Exclusief voor abonnees

Het leven als geschenk: 3 hartverwarmende verhalen van lezers over hoe hun leven weer glans kreeg

Getty Images/iStockphoto
Een stel nieuwe organen, een boek of een mirakelbaby: voor deze drie lezers eindigt 2019 met een knal. Drie hartverwarmende verhalen over hoe hun leven weer glans kreeg.

Lisa (28) kreeg dit jaar een nieuw leven dankzij een donor: “Mijn longcapaciteit is al drie keer zo sterk als voordien”

Greetje Van Buggenhout

Tot mijn 20ste had mijn ziekte niet zo’n grote impact. De mucoviscidose leidde vooral tot darmproblemen, maar met medicatie viel daar goed mee te leven. Als kind heb ik me nooit een buitenbeentje gevoeld. Pas na mijn studies veranderde dat. Na een zware longinfectie recupereerde ik maar heel moeizaam. Ik kreeg de ene infectie na de andere en dat veroorzaakte telkens schade aan de longen. De ziekte nam steeds meer de bovenhand. Ik moest mijn studie orthopedagogie opgeven, Chiro stopzetten … Van uitgaan en een sociaal leven was al helemaal geen sprake meer. De voorbije vier jaar draaide alles om mijn gezondheid. Ik moest elke dag naar de kinesist om slijmen los te maken, drie keer per dag aerosollen, een hoop pillen slikken en ik volgde de ene antibioticakuur na de andere. Soms sloeg die aan, soms ook niet. Ik lag steeds vaker in het ziekenhuis ...”

“Met een longfunctie van minder dan 30 procent kwam ik in aanmerking voor transplantatie. Na een reeks onderzoeken stond ik begin dit jaar officieel op de wachtlijst. Behoorlijk zenuwslopend. Je denkt er voortdurend aan. En toch kwam het telefoontje eind juli uit het niets. Ik moest meteen naar Leuven. De hele rit heb ik gejankt, van blijdschap maar ook van angst. Ik voelde me er niet klaar voor.”

“Volgens de dokters had ik niet langer kunnen wachten. Ik was zelfs te zwak om in de spirometer (toestel dat de longfunctie meet, red.) te blazen … Het had anders kunnen lopen, maar dat wilde ik niet inzien. Volgens mijn familie ben ik een vechter. Het gaat niet anders. Je zit in een survivalmodus en blijft gaan. Grotendeels voor hen, want mijn ouders, broer, familie en vriendinnen leden er het meest onder dat ik zo slecht was. Zij hebben me erdoorheen geholpen.”

Oog van de naald

“Eind juli kreeg ik nieuwe longen en een nieuwe lever. Een ‘belangrijke’ operatie, al ben ik vrij vlot hersteld. Na zes weken mocht ik naar huis. Vóór mijn transplantatie lag ik er soms langer. (lacht) Ik was het zo gewoon om op een verkeerde manier te ademen dat het even duurde voor ik mijn nieuw longen goed wist te gebruiken. Intussen is mijn longcapaciteit al drie keer zo sterk. Mijn donor heeft me letterlijk een nieuw leven gegeven. Dat ik van die vieze hoest af ben, is de grootste verandering. Vroeger hoorden anderen me al van ver aankomen. Ik ben door een heel klein oogje van een naald gekropen. Daar ben ik mijn donor en zijn familie heel dankbaar voor. Het is niet vanzelfsprekend om aan orgaandonatie te denken op het moment dat je iemand verliest. Maar je kan er zoveel levens mee redden. Het is het mooiste dat je voor iemand kan doen. Dankzij hen heb ik weer een toekomst. Ik hoop binnenkort voor het eerst te kunnen gaan werken. En na al die jaren wil ik weer eens op de latten staan. Verder in de toekomst kijk ik niet. Eerst wil ik mezelf en mijn lichaam weer op punt stellen, de rest komt later wel.”

Met zijn boek wil Bram (31) burn-outlotgenoten een hart onder de riem steken: “Mijn ontslag heeft voor een duwtje in de rug gezorgd”

Greetje Van Buggenhout

Een boek met mijn naam erop ligt sinds enkele weken in de winkel. Ik moet mezelf nog in de arm knijpen om het te beseffen. Om die droom waar te maken, moest ik eerst een donkere periode door. Op mijn 28ste ging het licht uit. Op een ochtend raakte ik amper uit mijn bed. Ik was doodmoe, moest braken, mijn maag lag overhoop … Mijn toenmalige vriend had wel gezien hoe ik de laatste weken veranderd was en het werk alsmaar moeilijker kon loslaten. Zelf dacht ik aan een buikgriepje. Op aanraden van de dokter nam ik wat rust, maar na drie weken thuis voelde ik me niet beter. Intussen ging ik ook bij een psycholoog. Zij liet voor het eerst het woord ‘burn-out’ vallen. Ik was nog maar amper vijf jaar aan het werk en zat in de fleur van mijn leven. Dat ik op mijn 28ste al opgebrand zou zijn, kon ik moeilijk aanvaarden.”

“Die eerste weken heb ik slapend doorgebracht. Een douche nemen voelde als een marathon lopen. Zelfs lezen of Netflix kijken lukte niet. Het leek alsof ik niet meekon met het ritme van de maatschappij. Erover praten vond ik moeilijk, maar tegelijkertijd kwetste het ook als anderen er niet naar vroegen. Ik schaamde me en begreep niet wat er met me gebeurde. Zou dit ooit voorbijgaan?”

