Exclusief voor abonnees

Lust & liefde: “Hij leerde me hoe makkelijk de liefde kan zijn”

Corine Koole interviewt over de raadselen van passie en affectie

Foto ter illustratie.
Getty Images Foto ter illustratie.
Lena, 26, had hem in de maanden voor ze hem echt leerde kennen een intrigerende gelaagdheid toegedicht, maar in werkelijkheid bleek haar eerste liefde een doodgewone kerel. En net dat maakte het zo moeilijk toen ze afstand van hem moest nemen. 

In mijn laatste jaar op school zat een eigenaardige jongen die ik al een tijd van op een afstandje observeerde. Hij was lang, met volle lippen en een fijn gezicht, en knap zonder dat hij het leek door te hebben. Later begreep ik dat hij zijn hele middelbareschooltijd een fanatieke gamer was geweest en nu pas min of meer zijn hoofd boven de grond stak. Het was duidelijk dat alles wat het sociale leven te bieden had nieuw was voor hem. Het ontbreken van dat zelfbewuste maakte hem extreem aantrekkelijk. Zijn verlegen ogen leken een landschap aan gevoelens, anekdotes en verhalen te verbergen, meende ik, en op een dag zou ik die allemaal horen.

“We zagen elkaar uitsluitend in het gezelschap van klasgenoten, op vrijdagmiddag in een parkje in Gent. We deelden flirterige blikken, er gingen pintjes rond, praten deden we nooit. Ik had geduld. Maar ineens was het juni en was het schooljaar voorbij. Ik zou naar de filmschool gaan en hij ging sport studeren; sommige dingen op school weet je zonder dat je weet hoe je ze weet. We waren zeventien, hij vertrok die zomer nog op vakantie met zijn ouders en ik bleef achter, bang dat hij in Italië een vakantieliefje zou vinden en mij zou vergeten.

“In juli braken de Gentse Feesten aan en waar ik op hoopte gebeurde: hij was er ook. Het deed bijna pijn om hem weer te zien, zijn flirten werd steeds openlijker, al bleek dat hij inderdaad op vakantie met een meisje had gekust. Maar alleen om moed te verzamelen, bekende hij beschroomd, om erachter te komen hoe dat was, kussen, zodat hij mij kon verrassen. Eigenlijk waren we elkaars eersten. Op een van de laatste nachten tijdens de Gentse Feesten duwde hij mij tegen de muur van de Charlatan en pakte mijn gezicht. Al die tijd had ik alleen naar hem gekeken en zat er een paar meter tussen ons en nu voelde ik hem. Een uur lang kusten we. Het was een uur of zes, het werd al licht. En toen we even later naar onze fietsen liepen, stopten we elke paar meter om elkaar opnieuw te kussen, te voelen, te zien.

“Tijdens de maanden die volgden, liet ik me gewillig zijn wereld binnenvoeren. Ik leerde gamen, maakte kennis met zijn ouders, leerde fricandeau eten op mijn brood en salami waarvan hij het velletje afhaalde en dat om de oortjes van zijn katten hing. Zelf was ik al het huis uit, ik ben opgegroeid bij een moeder met verslavingsissues. Mijn jeugd was hobbelig verlopen en ineens maakte ik deel uit van een gezin, hoorde ik ook een beetje bij die neurotische, lieve vader die steeds hetzelfde zei en die zorgzame moeder die gek werd van die vader, maar altijd op een vergoelijkende manier, want iedereen hield van elkaar. En het duurde niet lang of ik was misschien nog wel meer verliefd op dat veilige leven in die bungalow met die trampoline in de tuin dan op hemzelf. Of beter: de twee liefdes versterkten elkaar. Ik dompelde me er met plezier in onder.

“Maar we waren natuurlijk enorm verschillend. Ik was een piekeraar, hij een gamer en sporter. Mijn fantasieën uit de maanden voor ik wist wie hij was, waren een eigen leven gaan leiden. In gedachten had ik hem een intrigerende gelaagdheid toegedicht, ik had iets gezien wat ik niet kon thuisbrengen, maar nu we samen waren bleek hij helemaal niet mysterieus en complex. Het mysterie dat ik opgemerkt had was het omgekeerde van wat ik had vermoed: niet het ongewone maar juist het doodgewone was wat hij verborg. Dat was wat ik als exotisch ervoer en als ik zelf wel eens een poging deed om iets over mijn eigen idiotie en tegenstrijdigheden te vertellen, begreep hij me niet. Hij was trots op de films die ik maakte, maar snapte er geen bal van.

“Intussen ging ik door met mijn leven in compartimenten te verdelen, een overlevingsstrategie die me altijd had geholpen. De wereld met mijn moeder hield ik gescheiden van hem, net als de wereld van de toneelschool waar meer getroebleerde leeftijdsgenoten zaten. Ik had mijn liefde voor hem gedroomd en in de jaren dat onze relatie duurde, ging het dromen door. Met seks compenseerden we waar we elkaar geestelijk niet konden vinden en twee jaar lang was ik intens gelukkig, want zoveel rust en waardering had ik nog nooit gehad.

“Tot we tijdens een vakantie in Spanje in een warm station stonden en ik dacht: als ik hier nu met een ander zou zijn, zou ik zoveel meer te bespreken hebben. Ik zie me nog staan in mijn gele zomerjurk, verdrietig. Want hoe kon ik afstand doen van de alles­omhullende warmte van hem en zijn ouders? Te kunnen denken dat de wereld zo ongecompliceerd was als hij die zag, was fijn maar ook onecht.

“Na dat inzicht ging het bergafwaarts tussen ons. Hij was verbaasd. ‘We hebben dezelfde muzieksmaak, we zijn gek op elkaar, wat is er mis?’ En inderdaad, de aantrekkingskracht tussen ons heb ik daarna nooit meer met iemand gevoeld. Ik denk nog vaak aan hem. Ik wist dat ik iets van hem kon leren, maar ik had nooit kunnen vermoeden dat dit het was: hoe makkelijk liefde kan zijn. Mijn kijk op hoe mensen samenleven was nooit positief, maar hij en zijn ouders hebben daar een flinke draai aan gegeven. Ook al kon ik me niet overgeven aan die vereenvoudigde werkelijkheid, ik stapelde dat nieuwe beeld op het oude, waardoor mijn beeld over de liefde genuanceerder werd.”




2 reacties

Alle reacties zijn welkom zolang ze voldoen aan de do's en don'ts die je hier kan terugvinden: gedragsregels. Elke dag ontvangen wij duizenden reacties, het kan enkele uren duren voor jouw reactie wordt geplaatst. Wordt jouw reactie afgekeurd dan werd er geoordeeld dat deze onze gedragsregels schendt.


  • CHRISTEL JANSSENS

    Het gras is niet groener elders hoor

  • DIRK VAN DESSEL

    Minstens de perceptie wordt gecreëerd dat vrouwen niet zouden weten wat ze willen