, ikzelf en een vriend. Al direct die avond heb ik hem daar gezien. Ik weet het nog goed. Niet per se een klassieke schoonheid. Maar voor mij was hij razend knap. Vlot in de omgang. ­Charmant. Er was iets aan hem waardoor ik mij enorm aangetrokken voelde.”

“De week erna zag ik hem terug. Weer was ik ­compleet overdonderd. Het bleek wederzijds, wist ik intussen. We werden een koppeltje, maar het waren natuurlijk andere tijden. Er was geen gsm en contact hebben was zo simpel niet. Toch probeerden we ­mekaar te zien zoveel we konden. Dat was grote liefde, elke keer. Ik wist heel duidelijk: dit is dé man voor mij. Je zal nu zeggen: ‘Zoiets kan je niet weten op je achttien’, maar toch. Hoe ik me voelde bij hem en hij bij mij: dat moest voor het leven zijn.”

“Thuis waren ze met mijn keuze niet blij. Ze vonden Ludo geen goeie partij voor mij. Ze hadden uitgezocht wie hij was en hadden weinig goeds over hem ­gehoord. ‘Een rokkenjager’, zeiden ze. Dat deed me pijn, maar het kon me niet weghouden van hem. Ik was sowieso al niet heel gelukkig thuis en ik ging me mijn geluk niet laten ontnemen door mijn ouders. Ik hield voet bij stuk.”

Legerdienst

“Kort erna kwam de tegenslag. Ludo moest in Duitsland legerdienst gaan doen. Dat was normaal in die tijd, dus we wilden daar ook niet te veel om treuren. Hij zou dat gauw even doen, we zouden wachten op ­elkaar en erna zouden wij ­samen verder aan ons leven bouwen, spraken we af. Ludo zou schrijven, ik zou terugschrijven. Het afscheid was zwaar, maar geen moment twijfelde ik eraan dat we dit niet zouden kunnen.”

“Dagen, weken, maanden heb ik gewacht. Maar ik hoorde van Ludo niks meer. Geen brief, geen woord, niks. Ik snapte het niet. Was er misschien iets ­tussengekomen? Had hij iemand anders? Ik was ten einde raad. Hoe kon ik me zo vergist hebben? Ik zat in zak en as. Thuis, bij mijn ouders, ging het intussen niet goed. Ik mocht weinig, werd heel kort gehouden. Ik wilde weg en liefst zo snel mogelijk.”

“Toen ik zes maanden later nog eens mocht uitgaan ben ik mijn huidige man, Herman, tegengekomen. Een vriendelijke jongen. Twee jaar ouder dan ik. Iemand die lief voor me was. Natuurlijk was het niet zoals met Ludo, maar zoals Ludo zou ik nooit nog iemand tegenkomen, wist ik. En dus gaf ik Herman de kans. Eerst voelde ik weinig voor hem. Maar ik dacht: ‘Monique, geef dat tijd, het komt wel’. In zekere zin was dat ook zo. Langzaamaan ben ik Herman graag gaan zien.”

Alle brieven verbrand

“Ludo zag ik pas meer dan een jaar later weer terug. Zijn legerdienst zat erop en we liepen ­elkaar toevallig tegen het lijf op een feestje, waar ik was met Herman. ‘Waarom schreef je me niet terug?’, vroeg hij. Ik viel uit de lucht. Terúgschrijven? Ik had toch helemaal niks gekregen van hem? De dag erna ben ik naar mijn moeder gegaan. Ik moest er het fijne van weten. Doodleuk gaf ze toe dat ze al z’n brieven had verbrand. ‘Meisje, hij zou je uiteindelijk hebben laten staan. Ik deed het voor je eigen goed.’ Mijn moeder heeft dus eigenlijk beslist over mijn lot. Ik had op dat moment mijn moed bijeen moeten rapen en ik had voor Ludo moeten kiezen. Maar in de plaats was ik laf: Herman en ik hadden een trouwdatum vastliggen en ik heb alles zo gelaten. Ik wilde thuis graag weg, trouwen met Herman was voor mij de snelste uitweg. Dat was in 1970. Ik was twintig toen we man en vrouw werden. Ludo is uiteindelijk ook getrouwd. Twee jaar later dan ik.”

