Fit- en gezondupdate: te veel sporten kan ervoor zorgen dat je meer eet, slechter presteert en andere financiële keuzes maakt

-
Getty Images -
Niets zo belangrijk als een goede gezondheid en je fit voelen. Elke week zetten we daarom de belangrijkste nieuwtjes op het vlak van gezondheid voor jou op een rij. Zo hoef je niets te missen.

1. Te veel sporten kan ervoor zorgen dat je meer eet, slechter presteert en andere financiële keuzes maakt

Je hersenen overbelasten met fysieke activiteit zou er toe leiden dat je slechtere keuzes maakt wat betreft voeding en financiën. Dat blijkt althans uit een studie die zonet verscheen in het tijdschrift ‘Current Biology’. Voor dat onderzoek werden twee groepen atleten gevraagd om zich aan een 9-wekenschema te houden. De ene groep volgde een normaal trainingsschema, de andere moest overmatig trainen gedurende 3 weken van het programma. Wat bleek? Niet alleen presteerde de laatste groep atleten slechter op de fietstest die ze moesten afleggen na 3 weken, de MRI’s van hun hersenen vertoonden ook meer vermoeidheid in het cognitieve controlegedeelte van het hersensysteem. “Cognitieve controle betekent in deze situatie het vermogen om te blijven trainen, ondanks belemmerende factoren zoals spierpijn”, vertelt een van de auteurs van het onderzoek Bastien Blain van de University College London. “En we hebben ontdekt dat er een intellectuele component betrokken is bij het sporten die een eindig vermogen heeft. Je kunt het dus niet voor eeuwig gebruiken.”

Met andere woorden: je hersenen raken opgebrand en beïnvloeden het vermogen van je lichaam om te blijven sporten. Maar dat is niet alles. Door dat deel van de hersenen te overbelasten, verminderde ook het vermogen om verleidingen te weerstaan. “De atleten kregen bijvoorbeeld de vraag of ze liever nu € 10 kregen, of € 50 binnen een halfjaar. De groep die hun lichaam overbelast hadden, kozen in vergelijking met de andere groep veel sneller voor de onmiddellijke beloning.” Kortom, te intensief sporten kan ervoor zorgen dat je andere financiële keuzes maakt.

2. App detecteert oogziektes bij kinderen

Kinderen die met een witte vlek in hun ogen op de foto staan kunnen ook slachtoffer zijn van een kanker die het meest voorkomt bij jonge kinderen. Gelukkig bestaat er nu een app die artificiële intelligentie gebruikt om foto’s te scannen en zo de ziekte op te sporen. De app, die de naam ‘White Eye Detector’ draagt, is beschikbaar voor iOS en Android, en werd getest op 50.000 foto’s van 20 kinderen met gezonde ogen en 20 kinderen met een oogziekte. Uit de resultaten blijkt dat de kinderen met de ziekte al meer dan een jaar vroeger een diagnose hadden kunnen krijgen als de ouders de app gebruikt hadden. Witte vlekken op de ogen kunnen een teken zijn van verschillende ziektes, waaronder cataract, bloedvatafwijkingen en een kanker genaamd retinablastoom. Een eerdere diagnose van retinablastoom kan gezichtsverlies en de noodzaak van behandelingen zoals chemotherapie voorkomen.

Wat de app echter niet kan is een onderscheid maken tussen witte ogen als gevolg van een oogziekte en witte vlekken die in normale of gezonde ogen voorkomen. Dat betekent dat de meeste gevallen die door de app gedetecteerd worden niets zijn om je zorgen over te maken. Toch is het geen slecht idee om je ogen te laten checken wanneer de app een afwijking detecteert. 

3. Ook bij artsen leven misverstanden over de menopauze

Nadat vorig jaar bleek dat vrouwen met klachten over de menopauze vaak met een verkeerd voorschrift buitenstappen bij hun huisarts, besloot de Belgian Menopause Society (BMS) te checken of zij dan beter af zijn bij een gynaecoloog. Helaas. Ook bij de specialisten leven er nog veel misverstanden. “We legden de artsen theoretische cases voor over vrouwen van 52 en 62 jaar”, zegt professor Serge Rozenberg van de Brusselse ULB. “84% van de artsen zou een hormoonbehandeling opstarten voor een vrouw van 52 die last had van zware opvliegers en nachtelijke transpiratie. Dat 16% dat niet doet, roept uiteraard vragen op, want dit is een doeltreffende behandeling. Verbazend genoeg start echter nog maar de helft van de gynaecologen een hormonale behandeling voor dezelfde klachten als ze een vrouw van 62 voor zich krijgen.”

Nog groter was de terughoudendheid voor hormoonbehandelingen als er sprake was van osteoporose. Professor Rozenberg: “Slechts een klein derde van de specialisten start dan een hormonenkuur bij een vrouw van 52. Dit cijfer daalt tot 14% voor een vrouw van 62. Nochtans is nagenoeg geweten dat het lichaam na de menopauze minder oestrogeen produceert, waardoor onvoldoende bot wordt aangemaakt. Sommige gynaecologen schrijven gelukkig wel calcium en vitamine D en in mindere mate bisfosfonaten om de botafbraak te verminderen. Maar de helft van de 62-jarigen wordt onvoldoende goed geholpen en dat heeft gevolgen voor hun levenskwaliteit. Ze riskeren vaker te worden geconfronteerd met botbreuken. Laat het duidelijk zijn: tot de leeftijd van 65 jaar is een vervangende hormoontherapie aangewezen als er geen contra-indicaties zijn, na 65 jaar kan het best worden overgeschakeld naar osteoporosegerichte medicijnen.” 




Reacties

Alle reacties worden voor publicatie gelezen -en goed- of afgekeurd- door het moderatie-team van HLN. Elke reactie moet voldoen aan deze gedragsregels.
Je naam en voornaam verschijnen bij je reactie.