Exclusief voor abonnees

3 mannen getuigen hoe ze fysiek mishandeld werden door hun vrouw: “Toen ze 2 liter kokend water over me goot, heb ik haar in een reflex ook tegen de grond geduwd”

Getty Images/iStockphoto
Momenteel krijgt Peter in ‘Familie’ rake klappen van zijn vriendin Gloria. Maar mannen die slachtoffer worden van partnergeweld komen niet alleen voor in soaps. Ook in het echte leven worden sommige mannen geconfronteerd met fysiek huiselijk geweld. Toch durven de slachtoffers daar amper over te praten. Deze mannen doorbreken het taboe en getuigen hoe zij fysiek mishandeld werden door hun vrouw. 

Bart* (47): “Ze bedreigde mij met een bijl waar de kinderen bij stonden”

“Kort nadat we huwden in het jaar 2000, veranderde de vrouw met wie ik net getrouwd was langzaam in een monster. Eerst probeerde ze zoveel mogelijk over mij en mijn verleden te weten komen. In het begin was ze nog erg begripvol, maar slechts enkele dagen nadat we onze huwelijksgeloften aflegden, begonnen de dreigementen. ‘Als je dit of dat niet doet, hou je niet van mij’, klonk het. Enkele weken later sloeg ze borden gevuld met eten stuk net voor mijn voeten. Maar dat was nog maar het begin. 

Daarna nam ze regelmatig mijn polsen vast en zette ze haar nagels erin totdat mijn huid helemaal open lag. Ik bedekte toen vaak mijn polsen zodat collega’s mijn verwondingen niet zouden opmerken. Elke keer volgden er uitgebreide excuses en beloftes dat het nooit meer zou gebeuren. Helaas was het tegendeel waar. In het begin gebeurde het partnergeweld nog maar af en toe, maar na een tijdje nam de frequentie toe, van enkele keren per jaar, naar maandelijks tot ten slotte elke week.

Wat ik me nog levendig kan herinneren is toen ze me met 2 liter kokend water overgoot. In een reflex heb ik haar toen ook met geweld tegen de grond geduwd. Vervolgens krabde ze heel mijn gezicht open. Ik vertelde op het werk dat ik in een bramenstruik gevallen was. Ze zei telkens dat ik zelf de oorzaak was van het geweld en dat als ik de relatie zou beëindigen, ik onze twee kinderen nooit meer zou zien. Maar ook zij kregen hun deel en belandden meermaals in het ziekenhuis door haar toedoen.

In de zomer van 2014 bereikten de gewelddadigheden echter een hoogtepunt. In de woonkamer bedreigde ze mij met een bijl, waar mijn kinderen bij stonden, waarna ze naar buiten liep en mijn auto helemaal kort en klein sloeg. Gelukkig filmde mijn oudste dochter de gebeurtenissen. 

Een half jaar later, net voor de kerstdagen, klopte ik huilend aan bij een advocaat. Op dat moment waren we bijna 15 jaar getrouwd. Ik was te beschaamd om iemand in mijn omgeving te vertellen wat er zich allemaal afspeelde tussen de vier muren thuis, maar wist ook dat hier een einde aan moest komen. Ik toonde mijn advocaat de filmpjes waarop hij een spoedprocedure aanspande om haar het huis uit te zetten. De uitspraak volgde al snel: wegens ernstig partnergeweld moest mijn ex de gezinswoning onmiddellijk verlaten. Nu, bijna 5 jaar later ben ik officieel gescheiden, maar er lopen nog steeds rechtszaken.

Uiteindelijk was ik 14 jaar het slachtoffer van partnergeweld. Hoe ik dat doorstaan heb, weet ik nog altijd niet. Het was meer een vorm van overleven. Dat deed ik voor de kinderen, zeker toen ze nog erg jong waren was ik bang om ze achter te laten bij een gewelddadige moeder.

Gelukkig heb ik nu een nieuwe relatie en mijn leven opnieuw kunnen oppikken. Mijn kinderen hebben zodra mijn ex-vrouw het huis uit werd gezet alle contact met hun moeder geweigerd. Ondertussen studeert de oudste aan de universiteit. De jongste gaat naar een internaat voor kinderen met autisme, maar ook met hem gaat het de laatste jaren steeds beter.”

