Jeroen Meus maakt quiche met rode ui, tijm en geitenkaas

Verne
Geitenkaas met rode uien en tijm is een geweldige combinatie. Tel daar een taartbodem van zelfgemaakt kruimeldeeg bij, en je krijgt een geweldig voorgerecht, of een smeuïge punt hartige lunchtaart. Geef er een slaatje met nootjes bij, voor wat crunch.

Ingrediënten voor 4 personen (+ nog een restje voor 's anderendaags):
• boter
• 1 eetlepel bloem
• 4 rode uien
• 6 takjes tijm
• 2 dl rode porto
• 6 eieren
• 3 dl room
• 200 g geitenkaas (vers, zonder korst)
• bakje of zakje rucola
• 2 eetlepels walnoten
• scheutje walnotenolie
• scheutje balsamico
• peper van de molen
• zout

Voor het kruimeldeeg:
• 150 g malse boter
• 300 g bloem
• 65 g water
• zout

Extra materiaal:
• ronde taartvorm (25 cm diameter)
• baklinzen of bakgewichtjes

Bereidingstijd:
65 minuten

Bereidingswijze:
Maak eerst het kruimeldeeg.

Doe de malse boter in de mengschaal van de keukenmachine. Gebruik het 'K-hulpstuk'. Laat rustig draaien.

Voeg de bloem schepje per schepje toe.

Voeg een snuifje zout toe, laat de machine verder draaien en giet er langzaam het koude water bij, tot je een egaal deeg hebt.

Kneed nog even met de hand, rol het deeg tot een bol en verpak het in vershoudfolie.

Laat een halfuur rusten in de koelkast. Bak je maar één taart, snijd het deeg dan in tweeën en bewaar de andere helft in de koelkast (een paar dagen) of de diepvriezer.

Verwarm de oven voor tot 180 °C.

Haal de bol kruimeldeeg uit de koelkast.

Wrijf de taartvorm in met een beetje boter, en bepoeder daarna met bloem, zo kan je de quiche straks gemakkelijk uit de vorm halen. Klop er de overtollige bloem uit.

Bepoeder je werkvlak met bloem en rol het deeg uit tot een grote ronde lap.

Wikkel het deeg rond je deegrol en drapeer het bovenop de taartvorm.

Laat het deeg zakken en druk de randen zorgvuldig aan.

Laat het deeg rondom een klein beetje boven de rand uitsteken, het deeg krimpt nog tijdens het bakken. Snijd te ver overhangende randen weg.

Leg een vel bakpapier bovenop het deeg en strooi er een laag van circa 1 cm baklinzen of bakgewichtjes in.

Bak het deeg 'blind' gedurende zo'n 20 minuten en houd de oven warm.

Pel de rode uien, snijd ze overlangs in tweeën en vervolgens in ringen van zo'n halve centimeter breed.

Verhit een pan op een matig vuur en smelt er een klontje boter in.

Stoof de halve uiringen glazig. Roer af en toe.

Rits de blaadjes van de takjes tijm en hak ze zo fijn je maar kan. Strooi bij de uiringen.

Giet er de rode porto bij en roer; de uien kleuren daardoor nog mooier rood. Laat 10 minuten verder stoven zonder deksel, tot de uiringen gaar zijn en het vocht zo goed als verdampt is. Laat wat afkoelen.

Kluts de eieren los en giet er de room bij. Kruid met een snuif zout en flink wat peper van de molen. Meng met de garde.

Haal de quichebodem uit de oven en verwijder het vel bakpapier met de baklinzen. Laat het gebakken deeg even afkoelen.

Schep de uien in de taartbodem en verdeel er de geitenkaas over.

Overgiet met het eiermengsel; zorg dat het tot in alle hoekjes en kantjes loopt. Schud even.

Verlaag de temperatuur van de oven tot 170 °C.

Bak de quiche 30 minuten; de gesmolten geitenkaas krijgt een korstje.

Spoel de rucola en hak de walnoten grof.

Druppel wat notenolie en balsamico over de rucola. Kruid met een snuifje zout en peper.

Meng er voorzichtig de noten onder.

Haal de quiche uit de oven. Leg er een groot plat bord op, kantel de taartbodem en tuimel de ontvormde quiche dan terug op een serveerschaal.

Jeroen Meus
Verne Jeroen Meus