Inzicht in mezelf

“Iedereen zei me hoe belangrijk het was om weer dingen te doen die me energie gaven. Schrijven is altijd mijn passie geweest, dus begon ik na een maand of vier een dagboek bij te houden. De dingen op papier te zien, hielp me om ze beter te begrijpen. Het gaf me nieuwe inzichten. Ik sprak dan wel niet vaak over mijn burn-out, maar door erover te schrijven, was het verhaal wel verteld.”

“Mijn ontslag heeft voor een duwtje in de rug gezorgd, al maakte het me eerst erg kwaad. Ik had zo hard geprobeerd om die job goed te doen, zat al maanden thuis … en dan wilden zij geen moeite doen om me terug te halen. Dat sloeg een nog grotere deuk in mijn zelfvertrouwen. Maar achteraf gezien was het de beste beslissing, voor hen én mij.”

“Natuurlijk gaat het nu, drie jaar later, beter met me, maar ik merk dat ik alert moet blijven. Mijn burn-out heeft me doen inzien hoe belangrijk het is dat je job bij je past. Ik ben gelukkig als freelancer voor een creatief mediabedrijf, maar weet dat er meer is dan werken. Mijn burn-out heeft me veel geleerd over mezelf. Dat zie ik als een mooi cadeau. Net als mijn boek Jong en opgebrand, want zonder burn-out had ik dit nooit kunnen schrijven. Enkele vrienden die mijn dagboek gelezen hadden, overtuigden me om mijn teksten naar een uitgeverij te sturen. De beste beslissing ooit. In mijn boek geef ik mezelf behoorlijk bloot. Die openhartigheid is nodig. De burn-outcijfers swingen de pan uit, ook bij jongeren. Ik hoop met mijn verhaal mensen die een gelijkaardige strijd vechten een hart onder de riem te steken en hen te tonen dat er een uitweg is, ook al zien ze niet meteen welke.”

Lies (38) verwacht met kerst haar mirakelbaby: “Ik heb drie keer na elkaar een zwangerschapstest gedaan”

Greetje Van Buggenhout

Drie jaar lang hebben mijn vriend Matthias en ik geprobeerd om zwanger te worden. Het was al snel duidelijk dat het niet vanzelf zou gaan. Mijn natuurlijke cyclus kwam maar niet op gang. De gynaecoloog stelde voor mijn eisprong met hormoonmedicatie te stimuleren. Dat betekende: elke dag een pilletje, wekelijks een echo-
onderzoek, op het gewenste moment een inspuiting en dan seks op commando. Na zes pogingen was ik nog niet zwanger. Een operatie bleek nodig om mijn baarmoeder schoon te maken. Daarna bleek een van mijn eileiders niet te functioneren … We incasseerden de ene klap na de andere, maar bleven positief. We hadden gewoon wat hulp nodig.”

“Die eerste miskraam op zeven weken konden we nog goed plaatsen. Zoveel vrouwen maken dat mee. Maar niet veel later ging het weer mis, na twaalf weken zwangerschap, en dat hakte er diep in. Alsof dat niet genoeg was, verloor ik mijn job. Mijn toenmalige werkgever toonde nooit begrip.”

“Ivf was de logische volgende stap. Nog meer hormonen, nog meer inspuitingen en nog meer ziekenhuisbezoeken. Mijn baarmoeder herstelde steeds moeizamer en de kwaliteit van mijn eicellen nam pijlsnel af, tot er geen meer waren om terug te plaatsen. Twee jaar hormonen slikken en gepland vrijen liet ook mentaal zijn sporen na. Ik was mezelf niet meer. Matthias is negen jaar jonger dan ik. Voor hem tikte die biologische klok nog niet zo hard. Toch is hij me al die tijd blijven steunen, hij was altijd de sterke van ons tweeën. Net daarom zie ik hem nog liever dan ervoor.”

Tot ’s nachts op café

“Vriendinnen werden zwanger, voor de eerste keer en wat later nog eens ... Ondertussen vertelt iedereen je dat je het moet loslaten. Een ivf-traject palmt je agenda in: je moet op vaste tijden in de neus sprayen, inspuitingen zetten, om de haverklap naar de echo … Als je dan hoort ‘Laat het los’, dan denk je dat echt niemand je begrijpt.”

“In Leuven klonk het dat ze met de rug tegen de muur stonden. Ik hoorde dat ze in Jette iedereen zwanger kregen, dus maakte ik daar een ultieme afspraak. De wachtlijst was lang, dus gingen we eerst op vakantie. Die tijd zonder hormonen deed me deugd. Eindelijk weer roseetjes drinken en tot ’s nachts op café gaan. Het was alsof we een tweede jeugd beleefden. Als een gezin niet voor ons weggelegd was, konden we ons maar beter amuseren. Maar vooral ’s morgens begon ik me slecht te voelen. Een vriendin zei al lachend dat ik eens een zwangerschapstest moest doen. Pas na drie positieve testen drong het tot me door dat ik daadwerkelijk zwanger was. Matthias en ik hebben de hele avond gehuild. Zelfs onze vruchtbaarheidsspecialist kon het amper geloven. Maar kijk, op 25 december komt ons kindje eraan, zoals het een echte mirakelbaby betaamt. Al zal ik pas écht gerust zijn wanneer ons kindje in mijn armen ligt. Ik kan nog altijd moeilijk geloven dat het ons echt gelukt is.” 




Reacties

Alle reacties worden voor publicatie gelezen -en goed- of afgekeurd- door het moderatie-team van HLN. Elke reactie moet voldoen aan deze gedragsregels.
Je naam en voornaam verschijnen bij je reactie.