Thomas* (34): “Meermaals heb ik aan de rand van het station gestaan, wachtend op een trein”

7 à 8 jaar geleden leerde ik Ellen kennen. Ik woonde nog maar net alleen, op een appartementje in het centrum van mijn dorp. Ik was al een tijdje alleen en was zoekende naar een relatie. Ik leerde haar op een zaterdag kennen op café. Ik zat er nog met wat mannen van de voetbal een pintje te drinken na de match. Iedereen was van plan om nog naar een fuif te gaan. Daar had ik niet veel zin en bleef nog wat achter. Maar toen kwam Ellen erbij staan. Ze toonde interesse in mij en van het één kwam het ander. Bleek dat zij slechts een paar huizen van mij woonde.

Toen ik haar beter leerde kennen, merkte ik dat haar vriendenkring zo goed als onbestaande was, ze het contact met haar familie verbroken had en werkloos was en zodoende veel bij mij verbleef. Ze kon moeilijk zwaar werk uitvoeren want ze had fibromyalgie (een aandoening met chronische pijn in spieren en bindweefsel nvdr.), haar contact met familie was er niet omdat ze als kind misbruikt werd door haar vader en niet geloofd werd door haar familie. Onder invloed van haar ex-vriendje, die haar ook af en toe sloeg, nam ze regelmatig drugs. Ik voelde een sterke nood om haar onder mijn vleugels te nemen, te beschermen en haar een beter leven te geven. Ze kon het allemaal zo goed vertellen. Nu twijfel ik echter nog altijd over wat waar was en wat niet. Ik leed volgens mijn vrienden aan het ‘Witte Ridder Syndroom’, de nood om de reddende witte ridder te zijn, die haar heldhaftig redde van haar slechte leven.

Ik stelde haar voor aan vrienden en familie en trachtte haar een sociaal leven te geven, wat goed verliep in eerste instantie. Maar na 2 maanden kwamen de eerste barsten. Het klikte niet met mijn vrienden omdat ze soms radicaal andere standpunten innamen en daar werd ze kwaad van. Na een tijdje vroegen mijn vrienden niet meer aan ons om langs te komen. En toen kwamen de verwijten: ik had haar beter moeten vertellen hoe mijn vrienden waren en mijn vrienden beter uitleggen hoe zij was. Langzaam raakten we geïsoleerd. Ik hielp haar ondertussen waar ik kon. Ik zorgde ervoor dat ze overdag een bezigheid had, voerde haar rond naar interimbureaus en sollicitatiegesprekken, en gaf haar wat geld zodat ze fatsoenlijk kon eten. Toen ik doorhad dat ze het geld enkel gebruikte om drugs te kopen, heb ik haar ervan afgeholpen, of zo dacht ik toch. Ze bleef weg van de drugs maar begon als compensatie te drinken.

Het ging van kwaad naar erger. Ze raakte haar appartement kwijt en kon bij mij intrekken tot ze iets anders vond. Langzaam, als een sluipend vergif, kwamen de verwijten. Alles wat niet goed ging in haar leven, begon mijn schuld te worden. Als we te laat kwamen op een afspraak, was het mijn schuld omdat ik nog per se langs de bank moest. Als ze een sollicitatie misliep, kwam dat omdat ik haar niet voldoende had geholpen met het opstellen van haar CV. Als het eten aangebrand was, kwam dat omdat ik haar afleidde. Als ze last had van haar spieren vanwege haar fibromyalgie, kwam dat omdat ik haar te veel boodschappen liet doen. En ik geloofde haar. Ik had beter moeten weten. Ja, liefde maakt blind zeker?

Haar gedrag kon draaien als de wind. Het ene moment poeslief, de ideale huisvrouw spelend. Het volgende moment ontplofte ze en kreeg ik de verwijten naar mijn hoofd geslingerd. Het eerste fysieke geweld was er niet één tegen mij maar tegen haarzelf. Als ik in haar ogen weer iets verkeerd deed of zei, sloeg ze op deuren en muren tot haar handen opgezwollen waren van de kneuzingen. Ook dat werd mijn schuld. Ze bleef ruzie maken tot diep in de nacht, met de politie die langskwam als gevolg. Ik vertelde heel de situatie tegen mijn huisdokter en hij dacht aan borderline. Dat zou verklaren waarom ze zo explosief was. Maar zij geloofde het niet en weigerde medicatie.

