Exclusief voor abonnees

Hans beroofde z’n moeder, de jeugdbeweging en de pastoor om z'n gokverslaving te bekostigen: “Ik kon niets met mate doen. Altijd maar meer, altijd nóg”

Beeld van een online casino ter illustratie.
ANP XTRA Beeld van een online casino ter illustratie.
Geheimen. We steken ze weg, houden ze stil, bewaken ze met ons leven. Redactrice Sabine Vermeiren luistert elke week naar een Vlaming die wél praat. Eén keer alles op tafel. En dan nooit meer. Hans (42) was zestien toen hij z’n eerste bankbiljet uit de portefeuille van z'n moeder graaide. Erna plunderde hij de spaarpotten van z'n zussen. De kas van de scouts, zelfs de kluis in de kerk waar hij misdienaar was: Hans bedroog alles en iedereen om toch maar aan zijn gokverslaving te kunnen voldoen. “Diefstal na diefstal. En niet de minste schaamte daarvoor.”

Als het spreekwoord klopt en boontje effectief om z'n loontje komt, dan is Hans er het levende voorbeeld van. In de koffiebar waar we hebben afgesproken, valt hij op door onopvallendheid. Grauw, getrokken. Vijfenvijftig kilo droog aan de haak. Rond zijn schouders een jas die een paar maten te groot is. “Je had me een jaar geleden moeten zien”, zegt hij. En hij wijst.  “Zó'n vent. Negentig kilo.” Maar dat was vóór de mentale breakdown. Alles wat Hans tien jaar lang zo zorgvuldig had verdrongen - het schuldgevoel, de schaamte en de schroom om z’n gokken en alle bedrog dat daarmee gepaard ging: plots stond het er in volle omgang. “Nu ben ik in therapie. Ik moet alles verwerken. Een proces van jaren, zeggen ze.” 

De man in de koffiebar is 42 en single. Zijn verhaal begint in 1992. Hij is dan vijftien en de enige jongen in een gezin dat verder twee meisjes telt. Z'n ouders zijn gescheiden en dat zorgt voor een ongewone situatie: vader is uit beeld, moeder is de enige kostwinner en in huis ontbreken strenge regels. “Ik vraag me wel eens af: zou het anders zijn gelopen als ik wel een vaderfiguur had gehad? Als hij toch bij ons was gebleven? Soms denk ik van wel.”

“Ik begon uit te gaan en eigenlijk zijn daar de problemen al begonnen. Mijn maten en ik, we konden er wat van. Drinken enzo. Vijf pinten, tien pinten, allemaal normaal. Eerst gebeurde dat alleen in het weekend. Maar algauw dronk ik ook thuis. Stiekem, op m’n kamer. Mijn moeder vermoedde wel iets, maar zei er zoveel niet van. In elk geval, toén al ontdekte ik dus eigenlijk bij mezelf dat ik niks ‘met mate' kon doen. Ik kon niet doseren. Altijd maar meer, altijd nóg.”

“Het was de periode waarin café’s begonnen te experimenteren met gokkasten. Ik was zestien toen ik op m’n eerste slot speelde. Eerst ging dat goed. Ik leek een natuurtalent. Als ik speelde, won ik. Altijd. Ik had al nooit veel zakgeld gekregen thuis, dus dat kwam me goed uit. Met wat ik verdiende op speelkasten, kon ik m'n uitgaansleven betalen. Er waren avonden dat ik er 500 frank instak en met 20.000 frank naar huis ging.”

Op café in plaats van op school

“Natuurlijk bleven die winsten niet duren. Maar het was te laat. Ik was verslaafd. Van de slots was ik intussen overgeschakeld op bingokasten. Liefst ging ik gewoon alleen. Ik spijbelde er zelfs voor. In plaats van op school zat ik dan op café. Geen enkele cafébaas heeft me daar ooit op aangesproken. Integendeel. In elk café zagen ze mij graag komen omdat ze wisten dat ik er veel geld achterliet. Op avonden dat ik gewoon met vrienden uitging, ging ik zogezegd samen met hen naar huis. Maar als ze uit m'n zicht waren, draaide ik om en ging ik weer het café in om te kunnen gokken. Urenlang, als dat kon.”

“Ik herinner me die eerste keer dat ik geld uit m'n moeders portefeuille haalde. Een briefje van honderd frank. Erna werd het algauw een gewoonte en verloor ik elke schaamte, voor zover ik die ervoor al had gevoeld. Soms nam ik honderd frank, soms tweehonderd, soms vijfhonderd. Toen ontdekte ik de spaarpotten van m'n zussen. Metalen potten waren het, met een gleuf bovenaan en een sleuteltje om het open te maken. Het duurde niet lang of ik had een systeem gevonden om er geld uit te halen. Met een veiligheidsspeld peuterde ik in de gleuf, net zolang tot ik een biljet beet had. Ik denk niet dat m’n zussen dat ooit door hebben gehad. M’n moeder wel. Na een tijdje nam ze haar handtas mee naar haar kamer als ze ging slapen. Ze sprak me daar ook weleens over aan en wist dat ik wellicht een verslaving had. Maar wélke, dat heeft ze nooit geweten. Ik heb nooit open kunnen praten met haar, pas de laatste jaren zijn we aan het leren hoe dat moet.”

