'Seksespecifieke geneeskunde': het ene lichaam is het andere niet

Hoogleraar Vrouwengeneeskunde Tione Lagro-Janssen ijvert voor vrouwspecifieke geneeskunde

THINKSTOCK
Vrouwen mogen dan wel langer leven dan mannen, toch zijn ze minder gezond, zo blijkt uit cijfers van het Wetenschappelijk Instituut voor Gezondheid. De reden voor dat verschil zou wel eens in de manier waarop we aan geneeskunde doen, kunnen liggen. "Een vrouwenlichaam is niet gelijk aan dat van een man en daarom mogen we het ook niet op dezelfde manier behandelen", zei Toine Lagro-Janssen, hoogleraar Vrouwenstudies aan de Universiteit van Nijmegen in De Bende van Annemie op Radio 1.

Eigenlijk is heel onze geneeskunde afgestemd op het mannelijk lichaam, zegt Lagro-Janssen. Een eerste reden die de professor Vrouwspecifieke Geneeskunde daarvoor aanhaalt, is het historische verschil in deelname aan de discipline: "Vroeger waren het vooral mannen die zich in het vak specialiseerden. Aangezien aandacht altijd iets meer uitgaat naar eigen interessevelden, kwam de nadruk wat meer op het mannelijke aspect te liggen."

Een tweede reden is er eentje van puur wetenschappelijke aard: "Geruime tijd ging men ervan uit dat een mannenlichaam en vrouwenlichaam niet wezenlijk van elkaar verschilden. Dat er één universele mens was, met een uniform lichaam. Pas in recente tijden ontdekte de wetenschap dat omgevingsfactoren een heuse invloed uitoefenen op de hersenstructuur en ook de fysiologie van een mens. "Daardoor alleen al verschillen man en vrouw fysiek wezenlijk van elkaar."

Omgevingsfactoren oefenen een grote invloed uit op de hersenstructuur en fysiologie van een persoon

Toine Lagro-Janssen, hoogleraar Vrouwspecifieke geneeskunde

Andere symptomen, één ziekte

Wat dan precies de geneeskundige gevolgen zijn van een te eenzijdige benadering van het (mannelijk) menselijk lichaam? "Doordat een vrouwenlichaam anders functioneert, zullen sommige ziektes zich bij vrouwen anders manifesteren dan bij mannen." Dat blijkt vooral een probleem bij het diagnosticeren van bepaalde aandoeningen. "Omdat de symptoomomschrijving van ziektes is afgestemd op het mannelijk lichaam, worden ziektes bij vrouwen al eens over het hoofd gezien", zegt Lagro-Janssen. 

Als belangrijk voorbeeld haalt ze de vernauwing van de kransslagader aan: "Bij mannen wordt die vooral voorspeld door een drukkend gevoel achter het borstbeen. Bij vrouwen uit het zich echter vaak enkel in vermoeidheid, kortademigheid en een duizelig gevoel bij inspanningen." Maar omdat pijn in de borst de norm is, worden de klachten bij vrouwen minder snel in verband gebracht met de achterliggende ziekte, en dat is natuurlijk nefast.

Verschillend gedragspatroon

Naast een verschil in fysiologische verschijningsvorm van bepaalde aandoeningen, is er ook een genderspefifiek verschil in ziektes merkbaar, zegt Lagro-Janssen. Dat verschil is ten eerste biologisch bepaald: zo kampen vrouwen vaker met slapeloosheid, pijn in nek en schouders en algemene vermoeidheid.

Daarnaast hebben de verschillen ook veel met een afwijkend gedragspatroon van beide sekses te maken. "Terwijl vrouwen vaker komen aanzetten met problemen die met zwangerschap en anti-conceptie te maken hebben, hebben mannen vaker last van fysieke letsels ten gevolge van 'gevaarlijk gedrag'", zegt ze.

Omdat symptomen van het mannelijk lichaam de norm zijn, worden sommige ziektes bij vrouwen al eens gemist

Toine Lagro-Janssen, hoogleraar Vrouwspecifieke geneeskunde

Heroriëntatie en medicatie

Om de geneeskunde beter met de realiteit overeen te laten stemmen, zouden we de aandacht voor genderspecifieke verschillen in onze geneeskunde moeten opnemen, zegt Lagro-Janssen. En dat liefst van bij de bron af: "De heroriëntatie zou best al in de opleiding gebeuren, zodat toekomstige dokters niet alleen het verschil tussen een mannen- en vrouwenlichaam inzien, maar ook de genderspecifieke zwaktes leren kennen en het verschil in communicatie naar beide seksen toe aanleren."

Ook op vlak van farmaceutica zou er een meer genderspecifieke benadering moeten komen, zegt Lagro-Janssen. "De effecten van bepaalde geneesmiddelen zijn anders naargelang ze ingenomen worden door een man of een vrouw." Ook dit verschil zou in acht genomen én verder bestudeerd moeten worden.