De eerste keer dat ze mij sloeg zal ik nooit vergeten. Ik had al eens een glas of kop koffie naar men hoofd gekregen, maar dit was van een andere proportie. Ze had afgesproken met haar ex, om nog enkele spullen op te halen, maar ik moest overwerken. Daardoor kwamen we te laat en was de ex al weg, met de boodschap dat ze haar spullen niet terugkreeg. Ze was razend. Terug thuis aangekomen begonnen de verwijten en toen haalde ze uit. Een tik tegen mijn hoofd. Ik hield haar tegen, maar ze begon te krabben en bijten. Nadat ze gekalmeerd was, kwamen altijd de lieve woordjes en verontschuldigingen. En ik geloofde haar. Na dat voorval bleef het fysieke geweld komen. Van een tik tegen het hoofd tot die keer dat ze haar vuisten kapotsloeg op mijn rug omdat ik ketchup had gemorst op haar lievelingstrui. Telkens was het mijn schuld. Ik wist hoe ze was dus ik dacht dat ik beter mijn best moest doen om haar niet te laten ontploffen.

Ik vervreemde van vrienden en familie. Alleen mijn moeder bleef mij steunen. Zelfs nadat Ellen haar bedreigd had met een mes en ik er moedeloos op stond te kijken. Slechts eenmaal ben ik mijn geduld verloren. Ze was me beginnen te slaan om welke reden dan ook en er brak iets in mij. Net zoals de bewuste scène in Familie, duwde ik haar weg en viel ze tegen de tafel. Ze werd hysterisch en belde de politie. Ik werd overmand door een enorm schuldgevoel. Ik die nooit een vlieg kwaad deed. Ik werd meegenomen naar het bureau en daar ben ik ingestort. Ik vertelde alles en had geluk dat de politie mij geloofde. Maar ik legde geen klacht neer, waardoor zij niets konden doen. Ondertussen bleef het geweld duren en onderging ik alles.

Van liefde was na 9 maanden geen sprake meer. Maar ik kon haar niet verlaten omdat ik werd verteerd door schuldgevoel. Alles was mijn schuld dat het zo gelopen was, dacht ik. Zij ondernam zelfmoordpogingen, alhoewel het achteraf eerder komedie was, zodat ze mij nog meer de schuld van iets kon geven. We werden uit mijn appartement gezet, terecht, want er was geen deur of spiegel meer heel. Ik vertelde haar dat we even apart moesten wonen, tijdelijk om onze zogezegde relatie te redden. Ik vond voor haar een appartement, betaalde haar voorschot, gaf haar een wasmachine, stofzuiger, tv … Maar ondanks alles bleef ze mij verwijten en slaan. Tot het me te veel werd en ik alle contact verbrak. Ik vroeg een contactverbod aan bij de politie en blokkeerde haar nummers. Ze dreigde nog een tijdje om zich van kant maken of mijn familie kapot te maken, maar uiteindelijk gaf ze op en hoorde ik haar niet meer.

Meermalen heb ik aan de rand van het station gestaan, wachtend op een trein. Of op het dak van de fabriek, neerkijkend op de grond. Enkel de liefde van mijn familie hield me tegen. Ik kon het mijn ouders niet aandoen. Veel van mijn vrienden wisten niets van het geweld, al hadden ze wel vermoedens. Slechts tegen enkelen had ik het verteld. Want niemand begreep waarom ik bij haar bleef, waarom ik haar gewoon niet had buiten gezet, of haar zelf een paar klappen had geven.

Nu zijn we vele jaren verder en heb ik een pracht van vrouw. We zijn dit jaar getrouwd en zij weet van mijn verleden. Zij weet dat ik van tijd tot tijd sombere buien heb omdat ik ineens moet terugdenken aan mijn situatie van toen. Of waarom ik ineens dichtklap en wegloop als we eens een kleine ruzie over het huishouden hebben. Maar van Ellen hoor en weet ik niets meer. Voor mij bestaat ze niet meer.”

Yves* (61): “Partnergeweld beukt zodanig in op een mens dat je het nooit meer echt kwijtraakt”

“Ik leerde Marie kennen in november 1996, ik was toen 38, zij 36. Vanaf het eerste moment dat ik haar zag sloeg Cupido toe. Ik was op slag verliefd op haar. Ze was alles wat ik zocht in een vrouw: ze was mooi, lief, intelligent, en bovendien een kunstenares. Ze kon zo prachtig tekenen en schilderen. Eerst gingen we heel vriendschappelijk met mekaar om omdat zij nog geen romantische gevoelens had voor mij. Ik genoot van haar aanwezigheid, maar een fysieke relatie hadden we nog niet. Zij woonde in Gent, ik in Brussel. Als we de eerste keren bij mekaar bleven slapen, was het elk op zijn eigen plekje. In brieven vertelde ze ook dat ze zich afvroeg waarom ze zoveel tijd met mij doorbracht. Ze kwam uit een emotioneel zeer verwarrende periode en zat vol met twijfels. Pas in de lente van 1997 zijn we een koppel geworden, in de echte zin van het woord, maar eerst nog met vallen en opstaan.