“In de jaren erna werkte ik in Brussel. Ik nam de trein, daar bleek ook Ludo op te zitten. Zo kwam ik weer in nauwer contact met hem. We babbelden als vanouds en voelden dat we nog altijd aangetrokken waren tot elkaar. Nu wil ik duidelijk zeggen: ik ben tégen overspel en ik had nooit gedacht dat zoiets mij kon overkomen. Dat doé je gewoon niet. Dus hoe het is kunnen gebeuren, ik begrijp het zelf niet. Maar Ludo is een paar keer mee naar mijn huis gegaan, waar we dan seks hadden. Ik ben daar niet fier op. Ik was een getrouwde vrouw en Herman was best een goeie man voor me. Na die paar keer heb ik gezegd tegen Ludo dat het moest ­stoppen. Het kon zo niet verder, ik ­wilde zo’n echtgenote niet zijn.”

“Niet zoveel later kreeg ik m’n dochter. Vanaf toen probeerde ik Ludo te vergeten en koos ik voluit voor m’n gezin. Per slot van rekening had ik een goeie man en had ik alles om gelukkig te zijn. Hadden wij het perfecte huwelijk? Zeker niet. Maar we kwamen overeen en maakten geen ruzie. Mijn man zorgde goed voor mij, ik voor hem. Ik deed m’n best om dat zo te houden. Af en toe kwam ik Ludo nog weleens tegen. In de auto, of zo. Hij woont niet zo heel ver van waar ik woon. Dan was ik erna telkens een paar dagen van slag. Maar verder contact is er heel veel jaren niet meer geweest tussen ons. Daar had ik weleens verdriet om, maar het was beter zo.”

Vriendschapsverzoek op Facebook

“Tot dan ineens vorig jaar: een vriendschapsverzoek van hem op Facebook. Wat er toen door mij heen ging, dat kan ik niet beschrijven. Ik heb een paar dagen ­getwijfeld. Hoe ging ik reageren? Gíng ik wel reageren? Uiteindelijk heb ik hem iets teruggestuurd. Dat was het begin van een hele reeks berichten. Ludo had veel meegemaakt, schreef hij. Hij verloor een kind. Al snel voelden we dat we elkaar nog weleens wilden zien. We hadden bij te praten, liefst op een rustige plek waar we privacy hadden. Ik nodigde hem uit in het huis van mijn dochter: ze was een tijdje in het buitenland en dus wist ik dat we daar ongestoord konden ­zitten. De dagen ervoor was ik enorm nerveus. Hoe zou het zijn om hem na al die jaren terug te zien? Ging hij veranderd zijn? Hoe ging hij reageren op mij? Ik was per slot van rekening intussen geen jonge vrouw van twintig meer. Maar een dame van bijna zeventig.”

“In één oogopslag wisten we dat er niks veranderd was. We hebben elkaar vastgepakt en zijn minutenlang zo blijven staan. Voor mij stond nog steeds dezelfde man op wie ik op m’n achttien zo verliefd was ­geworden. Ouder, natuurlijk. En minder haar. Maar z’n trekken, z’n glimlach, z’n hele manier van doen: dat was nog helemaal die Ludo naar wie ik al die jaren zo was blijven smachten. Andersom voelde het ook zo, zei hij. Alles wat we voelden, daar op dat bal toen we nog pubers waren: het was er helemaal opnieuw. Het was alsof we gewoon vijftig jaar terug in de tijd ­werden geslingerd. Zo voelde dat. De man die ik in mijn armen hield, voelde nog net als de man die me op mijn achttien leerde wat liefde is. We hebben die dag uren gepraat. We konden alles tegen elkaar vertellen, ook de moeilijkste dingen. Misschien had Ludo die dag wel meer gewild. Ik weet het niet. Maar dat heb ik niet gewild. Ik kon dat Herman niet aandoen, voelde ik.”

