De vijf grote valkuilen voor beginnende veganisten

In de sfeer van werelddierendag spitsen we ons graag even toe op het veganistisch dieet, dat - zeker voor nieuwkomers -  heel wat valkuilen blijkt te hebben. Of je dierlijke producten nu schrapt omwille van ethische redenen of puur voor je gezondheid, deze vijf fouten wil je zeker niet maken.

"Een veganistisch dieet kan gezond zijn en bovendien veel positieve invloed uitoefenen op je gezondheid. De sleutel is plannen en balanceren. Volle granen, volkoren, kleurrijke groenten en vruchten en gezonde vetten zijn essentieel", verklaart Vandana Sheth van de Academy of Nutrition and Dietetics.

Vooraleer de valkuilen aan bod komen, volgen nog enkele standaard tips. Drink veel water, want je lichaam zal even moeten wennen aan de extra vezels die je opneemt door dierlijke producten te schrappen en te vervangen door groenten en fruit. Breng ook je huisarts op de hoogte van je nieuw eetpatroon, zo kan die de aandacht vestigen op stoffen die je meer of minder nodig hebt binnen het kader van je veganistisch dieet. Het is bovendien belangrijk voor het nemen van medicatie. Het zou namelijk kunnen dat je dosis moet worden aangepast.

Veganistische valkuilen:

1. Porties
Het is niet de bedoeling dat je met een knagend hongergevoel blijft zitten. "Je kan niet verwachten dat een broodje met groenten dezelfde voldoending zal geven als de versie met vlees en kaas die je gewoon was. Je zal dus meer moeten eten om een goede hoeveelheid calorieën op te nemen", klinkt het.

2. Vitamine B12
Voor de essentiële voedingsstoffen die we nodig hebben, bestaat een brede waaier aan plantaardige bronnen. Calcium kan je bijvoorbeeld halen uit groene groenten en tofu, in plaats van melk, terwijl omega 3 makkelijk te vinden is in zaden en noten.

Een grote fout is echter dat veel nieuwe veganisten niet op zoek gaan naar een alternatief voor vitamine B12, vitaal voor de ontwikkeling en werking van onze hersenen. Een tekort steekt in veel gevallen pas na minstens een jaar de kop op omdat ons lichaam in staat is een stevige voorraad aan te leggen. "B12 komt in eerste instantie uit dierlijke producten, dus is het belangrijk dat je het opneemt uit verrijkte graanproducten of plantaardige drankjes met extra vitamine B12", verklaart Sheth.

3. "Veganistisch = automatisch gezond"
Voor heel wat beginners start de overgang naar een plantaardig dieet met het inslaan van heel wat verwerkte veggievoeding. "Hoewel deze vervangproducten kunnen helpen om van dierlijke varianten af te blijven, geven ze je niet altijd de broodnodige voedingsstoffen die je wel zou krijgen als je de volwaardige, onverwerkte voeding zou eten", klinkt het.

4. Slaatje is geen must
Veel winkels en restaurants bieden tegenwoordig steeds meer opties voor veganisten, maar niet allemaal. Daarom is het altijd handig een lekker en voedzaam plan b te hebben. "Je kan bijvoorbeeld een zakje pinda's of cashewnoten op zak hebben, het is zeker niet slecht, maar je kan er echt niet van leven. Wie uit gaat eten hoeft zich ook niet verplicht te voelen tot het eten van een saai slaatje", klinkt het advies.

Durf dus te customizen door de warme groenten en granen te vragen die bij het stuk vlees worden geserveerd en daarbij wat tofu of een kommetje chili. Zo krijg je ook alle stoffen binnen die je nodig hebt.

5. Luisteren naar je lichaam
Iedere keer dat je van dieetpatroon verandert, vraagt je lichaam minstens drie weken aanpassingstijd. "Laat je niet ontmoedigen omdat je jezelf een beetje raar voelt in het begin en verwar de zin in bepaalde voeding niet voor een signaal dat je lichaam het product zelf nodig heeft. Wie verlangt naar vlees, moet even nagaan wat hij of zij de voorbije dagen gegeten heeft. Misschien heb je wel puur op slaatjes geleefd en is het dringend tijd voor wat gezonde vetzuren. Leer balanceren en luisteren naar je lichaam", besluit Sheth.