Exclusief voor abonnees

3 mensen met een psychische stoornis getuigen over hun liefdesleven: “Hij had meteen z’n vooroordelen klaar en dumpte me”

Getty Images
Manoeuvreren in de moderne datingwereld is niet makkelijk. Zeker niet als je kampt met een psychische stoornis. Wanneer vertel je aan je vlam dat je paniekaanvallen, borderline of autisme hebt? Op de eerste date? Of helemaal niet? Maar al te vaak wordt er gekozen voor optie 2, uit schrik voor de reactie van het potentiële lief. Hoog tijd om het taboe te doorbreken: 3 lezers getuigen. 

Wil jij met mij? Voor mensen met een psychische aandoening is het vaak een beladen vraag. Dat vindt ook Melanie Brown, beter bekend als Mel B van de Spice Girls. “Ik heb ADD, ADHD en worstel met angsten en dyspraxie (een motorische ontwikkelingsstoornis, nvdr.)”, zegt ze in een podcast. “Mijn brein werkt gewoon anders. Als ik date, moet ik daar zo snel mogelijk eerlijk over zijn.” 

Als je geen psychische problemen hebt, lijkt het misschien een ver-van-mijn-bedshow. Maar klopt dat wel? Een bipolaire stoornis, PTSS, depressieve gedachten, borderline, paniekaanvallen, eetstoornissen, ADHD, autisme, ... Maar liefst 1 op de 4 mensen krijgt ermee te maken, zo blijkt uit cijfers van Geestelijk Gezond Vlaanderen. Het komt dus meer voor dan je denkt, maar er wordt gewoon ontzettend weinig over gebabbeld. Al helemaal als je aan het daten bent. Om een einde te maken aan de stigmatisering, vertellen 3 lezers hoe zij - ieder op z’n eigen manier - ermee omgaan.

Nathalie* (21) heeft paniekaanvallen en een angststoornis: “Ik heb schrik dat ik - met mijn bagage - er nooit in ga slagen om iemand gelukkig te maken”

“Toen ik 10 jaar was, ben ik met mijn borstkas op een paal gevallen. Sindsdien kamp ik met ademhalingsproblemen. Die problemen zijn verergerd en uitgemond in paniekaanvallen. Meestal krijg ik zo’n aanval als ik stress heb of als ik schrik heb dat er iets gaat gebeuren. Lees ik bijvoorbeeld iets over een hartaanval? Dan begin ik er te diep over na te denken: wat als het mij overkomt? Hoe zou dat voelen? Voor ik het goed en wel besef heb ik het te warm, begin ik te zweten als een otter, beeld ik me in dat ik effectief last heb van hartkloppingen en krijg ik een hyperventilatie-aanval.”

“Een jaar geleden heb ik een leuke jongen leren kennen, een vriend van mijn broer. Als ik bij hem was, voelde ik me fantastisch. Ik zat op een roze wolk en kreeg geen aanvallen meer. Maar no way dat ik hem durfde vertellen over mijn angststoornis. Daarvoor schaamde ik me te hard. Mijn ouders vonden een depressie aanstellerij. ‘Het is toch allemaal zo erg niet? Denk gewoon aan iets anders.’ Die gedachtegang is altijd in mijn achterhoofd blijven sluimeren.” 

“Uiteindelijk is hij er toch achter gekomen. ‘s Ochtends merkte hij dat ik enkele pillen moest slikken, en met wat opzoekwerk had hij door dat het antidepressiva waren. Hij had meteen zijn vooroordelen klaar. Net als zovelen dacht hij dat antidepressiva mijn karakter veranderden, maar dat klopt niet. Ik pakte een lichte variant, die me gewoon wat rustiger maakte. Niet veel later besloot hij me te dumpen.”

“Sindsdien worstel ik ook met een serieuze bindingsangst. Leer ik iemand kennen die ik leuk vind? Dan blok ik dat meteen af of ga ik expres op zoek naar negatieve eigenschappen. Natuurlijk ben ik bang om opnieuw gekwetst te worden, maar ik heb nog meer schrik dat ik - met mijn bagage - er nooit in ga slagen om iemand gelukkig te maken. Ik wil iemand anders niet lastigvallen met mijn miserie. Stiekem hoop ik dat dit ooit nog veranderd. Net als iedereen zou ik ooit graag een gezin stichten en kinderen krijgen, maar ik ben bang dat het me nooit zal lukken. Samen met de psycholoog probeer ik aan mezelf te werken en meer mensen toe te laten. Kleine stapjes vooruit, en we zien wel waar we komen.”

Kevin (31) worstelt met een depressie: “Ik moet me nergens voor schamen, dus ben er meteen heel eerlijk over”

“Twee jaar geleden werd mijn leven volledig overhoop gehaald. Ik kreeg van mijn dokter te horen dat ik kanker had en niet lang na de diagnose is mijn zoontje overleden. Hij was net 6 maanden oud ... Sommige koppels die zo’n trauma meemaken, groeien dichter naar elkaar toe. Bij ons gebeurde net het tegenovergestelde: terwijl mijn partner een spraakwaterval was, kropte ik alles op.  Uiteindelijk hebben we besloten om een punt te zetten achter onze relatie. Die breuk. De miserie. De pijn van mijn behandelingen. Het werd me allemaal te veel. Op den duur zag ik geen andere uitweg en heb ik een zelfmoordpoging ondernomen. Gelukkig hebben ze me kunnen redden en kunnen overtuigen om psychologische hulp te zoeken.”