Bruusk afgebroken

“In de dagen en weken erna hebben we elkaar nog veel berichten gestuurd. Ik durf zeggen: daar spatte de verliefdheid vanaf. We zonden elkaar hartjes, lieve woorden en bekenden hoe we elkaar al die jaren ­gemist hadden. Ik fleurde helemaal op. Ik had nooit gedacht zoiets nog te kunnen voelen, ik had ook nooit gedacht Ludo nog terug in m’n leven te hebben. Dan, heel plots, is alles gestopt. Ludo’s vrouw voelde dat er iets niet klopte en heeft z’n berichten gevonden. Hij wilde haar niet kwetsen en heeft via Messenger laten weten dat hij er niet langer mee door kon gaan omwille van z’n vrouw. Op zich begreep ik dat nog wel: hij wilde haar geen pijn doen, net zoals ik Herman geen pijn wilde doen. Maar hoe bruusk hij alles heeft ­afgebroken: dat versta ik dan weer niet. Van het ene moment op het andere is het opgehouden. Hij heeft me ontvriend op Facebook. Ik heb niet eens de kans gehad ooit iets terug te sturen of afscheid te nemen. Ik ben zo niet. Ik praat de dingen graag uit, krijg ook graag antwoorden op de vragen die ik heb.”

Onmogelijke liefde

“Dat ene laatste bericht van Ludo is nu een jaar geleden. Sindsdien gaat het niet goed met mij. Ik heb hartritmestoornissen en ik weet dat het van verdriet is. Het blijft knagen aan me. Soms hoop ik dat het overgaat. Of verwatert. Maar het gáát niet over. Ik hou nog altijd veel van Ludo. Ik moet dat een plaats geven. Maar hoe? Ik vraag het me elke dag af.”

“De liefde tussen mij en Ludo is op dit moment onmogelijk. Want zou hij morgen voor mijn deur staan en zeggen dat hij alsnog een leven met mij wil opbouwen, ik zou het niet doen. Ik zou te veel mensen pijn doen. In de eerste plaats Herman. Herman is altijd goed voor me geweest. Maar ook mijn dochter. Mijn oude moeder — ze leeft nog. Is dat niet menselijk? Dat je eerst aan anderen denkt? Ik geloof van wel.”

“Ik weet vandaag niet hoe het met Ludo gaat. Is hij oké? Redt hij het? Ik weet het niet. Ervoor waren er ook wel zo’n periodes. Veel zelfs. En ze duurden lang. Maar deze keer vind ik het extra moeilijk. Na die ­heropflakkering van onlangs worstel ik weer elke dag met m’n gevoelens. Soms troost het me dat ik niet de enige ben. Ik ben bijna zeker dat Ludo zich net hetzelfde voelt. En er zijn ook nog anderen: ik lees hun verhalen in boeken, zie hun verdriet soms rondom mij. Onbereikbare liefdes, ze komen vaker voor dan je denkt.”

“Ik hoop nog lang te kunnen leven met Herman. Toch kan ik het niet helpen om soms te denken: wie weet. Ooit. Misschien. Op een dag. Wanneer het niemand meer kwetst. Wat moet komen, zal wel komen. Dat moét ik geloven.”

Monique, Ludo en Herman zijn schuilnamen.

Lees ook binnen HLN+:

“Dat hij Wordfeud met me wilde spelen, snapte ik, maar seks?”

“Mijn hele leven lang was ik een serieuze echtgenote geweest en waar had me dat gebracht?”

Vakantieliefde op de naturistencamping: “Ik was nooit op hem gevallen als ik hem met kleren aan had ontmoet”

Alle lange leesverhalen vind je in ons dossier.




10 reacties

Alle reacties zijn welkom zolang ze voldoen aan de do's en don'ts die je hier kan terugvinden: gedragsregels. Elke dag ontvangen wij duizenden reacties, het kan enkele uren duren voor jouw reactie wordt geplaatst. Wordt jouw reactie afgekeurd dan werd er geoordeeld dat deze onze gedragsregels schendt.


  • ANNIE NEMSDAEL

    Na 41 jaar is de pijn en verlies nooit weg gegaan en vrees dat die nooit weg gaat

  • Luna Adivina

    Chris Hom, Klopt wat u zegt ! Is iets unieks, en heb het nooit op deze manier met iemand anders ervaren ! Ik hoop zo dat we elkanders pad nog een kruisen ❤️

  • Lara Debie

    Inderdaad. Mss was ze niet gelukkig geworden met hem. Maar passie blijft mooi, soms moeilijk te dragen.

  • Christel Van der Auwera

    Ik begrijp dit volledig. Jammer, heel jammer

  • MYRIAM VAN RECK

    Misschien was ze met hem helemaal niet gelukkig geworden !