Geld van de pastoor

“Ik was nog maar met één ding bezig: aan geld geraken. Al jaren was ik op zondag misdienaar in de kerk, bij ons om de hoek. De sacristie was de plek waar we ons omkleedden. Voor en na misvieringen had ik gezien dat daar een kluis stond, waar het geld van de offergang in bewaard werd. De briefjes onderaan, de munten erbovenop. Op een dag was ik alleen in de sacristie en heb ik een pak briefjes meegejat. De week erna opnieuw. Het werd een ritueel. Elke keer stal ik geld. Soms was het 2.000 frank. Soms 4.000. In de dagen erna maakte ik het altijd meteen op. Schaamte had ik dan al lang niet meer. De drang om aan geld te geraken was eindeloos veel groter dan het schuldgevoel. Drie jaar heb ik die diefstallen volgehouden. Toen had de koster iets door en heeft hij een bankbiljet gemerkt met een kruisje. Bij het naar huis gaan vroeg de pastoor of ik m’n zakken kon legen en ben ik betrapt. Ik heb alles eerlijk uitgelegd. Ze waren niet boos. Ze zeiden alleen: ‘Had het ons gezegd, we hadden je geholpen.’ Ik was achttien en ben nooit nog terug naar die kerk geweest. Ik schaamde me dood. Niet om wat ik gedaan had, maar omdat ik ontmaskerd was.”

“Bij de jeugdbeweging beheerde ik intussen de kas. Op een dag hadden we wafels verkocht. Dat had 4.000 euro opgeleverd. Al dat geld - ik had het cash in huis - heb ik vergokt. Op een dag moest ik het natuurlijk weer ophoesten. Daar ben ik toen een lening voor aangegaan. Niemand bij de jeugdbeweging heeft dat ooit geweten. Het was trouwens niet de enige lening die ik in die periode aanging. Om de put van de ene lening te dichten, sloot ik een andere af.  Soms eens 2.000 euro. Soms eens 5.000 euro. Langer dan twee weken kon ik daar nooit mee voort. Tot ik op zeker ogenblik 50.000 euro schuld had. Ik deed de gekste dingen om aan geld te geraken. Ooit sprak ik zelfs op straat een vreemde aan. ‘Heb je 500 frank voor mij?’ Die mens gaf dat. Ik heb dat nooit verstaan.”

Op slag gestopt

“Het is m'n grote geluk dat ik op m’n achtentwintigste een lief vond. Ik was dan al meer dan tien jaar gokverslaafd en lééfde zowat in speelhallen. Op slag ben ik met alles gestopt. Met het gokken én de alcohol. Nu had ik iemand om voor te zorgen en voelde ik: ik heb die verslavingen niet nodig. Ik heb open kaart gespeeld tegen haar, ze heeft me op pad geholpen om alles afbetaald te krijgen. Dat is gelukt. De relatie heeft uiteindelijk niet stand gehouden, maar ik ben nu tien jaar schuldenvrij. Ik ben sindsdien maar één keer hervallen. Dat heeft een paar maanden geduurd. Erna heb ik me op de zwarte lijst laten zetten. Ik heb me dat al weleens beklaagd, maar het is beter zo. Ze laten me nergens nog binnen nu.”

“Een jaar geleden ben ik ingestort. Schuldgevoel. Je zal denken: nu nog? Ja, dus. Ik heb vroeger niet de minste schaamte gevoeld toen ik iedereen beloog en bedroog. Maar nu des te meer. Het achtervolgt me, ik lig er ‘s nachts van wakker, kan er niet mee om. Ik heb een depressie, zegt de dokter. Ik zou tegen zoveel mensen ‘sorry’ willen zeggen. Maar ik durf het niet. Ik ben bang voor veroordeling. Enkel tegen m’n moeder heb ik ‘sorry’ gezegd. Ze zei: ‘Het geeft niet, jongen. Ik heb het je vergeven.’ Maar wat ben ik ermee als ik het mezelf niet kan vergeven?”

Lees hier nog meer verhalen uit de reeks Mijn geheim.

Niels (31) is al drie jaar stiekem verliefd op Laura: “Dertien jaar geen meisje meer gekust. Dan schéélt er toch iets?”

Inge heeft openlijk een relatie op het werk: “Seks met mijn lief, seks met mijn man. Maar nooit op dezelfde dag”

Rudy ging 1.200 keer op prostitueebezoek: “Voor elke keer gemiddeld 100 euro. Reken maar uit”




1 reactie

Alle reacties worden voor publicatie gelezen -en goed- of afgekeurd- door het moderatie-team van HLN. Elke reactie moet voldoen aan deze gedragsregels.
Je naam en voornaam verschijnen bij je reactie.


  • Delbecque Benjamin

    Triestig verhaal