Zomer zonder zorgen: zo ga je om met heimwee

Getty Images
De zomervakantie is in volle gang. Eindelijk tijd om te genieten van langverwachte qualitytime. Maar wat als ruzies, verveling of teleurstelling ook tijdens een welverdiende vakantie de kop opsteken? Deze week vertellen experts An Coetsiers en Roxanne Chorkawa hoe je met zo’n euvel omgaat. Vandaag: heimwee.

Van vakanties verwachten we enorm veel”, zegt An Coetsiers, kinderpsychologe en gedragstherapeut bij De Praatdoos. “We moeten plezier maken, samen leuke dingen ondernemen ... Maar die torenhoge verwachtingen bieden gen garantie op succes. Moeilijke emoties horen bij het leven. En dat is op vakantie niet anders.” 

Zo is het geen sinecure om negen weken schoolvakantie te overbruggen. Heel wat ouders kijken dan ook uit naar het moment waarop zoon- of dochterlief met de jeugdbeweging of sportvereniging op kamp vertrekt. Maar wat als je kind minder enthousiast is en over heimwee klaagt? “Peil eerst en vooral naar wat je kind precies mist”, zegt An Coetsiers. “We denken vaak dat kinderen hun ouders missen, maar dikwijls hebben ze heimwee naar hun vertrouwde omgeving: hun kamer, lego …”

Goede voorbereiding is key

Ook de angst voor het onbekende kan meespelen. “Wat gaan we op kamp doen? Waar zal ik slapen? Wie zal daar allemaal zijn? Een goede voorbereiding is sowieso heel belangrijk. Bekijk samen met je kind alvast wat foto’s op het internet, ga eventueel ter plekke een kijkje nemen, vraag bij de organisatie extra informatie op … Dat zorgt alvast voor meer houvast.” 

Je kind voorbereiden doe je idealiter niet alleen vlak voor de start van het kamp. Het is een goed idee om er ook tijdens het schooljaar aan te werken. “Laat je kind al eens oefenen met een logeerpartijtje bij grootouders of vriendjes. Sommige kinderen gaan tijdens het jaar amper weg van hun ouders en moeten dan tijdens de zomervakantie plots op slaapkamp vertrekken. Dat is een erg grote stap.”

“Bespreek het thema heimwee met je kind”, benadrukt de kinderpsychologe. “Ik merk dat ouders dat vaak doodzwijgen, terwijl heimwee an sich geen probleem hoeft te zijn. Zelfs volwassenen hebben er soms last van. Je kan tijdens het gesprek met je kind samen nadenken over wat op moeilijke momenten zou kunnen helpen. Een vertrouwenspersoon bij wie het terechtkan? Een vriendje of broer of zus in de buurt? Misschien kan een zakje met hulpmiddeltjes (een knuffel, foto, lievelingsspeelgoedje …) zinvol zijn? Zo vertrekt je kind met het idee dat het tools heeft om met heimwee om te gaan.”

Wanneer is er meer aan de hand?

“Een beetje heimwee is niets om je echt zorgen over te maken”, stelt Coetsiers nog gerust. “Kinderen die het één of twee dagen moeilijk hebben, komen daar wel door en leren er ook van. Maar bij kinderen die een hele week van slag zijn, is er meer aan de hand. Pushen vind ik dan geen goed idee. Elke negatieve ervaring kan de angst om te vertrekken versterken. Ga dan op zoek naar wat het je kind zo moeilijk maakt en probeer daarrond te werken voor je een volgend kamp boekt. Bespreek ook wat er gebeurt als alle hulpmiddelen niet werken: elk plan heeft ook een noodplan nodig.”




Reacties

Alle reacties worden voor publicatie gelezen -en goed- of afgekeurd- door het moderatie-team van HLN. Elke reactie moet voldoen aan deze gedragsregels.
Je naam en voornaam verschijnen bij je reactie.