“Ondertussen ben ik al een tijdje aan de beterhand en ben ik opnieuw aan het daten. Op aanraden van vrienden heb ik me zelfs ingeschreven op een datingsite. (lacht) In het begin vond ik het lastig om open te praten over mijn depressie, maar ik heb ondervonden dat eerlijkheid toch loont. Zo heb ik ooit de pech gehad dat een date mijn visitekaartje van de psycholoog had gevonden. Ze kwam volledig uit de lucht gevallen en ik werd bij wijze van spreke op het matje geroepen. Ik had niet alleen iets verzwegen, maar werd ook beschouwd als leugenaar.”

“Sindsdien praat ik er heel snel vrij open over. Waarom ook niet? Het is een deel van mijn leven. Het heeft mijn persoonlijkheid gevormd en daar moet ik me niet voor schamen. Of ik er in de chatbox van de datingsite al iets over vertel of pas tijdens de eerste date, hangt af van mijn gesprekspartner. Als zij over koetjes en kalfjes babbelt, ga ik haar niet ineens overvallen. Ik breng het pas ter sprake als ze diepgaandere vragen stelt of polst naar wat ik al heb meegemaakt.”

“Sommigen bieden een luisterend oor en stellen zich begripvol op. Het kan immers iedereen overkomen. We voelen ons allemaal wel eens slecht in ons vel. Maar de overgrote meerderheid reageert afgeschrikt. Je merkt dat ze meteen afstand nemen. ‘Het ligt niet aan jou maar ...’ Ze redeneren vaak dat het leven al moeilijk genoeg is, ze hebben geen behoefte aan iemand met een rugzak vol problemen. Al een chance kan ik dat goed relativeren. Op dat punt hebben we nog geen relatie, dus ik verlies niets. Maar het blijft ontzettend jammer natuurlijk.”

Sophie: “Ik wil anderen niet meteen overvallen met mijn pakket aan minpuntjes”.
rv Sophie: “Ik wil anderen niet meteen overvallen met mijn pakket aan minpuntjes”.

Sophie (22) heeft het syndroom van Asperger: “Ik heb er lang mee gewacht om iets te zeggen, uit schrik voor die stempel”

“Twee jaar geleden heb ik mijn huidige vriend leren kennen op het verjaardagsfeest van een neef. We hadden meteen een geweldige klik, maar toch wou ik niet meteen vertellen dat ik het syndroom van Asperger heb. Als je dat doet, wordt er meteen een stempel op je gedrukt. Mensen gaan ervan uit dat autisten asociaal en moeilijk in de omgang zijn. Ik wou dat hij me eerst leerde kennen, zonder die vooroordelen.”

“Bovendien besef ik maar al te goed dat ik met een pakket aan minpuntjes kom: ik ben ongelofelijk perfectionistisch, kan geen hulp aanvaarden en moet alles tot in de puntjes kunnen plannen. Ik wou mijn kersverse vlam er niet mee overvallen of hem het idee geven dat hij met een hele waslijst aan zaken rekening moest houden.”

“Anderzijds wil ik me niet anders voordoen dan ik ben. Als ik iemand vertrouw, zie ik er geen graten in om hem of haar te vertellen over mijn stoornis. Toen onze relatie iets serieuzer werd en ik me nog steeds goed in m’n vel voelde, is het uiteindelijk ter sprake gekomen. Zijn reactie was superlief. Hij was blij dat ik me openstelde.”

“Toch is het niet altijd koek en ei: ik hou niet van plotse veranderingen, terwijl hij dol is op verrassingen en spontane uitstapjes. We hebben dus wel moeten zoeken naar een gulden middenweg en hij houdt zo vaak mogelijk rekening met mij. Met succes. Ondertussen zijn we als een tandem op elkaar afgestemd en houden we elkaar in balans. Botst het eens? Dan kunnen we er achteraf altijd om lachen.” 

*Om de anonimiteit te bewaren, is een andere naam gebruikt.




6 reacties

Alle reacties worden voor publicatie gelezen -en goed- of afgekeurd- door het moderatie-team van HLN. Elke reactie moet voldoen aan deze gedragsregels.
Je naam en voornaam verschijnen bij je reactie.


  • Natascha VERCAUTEREN

    Wat een meningen hieronder.Blijkbaar niet veel ervaring mee.Met iemand met Borderline valt best te leven mits goede begeleiding en aanpassen van beide kanten.Zoals in elke relatie.Volgend jullie hebben zulke mensen dus geen recht op een relatie of het geluk er van te kennen???o ja,ik heb de ergste vorm van Borderline trouwens.4 kids groot gebracht en relatie van 7 jaar.

  • Thibault Derese

    Het stoort me dus erg, heel erg dat Autisme hier tussen staat.

  • monique hermans

    Ik woon samen met iemand die zwaar depressief is, gewoon geen leven. Zal zeer slecht eindigen.

  • MYRTHE PASS

    Even een verduidelijking: Autisme hoort niet bij de psychische stoornissen, maar is een ontwikkelingsstoornis (een handicap). De andere stoornissen, die hier opgesomd werden zoals paniekaanvallen en bordeline zijn stoornissen binnen de geestelijke gezondheidszorg (psychiatrische stoornissen).

  • Francinne Declerque

    En terecht dumpen, niet alleen dat, voor dat het serieus wordt kijk of er in de familie geen geestesziekten voorkomen. Je kan niet samenleven met iemand die serieuze psychische ziektes heeft.