Omdat we niet altijd veilig vrijden werd Marie zwanger. Beiden oordeelden we dat onze relatie op dat moment niet rijp was voor een kind. We besloten de zwangerschap te onderbreken.

Dezelfde avond van de ingreep heeft ze mij een eerste keer geslagen, één klap met de vlakke hand in mijn gezicht, en met de vuisten op mijn borst ingebeukt. De volgende ochtend zag ik dat ik vol stond met blauwe plekken. Maar ik besef nu dat ik daar ook een fout gemaakt heb. We woonden toen nog apart, maar ik moest die volgende ochtend vroeg naar Leuven voor mijn werk dus toen ze me vroeg om bij haar te blijven heb ik dat niet gedaan. Ik heb toen de impact van de ingreep op Marie onderschat, en bovendien gekozen voor mijn job. Waarom maakte ik de verkeerde keuze en waarom reageerde Marie zo fout? Misschien komt het door onze moeilijke jeugd. Noch Marie, noch ik, hebben ooit als kind en evenmin tijdens de rest van ons leven liefde gezien tussen onze ouders. Wij hebben van hen nooit geleerd hoe je liefdevol met elkaar omgaat. Ontelbare ruzies heb ik gezien, die bovendien gepaard gingen met wekenlang elkaar negeren en zwijgen. Tot geweld zijn mijn ouders echter niet overgegaan, die van Marie wel.

Maar bij die ene keer bleef het niet. In de lente van 1998 is Marie bij mij ingetrokken in mijn appartement in Brussel. Op een avond was ik in de keuken aan het opruimen. Zij had gekookt, ik gooide wat restjes witloof in de vuilnisbak. Het maakte haar razend dat ik het aandurfde eten, dat zij gekookt had, weg te gooien. Ze gooide een appel die ze aan het eten was naar de tv, het mes waarmee ze de appel schilde naar mijn hoofd en ze sloeg me, opnieuw met de vlakke hand, keihard in mijn gezicht. In dezelfde seconde sloeg ik terug. Alsof ik instinctief voelde: als ik nu niets terugdoe, ben ik voor de rest van mijn leven een mishandelde man.

Echt geslagen ben ik daarna niet meer, wel uitgescholden voor smeerlap, klootzak, lafaard en rotzak. Er is duw- en trekwerk geweest waarbij mijn hand tussen de deur geplet werd. Meningsverschillen en ruzies stapelden zich op waardoor we ook steeds meer uit elkaar groeiden. Uiteindelijk was het Marie die na veel dreigen ook effectief bij me wegging.

De feiten dateren al van lang geleden, maar partnergeweld beukt zodanig in op een mens dat je het nooit meer echt kwijtraakt. Maar ‘What doesn’t kill you, makes you stronger’, zeker? Ik heb ook altijd geprobeerd om mijn kinderen en de zorg voor hen voorop te stellen. Want Marie heeft mij ook twee kinderen geschonken. Lisa is 14 jaar en Stijn wordt bijna 18. En ondanks alles, is ze de beste moeder die een kind zich wensen kan. Ik heb nooit één kwaad woord over haar verteld tegen hen en zal dat ook nooit doen.”

* Om de privacy te beschermen zijn anonieme namen gebruikt.




2 reacties

Alle reacties zijn welkom zolang ze voldoen aan de do's en don'ts die je hier kan terugvinden: gedragsregels. Elke dag ontvangen wij duizenden reacties, het kan enkele uren duren voor jouw reactie wordt geplaatst. Wordt jouw reactie afgekeurd dan werd er geoordeeld dat deze onze gedragsregels schendt.


  • Anneke Braem

    Elkaar slaan hoort niet in een huwelijk echt niet

  • Dieter Van Genechten

    Sorry, maar ik ben 10 jaar samen, sinds m’n 20e, en bij ons is de regel: Slaag mij, en ik slaag terug. Lost veel op. Gebeurt zo goed als nooit, maar wanneer het gebeurt, zijn we gelijk aan elkaar... Ikzelf slaag dan ook zoals ze mij slaat, niet zoals 2 mannen elkaar slagen. Is niet meer dan normaal. Daarom; gelijkheid!